Vrijheid, gelijkheid, snelheid

Moeten internetproviders grote en kleine bedrijven precies dezelfde toegang geven? Na intensieve lobby valt vandaag in de VS een besluit.

Marvin Ammori ziet een groot gevaar: het vrije, open internet waarmee hij groot is geworden, wordt bedreigd. De plek „waar niemand wordt voorgetrokken, waar iedereen gelijk is”, zegt de lobbyist en internetactivist uit Boston. Maar om hem heen zag niemand het probleem. Het was te technisch, te ingewikkeld, te saai.

Wat doe je dan? Bellen. De hele dag, honderden telefoontjes. „Ik heb inmiddels voor iedere groep een aangepaste boodschap. De consument, de lobbyist, de politicus. Ik heb geleerd welke woorden werken en welke niet.”

Ammori is verbonden aan de organisaties Demand Progress en Fight for the Future, die zich bezighouden met internetvrijheid. Hij houdt dezer dagen kantoor in Washington, waar hij in een Starbucks-filiaal onophoudelijk aan het bellen is.

In Washington gebeurt het. De Federal Communications Commission (FCC), een onafhankelijk opererende overheidsinstantie, neemt vandaag een besluit over zogenoemde netneutraliteit. De vraag staat centraal of internet als een dienst van openbaar nut beschouwd moet worden, en onder de wet op de telecommunicatie valt. Het lobbywerk van Ammori heeft succes: vrijwel zeker stemt de FCC voor netneutraliteit.

Gelijke plek voor iedereen

Het klinkt bureaucratisch, erkent Ammori, maar er hangt veel vanaf. „Het gaat over de toekomst van internet. Is het een gelijke plek voor iedereen, of een plek waar grote bedrijven meer rechten hebben dan kleine?”

De kwestie waarover de FCC zich buigt, is deze: mogen internetaanbieders de inhoud van sommige sites blokkeren? En: mogen ze bedrijven tegen betaling voorrang bieden? Door het creëren van ‘snelwegen’ en langzamere wegen zijn grote spelers, zoals YouTube, beter bereikbaar. En websites van bedrijven die niet betalen, meestal kleinere bedrijven, worden trager. Dit levert de providers niet alleen geld op, het geeft ze ook de macht bedrijven voor te trekken of juist te straffen. Zoals Netflix het stelde: „De aanbieders kiezen straks de winnaars en verliezers op internet.”

Internetactivisten en honderden kleine en grote techbedrijven als Google, Facebook, Amazon en Netflix hebben zich achter Ammori geschaard, en zijn vóór striktere regels die netneutraliteit garanderen. Grote internetaanbieders en telecombedrijven als Verizon, Comcast en AT&T zijn tegen, en beschuldigen Ammori van paniekzaaierij en regeldrift.

Strijd tegen regelzucht

Volgens internetproviders zijn regels om netneutraliteit te garanderen niet nodig. Ze zijn belemmerend voor de industrie, zeggen ze, en lossen een probleem op dat niet bestaat.

Volgens de voorstanders gaat het bij netneutraliteit om een strijd om vrijemeningsuiting, de tegenstanders maken er een strijd van tegen meer regels. Comcast-bestuurder David Cohen schreef op de site van zijn bedrijf dat hij het „in vrijwel alles” met de pleitbezorgers van netneutraliteit eens is. Alles wat zij willen, gebeurt in feite al, aldus Cohen. „Een vrij en open internet: eens. Dat doen we al. Geen blokkades: eens. Dat doen we al. Geen betaalde voorrang: eens. Dat doen we al.”

Onzin, aldus Harvard-hoogleraar rechten Susan Crawford. Netneutraliteit wordt volgens haar nu al geschonden, omdat het mag. In januari 2014 oordeelde een federale rechter dat internetaanbieders bedrijven extra mogen laten betalen voor snelle toegang. Amerikaanse consumenten merkten meteen het verschil, zonder dat ze doorhadden dat het met netneutraliteit te maken had.

Neem YouTube, zei Crawford op radiozender NPR – soms duurt het veel langer voordat een filmpje geladen is. „Je denkt al snel: het ligt aan de app. Of er is iets mis met je computer. In werkelijkheid is het waarschijnlijk de internetaanbieder die YouTube wil pesten, omdat YouTube niet wilde betalen voor snelle toegang.”

Of neem Netflix, de videodienst die op piekuren voor ruim 30 procent van het Amerikaanse internetverkeer zorgt. Netflix is om financiële redenen voor netneutraliteit. Het bedrijf betaalt nu al miljoenen dollars per jaar aan aanbieder Comcast om films sneller te laten streamen (het precieze bedrag is niet bekend). Toen Comcast en Netflix hierover onderhandelden, daalde de snelheid van Netflix met ruim 25 procent. Toen de deal rond was, werd de site 25 procent snéller.

Obama ging om

De zaak voor netneutraliteit leek vorig jaar min of meer hopeloos. FCC-directeur Tom Wheeler, een voormalige lobbyist van de telecomindustrie, was tegen het opleggen van extra regels aan een opkomende industrie. President Obama had Wheeler aangesteld en leek daarmee op de hand van telecombedrijven. In mei vorig jaar schreef Ammori een brief aan Wheeler: als er geen netneutraliteit kwam, stond „de toekomst van internet” op het spel. Ammori gaf zichzelf weinig kans. Het afgelopen jaar gaf het nee-kamp circa 75 miljoen dollar uit aan lobbywerk. Toch slaagde hij erin de brief te laten ondertekenen door grote bedrijven, zoals Google en Netflix. Google besteedde vorig jaar 17 miljoen dollar aan lobbyen op Capitol Hill.

Niemand weet precies waarom, maar Obama ging om. Volgens sommige analisten was hij gevoelig voor de argumenten van Silicon Valley. Volgens anderen waren het de ruim vier miljoen Amerikanen die per e-mail pleitten voor netneutraliteit.

Actieve internetgebruikers zijn de afgelopen maanden gemobiliseerd door het voor-kamp. Grote sites lieten het beruchte ‘laden’-plaatje zien, waardoor het leek alsof ze te traag waren om te bereiken. Ook de Britse satiricus John Oliver pleitte voor netneutraliteit. Zijn tirade is op YouTube acht miljoen keer bekeken.

President Obama sprak zich eind januari in zijn jaarlijkse toespraak voor het Congres, de State of the Union, uit voor strengere regels. In een filmpje op de site van het Witte Huis zegt hij: „Netneutraliteit heeft de invloed van internet vergroot, en vernieuwers de kans op succes gegeven.” De Republikeinen beschuldigen Obama ervan de officieel onafhankelijke FCC onder zware druk te hebben gezet. FCC-directeur Tom Wheeler,Wheeler, die altijd kritisch stond tegenover netneutraliteit, is sinds enkele maanden óók een pleitbezorger geworden. Verdacht, vinden Republikeinen.

Als de FCC vandaag akkoord gaat met regels voor netneutraliteit, kan de rechterlijke uitspraak van vorig jaar teniet worden gedaan. Maar dan is het gevecht nog niet afgelopen: het Congres, waarin de Republikeinen de meerderheid hebben, kan met eigen regels komen.