Anouk komt langzaam en rommelig op gang

Anouk in de Ziggo Dome foto ANP

Het is een beloftevolle opening: een a capella versie van I Won’t Play That Game No More. Zangeres Anouk, met haar Stevie Nicks-achtige coupe en een zwarte zonnebril, begint wat aarzelend. Maar mooi klein, en met zuivere, hoge noten. Eigenlijk precies zoals ze het liedje in 2012 met een homevideo online zette. Een uitverkochte Ziggo Dome houdt de adem in.

Boven haar, over de hele breedte van het podium, hangt een smal videoscherm dat in grofkorrelig zwart-wit beelden de show weergeeft. Midvoor, hoog boven de hoofden, hangt een gigantische kroonluchter die steeds nieuwe kleuren aanneemt. Een mooi strak podiumbeeld. Verder is de eerste show van haar tweeluik in de Ziggo Dome ontdaan van spektakel.

Anouk moet er altijd even inkomen. Even de temperatuur voelen, even landen. Bewust treedt ze niet vaak op. Door haar podiumangst heeft ze een haat-liefde verhouding met optreden. Dus ze kiest haar momenten. Dit jaar zit haar agenda echter verrassend vol met festivalshows. Zo doet ze voor de zesde keer Pinkpop.

Als de stroeve, ingetogen show van vanavond een opmaat is, heeft zij nog wat werk te doen. Voor een zeer ontvankelijk publiek kampt Anouk met een kabbelende vorm en onhandige keuzes. De begeleidingsband ontbeert onderlinge lenigheid. Anouks stevige zangkoortje is gereduceerd tot enkel de sterke Jenny Lane. En dan de artistieke selectie: moeten alle greatest-hits, vaak in een midtempo ritme, klinken, als er zoveel mooi nieuw werk is?

Anouk gelooft in ‘bloody mooie’ liedjes. Het oude denderende gitaargeluid, de robuuste rock van weleer is de laatste jaren veelal ingeruild voor een sluier van blues, soul of juist een orkestrale aanpak. Zij zong weinig van haar melancholieke, gelaagde Sad Singalong Songs. Spaarzaam waren ook de liedjes (o.a. Wigger, Last Goodbye) van haar recente Paradise and Back Again, naamgever van de shows.

Bij een rommelige uitvoering van het vierde liedje Good God stelt ze het zelf even vast: dat lukte niet zo goed hè? Tja, het schommelt allemaal erg: het geluid van de band is diffuus, de zang wisselend van niveau. En erger: het laat me onberoerd.

In het lome ritme van I’m A Cliche komt meer ontspanning, ze gaat losser zingen. Oude tophit R U Kiddin Me is een opwarmer voor de soulgroover Down & Dirty op een lekker hoekige beat. Daarin komt ze op het oude niveau. Een ingetogen Birds op begeleiding van orgelklanken is dan weer een vreemde paradox: zo kaal dat alle subtiele dynamiek van het liedje verdampt, ondanks het meezingen van de zaal.

Pas in het laatste deel krijgt Anouk echt grip. Places to Go geeft het concert een frisse zwiep. Het duet Hold Me met singer-songwriter Douwe Bob is prima. De spacefunk in Jerusalem is van hoge kwaliteit. Anouk is op haar best als zij een nummer bluesy uitbouwt met gewogen klanken, zoals in Looking for Love. Hier waren de schurende uithalen waar we zo naar uitkeken.