Test met DNA-injectie vindt elke kanker

Onderzoekers van Stanford University kunnen kanker in het lichaam aantonen door een stukje DNA in te spuiten. Zo’n test kan bepalen of een kankerbehandeling resultaat heeft, of kan tumoren in een vroeg stadium opsporen (PNAS, 23 februari online).

Er is grote behoefte aan een test die universeel is voor alle vormen van kanker. Zo’n test moet een ‘biomarker’ opsporen: een stof die alleen door kankercellen wordt geproduceerd.

De onderzoekers ontwikkelden zo’n biomarker: het enzym SEAP. Dit enzym is alleen actief tijdens de embryonale ontwikkeling. Daarna is het gen voor SEAP werkloos. SEAP is makkelijk in het bloed aan te tonen. Als het dus zou lukken om het gen alleen in kankercellen te activeren, zou dat de universele biomarker kunnen zijn.

Dat lukte door aan het gen een promotor te koppelen: een stukje DNA dat bepaalt of het gen actief wordt – een soort schakelaar. De onderzoekers kozen voor de promotor van een gen dat in kankercellen altijd aan staat en in gezonde cellen nooit. Daardoor wordt in de kanker eerst de promotor geactiveerd, en daarna het SEAP-gen.

De Amerikaanse onderzoekers spoten het SEAP-gen met de promotor in bij muizen met kanker. De kankercellen gingen vervolgens het embryonale enzym SEAP aanmaken. Na twee dagen was het enzym meetbaar in het bloed. De concentraties van SEAP hielden gelijke tred met de omvang van de muizentumoren. Of de test bij mensen even goed werkt, moet nog blijken. De vraag is ook of mensen – zeker als ze nog niet ziek zijn– een bloedtest accepteren waarbij ze DNA ingespoten krijgen.