Vroeg schooladvies? Dat houden we zo

Staatssecretaris moet voorkomen dat middelbare scholen kinderen afwijzen om toetsscore.

Hoe rijker een gemeente, hoe meer kinderen met vwo-advies

Ondanks alle ophef: aan de regels omtrent het schooladvies verandert niets. Alles blijft bij het nieuwe.

Gisteren debatteerde de Tweede Kamer over het schooladvies, dat de afgelopen weken veel discussie opleverde. Middelbare scholen moeten leerlingen uit groep acht dit jaar voor het eerst aannemen op basis van het advies dat de basisschool geeft. En niet meer op basis van scores van de eindtoets. Maar een aantal scholen wil toch cijfers van leerlingen zien.

En dat levert frictie op. Want scores inzien, dat mag op zichzelf wel. Maar een leerling daarop afwijzen mag dan weer niet. Een groot deel van de Kamer ziet dan ook liever dat staatssecretaris Dekker (Onderwijs, VVD) de regels aanscherpt. Om te voorkomen dat middelbare scholen de informatie toch gebruiken bij hun selectie.

Maar dat gaat Dekker niet doen. Hij vindt de regels glashelder: het schooladvies is leidend en bindend. Middelbare scholen moeten de aanbeveling opvolgen. Als ze dat niet doen, grijpt de inspectie in. En in een uiterst geval kan de desbetreffende middelbare school gekort worden op de subsidie.

Intussen neemt de onrust onder ouders toe nu de deadline van 1 maart nadert – voor die datum moeten alle leerlingen uit groep acht zijn voorzien van een advies. De Landelijke Ouderraad zegt de afgelopen weken honderden telefoontjes en mailtjes binnen te hebben gekregen van ouders die niet alleen twijfelen aan de eerlijke selectie van de middelbare scholen, maar ook twijfelen aan het schooladvies van de basisschool. „Het valt de ouders tegen”, laat een woordvoerder weten.

Sommige ouders vinden het schooladvies weinig inzichtelijk. Andere hadden simpelweg een hoger advies verwacht. Er zijn ouders die vinden dat de basisschool zich te veel baseert op gegevens uit het leerlingvolgsysteem terwijl het kind net een eindspurt heeft gemaakt. Of omgekeerd; ouders die vinden dat er te veel is gekeken naar het afgelopen half jaar, terwijl het kind toen net een dipje had.

Dat is opmerkelijk. Het idee achter het schooladvies was immers dat de leerkracht de leerling het beste kent en dus ook het beste weet wat bij een kind past. Onderzoek van de Onderwijsinspectie bevestigde dat een half jaar geleden: driekwart van de kinderen zat drie jaar later in het voortgezet onderwijs op een niveau dat gelijk was aan het advies van de leerkracht van de basisschool.

Bovendien was de eindtoets omstreden geworden. Scholen gingen met kinderen massaal oefenen voor de toets. En of het echt een goed beeld gaf van de leerprestaties, was de vraag. Een leerling kon immers een slechte dag hebben of bezwijken onder de prestatiedruk – de afgelopen jaren werd de toets ook wel het eindexamen van de basisschool genoemd. Daarbij, was de klacht, selecteerden middelbare scholen te veel op de scores van de toets.

Overigens vrezen experts in het onderwijs dat de druk om te presteren op de eindtoets nog niet voorbij is. Want ouders die vinden dat de basisschool te laag heeft geadviseerd, maken nog kans op een hoger advies als hun kind op de eindtoets hoger scoort dan het gegeven advies. Basisscholen mogen namelijk het schooladvies heroverwegen – maar ze mogen het alleen naar boven bijstellen, niet naar beneden.

En zo lijkt het er vooralsnog op dat de doorstroom naar de middelbare school er niet rustiger op is opgeworden. Hoe komt dat nou?

Nederland is bijna het enige land ter wereld dat leerlingen al zo vroeg op een bepaald schoolniveau zet. Tieners van 12 jaar oud, die aan de vooravond van de puberteit staan en school niet als prioriteit zien, plaatsen we al in een hokje, zegt Wim Kuiper. Hij is voorzitter van Verus, de vereniging voor christelijk onderwijs. „Met het risico dat ze op een ander niveau worden gezet dan ze eigenlijk aankunnen.”

Daarbij komt: als je eenmaal in een richting geduwd wordt, kun je moeilijk meer van koers veranderen. Overstappen van havo naar vwo, dat is in het huidige onderwijssysteem erg lastig. Brede brugklassen, waar leerlingen van verschillende niveaus in één groep zitten, zouden mogelijk een oplossing zijn. We stellen dan het voorsorteren uit tot pubers weer meer focus krijgen, zegt Kuiper. Het zorgt ook voor een geleidelijke overgang.

En ouders, die hoeven dan niet meer bang te zijn dat de toekomst van hun kind afhangt van dat ene moment in groep acht.