Miljoenen extra tegen dreigingen van terreur

Het kabinet trekt de komende jaren 128,8 miljoen euro extra uit om de dreiging van terrorisme en jihadisme in Nederland tegen te gaan. Aanleiding is het „duurzame karakter van het huidige dreigingsbeeld”. Sinds 2013 staat het dreigingsbeeld in Nederland op substantieel, het op één na hoogste van vier niveaus. Het betekent dat de kans op een aanslag in Nederland reëel is.

Het extra budget is een gevolg van een analyse die het kabinet afgelopen weken heeft gemaakt over de inzet die nodig is op middellange en lange termijn bij marechaussee, politie en veiligheidsdiensten. Tweeënhalve week geleden zeiden premier Rutte en minister Opstelten (Veiligheid en Justitie, VVD) in de Tweede Kamer nog dat de diensten op dit moment genoeg capaciteit hadden „om te doen wat er moet gebeuren”.

In 2015 krijgen alleen de marechaussee en de rapid response teams van de Dienst Speciale Interventies er geld bij; samen 24,9 miljoen euro. Die teams zijn permanent aanwezig in een aantal grote steden in Nederland, zodat er een korte aanrijtijd voor calamiteiten is. „Dit concept is zonder versterking niet mogelijk om langdurig uit te voeren”, schrijft het kabinet aan de Tweede Kamer. Vanaf 2016 krijgen ook de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) en de MIVD er budget bij, net als de politie en het Openbaar Ministerie. De AIVD krijgt er in 2020 40 miljoen structureel bij. Voor preventieve maatregelen, zoals hulp bij deradicalisering, wordt jaarlijks 12 miljoen euro extra uitgetrokken.

Waar het kabinet het geld vandaan gaat halen, is nog niet duidelijk. De coalitiepartijen – plus de drie constructieve oppositiepartijen – gaan nog onderhandelen over de overheidsfinanciën van het lopende begrotingsjaar. Al is dit besluit verre van controversieel; in de Tweede Kamer drongen CDA, D66, ChristenUnie, GroenLinks en de SGP al langer aan op extra armslag voor de diensten.