Beleggers in Oostenrijkse probleembank gekort

De Oostenrijkse autoriteiten hebben gisteren besloten om een van de probleembanken in het land niet langer overeind te houden.

De bankentoezichthouder gaat komende tijd een plan uitwerken om de bank op ordelijke wijze te sluiten. Daarbij zullen schuldeisers van de bank zeer waarschijnlijk een fors deel van hun investering kwijtraken. Hun verliezen kunnen naar schatting oplopen tot ongeveer 8 miljard euro.

Het gaat om de bank Heta, een afsplitsing van de tijdens de crisis in problemen gekomen Hypo Alpe Adria bank. Die bank moest in 2009 genationaliseerd worden. De slechte leningen werden daarop uit Hypo gehaald en overgeheveld naar een zogenoemde bad bank, Heta. Die bank, een kleine voor Oostenrijkse begrippen, bezwijkt nu onder die leningen.

Het is voor het eerst sinds de bankencrisis op Cyprus in 2013 dat de autoriteiten van een land in de eurozone besluiten een bank gecontroleerd te laten omvallen, waarbij vooral schuldeisers gekort worden.

Dit bail-in-principe is sinds 1 januari 2014 de norm in Europa. Het werd op Cyprus voor het eerst toegepast, maar werd later mede door eurogroepvoorzitter Dijsselbloem tot algemene regel verheven. De regel is bedoeld om belastingbetalers beter te beschermen tegen nieuwe bankenproblemen.

De Oostenrijkse autoriteiten kwamen tot hun stap toen er, na onderzoek, opnieuw een enorm kapitaalgat bij de bank was ontdekt.