VS willen 150 betrokkenen massamoord Srebrenica uitzetten

Nieuwsgierige moslimstrijders omringen in maart 1994 een gestrande vrachtwagen van het Dutchbat-konvooi in de Moslim-enclave Srebrenica. ANP / Ed Oudenaarden

De Amerikaanse immigratiedienst heeft zeker driehonderd Bosniërs in het vizier die nu in de VS wonen maar schuldig zouden zijn aan het plegen van wreedheden in oorlogstijd. De helft van hen zou betrokken zijn geweest bij de massamoord in Srebrenica, waar Nederlandse VN-militairen gestationeerd waren.

De Amerikaanse autoriteiten willen die 150 Bosniërs het land uit zetten vanwege hun vermoedelijke betrokkenheid bij oorlogsmisdaden, bericht The New York Times.

Uit informatie van de Amerikaanse immigratiedienst blijkt dat mogelijk de helft van de driehonderd Bosniërs betrokken was bij het bloedbad in Srebrenica. Daar werden ondanks de aanwezigheid van het Nederlandse Dutchbat in 1995 duizenden ongewapende moslimmannen vermoord door Bosnische Serviërs.

De autoriteiten zeggen dat de lijst met verdachten mogelijk meer dan zeshonderd namen gaat bevatten aangezien het onderzoek nog loopt. “Hoe meer we zoeken, hoe meer we vinden”, zegt Michael MacQueen van de immigratiedienst. Hij deed eerder onderzoek naar nazi’s die na WOII in de VS gingen wonen. Hij noemt het in de krant “obsceen” dat oorlogsmisdadigers een tweede kans krijgen.

Na de oorlog in Joegoslavië werd door de Amerikaanse immigratiedienst niet gekeken naar de achtergronden van Bosniërs die asiel aanvroegen. Er werd vrijwel volledig vertrouwd op de eerlijkheid van de aanvragers over betrokkenheid bij oorlogsmisdaden en hun antwoorden werden nauwelijks gecontroleerd.