Bouw kampt met zwakke financiën

De bouw lijkt aan te trekken, maar de financiële positie van de grote bouwers is zwak. Wat zijn hun grootste problemen?

Heijmans, Boskalis en Volker Wessels werken in Schiedam aan de aansluiting van de A4 vanuit Delft op de A20 bij Rotterdam. Het traject van 7 kilometer wordt deels verdiept aangelegd en deels ondertunneld. Foto Ton Borsboom/ANP

Eerst het goede nieuws: in Nederland wordt weer meer gebouwd. Het matige nieuws: dat is niet te zien in de cijfers van de grote bouwbedrijven. Vandaag publiceerde bouwbedrijf Heijmans in Rosmalen, de derde grote bouwer van Nederland, de jaarcijfers van 2014. Vier lastige zaken voor Heijmans (en concurrenten).

Er is te weinig te doen

Er zijn te veel grote bouwers in Nederland. Of, anders bekeken, de bouwbedrijven zijn te groot. Er is te weinig werk voor hen samen. En omdat ze er allemaal nog zijn, krimpen ze. Bestuursvoorzitter Bert van der Els van Heijmans gaf in november al een winstwaarschuwing en kondigde aan dat er 200 banen verdwijnen bij de slecht presterende utiliteitsbouw, de afdeling die ziekenhuizen, scholen en kantoren bouwt. Bij Heijmans werken 7.600 mensen, in 2009 waren dat er nog 10.000.

Ook de anderen krimpen. BAM, de grootste, kondigde vorig jaar aan dat er 650 banen verdwijnen, vooral op kantoor in Nederland. In 2009 had BAM nog ruim 28.000 mensen in dienst, nu 23.000. Ballast Nedam, dat nog geen cijfers over 2014 heeft gepubliceerd, ging in een paar jaar van 4.000 naar 3.000 medewerkers.

De bouw trekt wel aan. Het aantal opdrachten voor Heijmans groeide van 1,7 miljard naar 2,3 miljard eind 2014. Maar dat kwam toch te laat om het banen schrappen te vermijden. Beleggers zijn wel enthousiast over de aantrekkende markt. De koersen van BAM en Heijmans zijn afgelopen weken gestaag gestegen.

De marges zijn te laag

Om te overleven in een moeilijke markt, hebben bouwers jarenlang projecten aangenomen tegen te weinig geld. Dat wreekt zich bij Heijmans, vooral bij de infrastructuurtak waar de marges heel laag zijn. Die tak drukt zwaar op het resultaat, schreef Van der Els vanochtend in een toelichting.

Bijkomend effect van krap begroten is dat bouwers niet alle risico’s vooraf goed in kaart brengen. Want wie te veel gevaren (met mogelijke kosten) opneemt in de offerte, verliest het van zijn opportunistischere concurrent.

Bouwers zetten nu in op ‘de kwaliteit van het orderboek’: minder riskante en beter betaalde projecten. Maar ze kunnen nog verrast worden door spoken uit het verleden. BAM moest afschrijven op Ierse tolwegen en leed verlies op twee bouwprojecten in Ierland en Groot-Brittannië. Ballast Nedam verloor 100 miljoen euro op de verbreding van de A15. En Heijmans? Die zit met een onverwachte strop van 11 miljoen door een geschil over een energiefabriek in Tilburg. En de slecht betaalde infraprojecten lopen nog wel een tijdje door, zegt beursanalist Philip Ngotho van ABN Amro. „Het orderboek draagt daardoor de nodige risico’s.”

Te weinig buffer voor tegenslagen

Door de lage marges hebben bouwers ook weinig buffer om tegenslagen op te vangen. De solvabiliteit van de grote bouwers – het percentage eigen vermogen op het totale vermogen – is met een gemiddelde van onder de 20 procent mager. Maar vergeleken met de concurrenten heeft Heijmans nog best wat buffer. Eind 2014 was de solvabiliteit 27 procent.

Wie er ook goed voorstaan, zijn de niet-beursgenoteerde bouwers TBI uit Rotterdam met 30 procent en VolkerWessels uit Amersfoort met 25 procent. Ballast Nedam had met een solvabiliteit van ruim 10 procent nauwelijks capaciteit voor tegenvallers.

Heijmans doet dat dus prima. Maar analist Michel Aupers van Rabobank wijst erop dat het bedrijf wel behoorlijk veel schuld heeft in verhouding met het bruto bedrijfsresultaat. Daar zal nu scherp op gelet worden.

Grondposities zijn een risico

Lijken bouwbedrijven meer waard dan ze zijn? Dat ligt deels aan de waarde van de ‘grondposities’ op de balans: grond, koopopties, ontwikkelrechten. Die zijn afgelopen jaren minder waard geworden. Soms wordt er helemaal niet meer op de grond gebouwd, soms komen er goedkopere huizen op dan gepland.

Bouwers moeten dus de waarde bijstellen, maar hoeveel? BAM schreef in 2014 93 miljoen euro af op grond. Ballast Nedam deed dat al in 2013 en 2012. Niemand weet of dat genoeg is. De 142 miljoen euro grond die nu op de balans staat, is meer dan de 90 miljoen euro eigen vermogen. Nog verder afschrijven is dus levensgevaarlijk.

Een kwart van Heijmans’ bezittingen bestaat uit grondposities. Dat is veel, vergeleken met concurrenten. Daarop afschrijven telt dus zwaar mee. Afgelopen jaar heeft Heijmans 14 miljoen afgeschreven. Is dat genoeg?