Column

Beste Iens

‘Beste Frits, je hebt laatst bij….gegeten. Wij horen graag hoe het was. Vriendelijke groet, Iens Boswijk.” Op het stippellijntje stond de naam van een restaurant. Iens en ik kennen elkaar niet, ook al noemt ze me vertrouwelijk bij mijn voornaam. Een goed, persoonlijk contact moet ergens beginnen. Iens weet mijn voornaam omdat ik laatst via haar een tafeltje in bovenbedoeld restaurant heb gereserveerd. Zij is oprichter van de restaurantbeoordelingssite IENS, door Iens dit jaar voor een ongetwijfeld aardig bedragje verkocht aan de Amerikaanse reissite Tripadvisor. Iens is nog altijd ambassadeur van deze site.

Ik heb pas onlangs voor het eerst haar website bezocht omdat ik altijd liever afging op mijn eigen intuïtie, gemengd met de ervaringen van bekenden. Maar toen ik een bepaald soort restaurant in Amsterdam zocht, kwam ik opeens toch op haar site terecht.

Mijn eerste reactie: informatief, al die reacties van klanten. Het leek me een welkome gids bij het zoeken naar het juiste restaurant. Aandachtig las ik een aantal recensies door totdat ik merkte dat de onzekerheid over mijn keus eerder toe- dan afnam. Mijn gosj! (Als we ‘fuck’ overnemen, waarom dan niet deze Amerikaanse verzuchting?).

Er zijn voor mij enkele basisvoorwaarden waaraan een restaurant moet voldoen. Geen luide muziek, de tafeltjes niet te dicht naast elkaar, prettige bediening. Zodra recensies op een van die punten negatief zijn, laat ik het restaurant vallen.

Maar daarna begint het pas: de smaak van de recenserende klant grijpt de macht. Wat vindt hij lekker en wat niet? De meningen blijken vaak drastisch uiteen te lopen, waardoor zo’n site verwordt tot een moeras van tegenstrijdige oordelen waarin je als zoekende diep wegzakt. Goed, het resulteert in gemiddelde cijfers voor eten, service en decor, maar ook als die gunstig uitvallen, heb je soms zulke negatieve reacties moeten lezen dat de eetlust je al is vergaan.

Ik neem als voorbeeld een restaurant, waar ik ooit goed geluncht heb. Het scoort nu bij IENS de cijfers 7,9 (eten), service (7,4) en decor (7,3); ruime voldoendes dus. Maar wat schrijft de eerste klant? „Het grootste deel van de recensies is eigenlijk heel goed, helaas viel het eten toch wel tegen. (…) De bediening gaf ons een beetje het gevoel alsof men snel naar huis wilde. (…) Op zich smaakte het vlees wel ok, maar de papperige saus was daar geen combinatie bij. (…) Al met al waren we binnen 1,5 uur klaar met eten en hadden we het gevoel qua kwaliteit/prijsverhouding niet de beste restaurantkeuze voor die avond te hebben gemaakt.”

Als restauranthouder zou ik na zo’n beoordeling enkele suïcidale gedachten moeten onderdrukken, zeker als ook de volgende klant schrijft: „Het was zeer matig eten, een redelijke service en het decor was gedateerd. (…) Daardoor kregen we een beetje het ‘vreetschuurgevoel’. Kortom, geen aanrader.”

Wat maakt het dan nog uit dat een aantal andere klanten daarna roepen dat ze er zo ‘geweldig’ hebben gegeten? Als bezoeker van IENS haakte ik bij dit restaurant af – misschien ten onrechte – en koos ten slotte in arren moede voor een ander restaurant om de eenvoudige reden dat het dicht in de buurt was. Daarom zal ik Iens nu ten antwoord schrijven: „Beste Iens, ik houd mijn oordeel liever voor me, want uiteindelijk wordt niemand veel wijzer van jouw site.”