En dan nu: de grote Geert tegen Alexander-campagne

Op wie moet je letten om Den Haag te begrijpen? Deze week:

waarom Pechtold en Wilders voorsorteren op een nek-aan-nekrace.

Ofwel: hoe D66 en PVV de komende campagne denken te kapen.

Tekst Tom-Jan Meeus / Illustratie Ruben L. Oppenheimer

Onberekenbaarheid is een kunst – en voor de PVV ook een methode. Zeker in campagnetijd kon het de laatste jaren voor tv-reporters een ellende zijn te moeten hengelen naar een gesprekje met Wilders, of anders alsjeblieft een quootje. Zelden was het antwoord bevredigend: neen, misschien, mwah. Of: jullie zijn veel te links joh.

Dus terwijl andere lijsttrekkers in campagnes overaanbod creëerden, zinspeelde de PVV-leider juist op schaarste. Playing hard to get om de Wilders-honger in stand te houden.

Maar zie: de laatste weken hebben tv-journalisten ineens andere ervaringen. Vanuit de PVV komt de ene toezegging na de andere. Twee jaar terug zag Wilders nog af van een tv-debat met Pechtold. De komende weken voert hij er maar liefst twee, en wel op de spannendste momenten van de campagne: bij EenVandaag twee dagen voor de verkiezingen (18 maart), en in het slotdebat van de NOS de avond voor verkiezingsdag.

En twee jaar geleden liet de PVV-leider zijn vertrouwelingen weten dat hij onder geen beding in debat met Samsom wilde: Wilders, binnenskamers geen schim van zijn openbare zelfverzekerdheid, keek erg op tegen de debattechniek van zijn PvdA-collega.

Maar ook die beduchtheid laat de PVV-leider nu achter zich, sterker nog: deze week bleek dat Wilders op 11 maart, een week voor de verkiezingen, de degens met Samsom zal kruisen in „dat verschrikkelijke linkse programma” waarvan hij zei dat hij er „nooit, nooit, nooit” zou optreden: Pauw, van de VARA.

Intussen hoor ik in PVV-kring dat er meer surprises aankomen. Dus hier is iets aan de hand, en ingewikkeld is het overigens niet: na de voor de PVV ontgoochelende verkiezingen van vorig jaar (gemeenten, Europarlement) was zonneklaar wat Wilders de das omdeed: de opkomst. Zijn peilingen waren beter dan zijn uitslagen – omdat veel PVV-sympathisanten het nut van een stembusgang niet inzagen.

En 18 maart gaat het opnieuw om verkiezingen waar de politiek matig gemotiveerde burger zijn schouders voor ophaalt. In 2011, toen de meerderheidsvraag in de senaat ook al speelde, kwam de opkomst uit op 55,9 procent. Maar ook dat cijfer verbleekt bij Tweede Kamerverkiezingen – dan komt doorgaans tussen de 75 en 80 procent stemmen.

Dus Wilders moet er deze keer zelf voor zorgen dat zijn sympathisanten ook daadwerkelijk gaan stemmen. Zijn peilingen zijn opnieuw voortreffelijk: met D66 koploper bij bijna alle bureaus. En de landelijke thema’s die zich opdringen – het kabinet, de islam, de EU – ogen ook uiterst gunstig voor hem. Nu is het alleen nog een kwestie van afmaken.

En vanuit de VVD was er de laatste weken een opvallende bereidheid hem te hulp te schieten. Het geschutter van de partijtop inzake Mark Verheijen was zo groot dat ze in de VVD hun ergernis deze week niet meer konden onderdrukken. Ga er maar vanuit dat de term ‘opgeblazen’ voorlopig uit het partijboekje is geschrapt.

Intussen werkt ook de coalitie verder aan de eigen ongeliefdheid. Het probleem van Paars I en II (1994-2002) was dat destijds alle zuurstof aan het debat werd onttrokken. Telkens als een affaire of politiek verschil van inzicht een gevaar voor de coalitie opleverde, kwamen PvdA- en VVD-paladijnen uit de coulissen om te beletten dat er een Kamerdebat kwam. Zo was Paars voortdurend in staat alle echte discussie uit te stellen – en de oppositie de keel af te knijpen.

Het ontmoedigende is dat we nu exact hetzelfde zien. Twee regeringspartijen die elkaar trouw blijven – in elk geval voor de duur van de campagne. Maar het is trouw zonder vertrouwen.

De oppositie moest deze week de gekste toeren uithalen om een debat over het Groninger gas af te dwingen. En het schandaal rond de ICT-adviseur van de politie, onthuld door deze krant, die in twee jaar 1,3 miljoen euro vergoed kreeg, werd door de coalitie gewoon weer in een of andere uitstelprocedure geduwd. Tinkebell had het verzonnen kunnen hebben.

