De ontregelneef

De heup kraakt in zijn voegen, de rug is niet meer als buigzaam riet, maar geef Henk van Spanje een badje en alle coördinaten zijn plotseling op elkaar afgestemd. Vijftig jaar en tafeltennis is geen gebruikelijke combinatie in de eredivisie. Behalve als je Henk van Spanje heet. Dan sidderen tegenstanders, hoe jong ze ook zijn. In de B-poule weliswaar, maar toch, verliezen van ‘die ouwe’ – met alle respect vanzelfsprekend – is niet fijn.

Ergens diep in dat pezige lichaam brandt een onblusbaar vuur. Korte tijd, zo’n tien jaar geleden, was de vlam gereduceerd tot een waxinelichtje en gold het badje als een relikwie uit vervlogen tijden. Niet lang, hoor. Want Henk van Spanje zonder tafeltennis is als Bassie zonder Adriaan.

De tafel is zijn compagnon. Dicht erop en dicht erboven. En retourneren maar. De tegenstander bij de strot grijpen, geen lucht geven, zo moet dat. Zodra die een bal mept, hup, terug dat ding, met vaart en spin. Gek worden ze ervan, aan de overkant. Kan het tempo niet omlaag, even op adem komen om een fijne rally te spelen? Haha, niet tegen de deze ontregelneef. En dat zullen ze merken, dit weekeinde op de NK in Zwolle.

Pas „als het echt te gek wordt”, stopt Henk van Spanje. Maar ja, wat is in zijn beleving te gek? Zestig, zeventig, tachtig? Of wordt hij de Pierlala van het pingpongen? Hoe fijn zou dat zijn.