In de werkelijkheid zou natuurlijk geen PvdA’er het ooit op kunnen brengen deze betalingen, goedgekeurd door een VVD-minister (Opstelten), uit zichzelf te verdedigen. Maar de coalitiedwang is blijkbaar zo groot dat sociaaldemocraten zelfs op dit punt maar te zwijgen hebben. Repressie als bindmiddel.

Intussen is het ook in de PVV nog steeds geen feest. Op de gangen maken ze rauwe grappen over het moment dat media cv’s van provinciale kandidaten gaan controleren. En Wilders zelf betaalt nu de prijs voor het verlies van zijn vele vertrouwelingen vorig jaar: zijn enige waardevolle adviseur is nu nog Martin Bosma, maar hun verhouding blijft stroef.

Ook waart de naam Bram Moszkowicz, de oud-advocaat van Wilders, weer in de partij rond. Uit e-mails die rondgaan blijkt dat PVV’ers de gevallen advocaat willen inlijven nu Moskowicz vorige week, in Business Class van Harry Mens, vertelde „in gesprek” te zijn over een overstap naar de politiek. Veel wijst erop dat Moskowicz niet naar de PVV wil – met als mogelijk gevaar dat de oud-advocaat zich vanuit een andere partij als electorale concurrent van Wilders opwerpt. Typisch zo’n vooruitzicht waar de PVV-leider uiterst nerveus van kan worden.

Maar voorlopig zijn de campagnevooruitzichten gunstig voor hem. Je kon het donderdagavond in de Haagse Schilderswijk zien, toen Pechtold er een campagnestop maakte. Hij stond amper op het podium – ze waren nog D66-borden aan het binnendragen – of Pechtold sprak de woorden die we de komende weken vaak zullen horen.

De peilingen, zei hij, lieten „een nek-aan-nek race” tussen D66 en PVV zien. En dus gingen deze verkiezingen over de vraag „wie de grootste” werd: „De partij van de redelijkheid of de partij van het extremisme.”

Dat is dus het strijdplan: zoals VVD en PvdA elkaar in 2012 groot maakten door te polariseren, zo proberen PVV en D66 datzelfde deze keer. Van weerskanten zijn de voorbereidingen rond: de grote Geert-tegen-Alexander campagne kan beginnen.

Niet dat dit voor Pechtold geen risico’s heeft. In een plaatsbepalend interview met De Telegraaf liet hij zich vorig weekeinde op twee punten in de kaart kijken. Zo zinspeelde hij op het einde van zijn steun aan Rutte II als de coalitie later dit jaar geen belastinghervorming doorvoert.

Maar zoals Van Mierlo in 1994 de beste D66-score ooit haalde (24 zetels) na vijf jaar „oppositie vóór het kabinet”, zo is ook nu de D66-kiezer erg tevreden over de zittende coalitie. Gijs Rademaker van het EenVandaag-panel De Stemming maakte een uitdraai voor me, en dan zie je het pas goed. Prinsjesdag vorig jaar had maar 32 procent van de bevolking vertrouwen in het kabinet – de D66-kiezer: 57 procent. Drie weken terug had nog 25 procent vertrouwen in deze coalitie – de D66-kiezer: 43 procent. Dus: zinspelen op het einde van Rutte II is voor Pechtold een link spelletje.

In datzelfde interview bleek opnieuw dat de D66-voorman zijn mogelijke zege ook ziet als de vereffening van rekeningen met de PvdA. Zijn ervaringen met die partij waren nooit goed. Ook met Samsom en Asscher had hij de laatste jaren akkefietjes. Bovendien voelt hij zich, leider van de constructieve oppositie, genegeerd door de PvdA-top, bleek twee weken terug in Het Parool. Zowel Asscher, Samsom als Spekman zouden zijn uitnodigingen in de wind hebben geslagen. „Het relatiemanagement van de VVD is een stuk beter.”

Het laatste zal zo zijn. Maar ik weet niet of kiezers zitten te wachten op een partijleider die, behalve door inhoud, wordt gemotiveerd door animositeit voor een andere partij. Politiek gaat om de maatschappij - niet om de persoonlijke probleempjes van de ene politicus met de ander.

Maar goed. Zo begint deze campagne met twee kandidaat-winnaars die, op het oog, weinig meer kan gebeuren. Maar die eerder allebei in staat waren fraaie kansen te verspelen. Wilders met onverhoedse uitspraken – zie 2014, ‘minder minder’ – vlak voor de finish. Pechtold omdat hij in slotweken altijd kiezers kwijtspeelde aan traditionele partijen – zie VVD en PvdA, 2012 – die veel meer beloofden dan mogelijk was.

Deze keer hebben ze het raamwerk gelegd om herhaling te voorkomen. Nu nog zien of het stand houdt.