Als Gertrude (31) wordt uitgezet, dan moet de Nederlandse Gabrielle (2) mee

De tweejarige peuter Gabrielle moet mogelijk naar Kameroen verhuizen. Al heeft ze de Nederlandse nationaliteit. Hoe kan dat?

Beeld Flickr/HugoVK by CC/Thinkstock/Peter Lipton Bewerking NRC

Gabrielle Edoa is een vrolijk meisje. Met haar lichtblonde kroeshaar dat recht omhoog staat, drentelt ze door het Hengelose appartementje van haar moeder Gertrude (31). Brabbelen doet Gabrielle (2) vooral in het Nederlands, met soms een Franse of Engelse kreet ertussendoor. „Ik ook”, roept ze wanneer haar moeder koekjes uitdeelt aan het bezoek. Op de televisie kijkt ze naar Z@ppelin.

Gabrielle is Nederlands en lijkt op een gewoon Nederlands kind van multiraciale afkomst. Toch is haar situatie bijzonder. Moeder Gertrude heeft te horen gekregen dat ze terugmoet naar Kameroen. Wanneer haar bezwaar hiertegen vergeefs blijkt dan zullen moeder en dochter gezamenlijk afreizen naar Kameroen. Dat is Gertrudes vaderland, maar Gabrielle heeft in haar jonge leven nog nooit voet op Afrikaanse bodem gezet.

„Ik ben al vijf jaar in Nederland en ik wil dat mijn Nederlandse dochter hier haar leven op kan bouwen”, zegt Gertrude stellig. „Mij uitzetten betekent ook haar uitzetten, want haar Nederlandse vader weigert voor haar te zorgen. No way dat ik haar bij die vent achterlaat en dan zelf vertrek. Nederland zou dan dus een Nederlands kind naar Afrika sturen.”

Het wordt een juridisch gevecht

Immigratieadvocaat Pieter Krop van Kroes advocaten herinnert zich zijn eerste gesprek met Gertrude nog goed. „Gertrude was doortastend en to the point. Ik kwam er gaandeweg achter dat dit een bijzondere zaak is, en volgens mij een heel sterke. Volgens het zogeheten Zambrano-arrest uit 2011 worden de rechten van een Europees kind geschonden wanneer de ouder die voor hem of haar zorgt de Europese Unie wordt uitgezet. Met andere woorden: Nederland moet een verblijfsvergunning geven aan de Kameroense Gertrude, omdat anders de Nederlandse Gabrielle ook noodgedwongen de EU uitmoet.”

Zambrano, genoemd naar een Colombiaanse man die in 2011 succesvol uitzetting uit België aanvocht bij het Europese Hof van Justitie, is inmiddels een begrip onder immigratieadvocaten. Maar het arrest kan op verschillende manier worden uitgelegd.

Voor een second opinion bezoeken we Corrien Ullersma, specialist migratiezaken bij Prakken D’Oliviera – voorheen Böhler advocaten. Zij denkt ook dat Gertrude het recht moet krijgen om in Nederland te blijven. „Maar het zal een flink juridisch gevecht worden om haar gelijk te halen.”

Hij zou weggaan bij zijn vrouw

Gertrude, een ambitieuze en mooie, jonge vrouw, besloot na haar middelbare school in Kameroen verder te studeren in het buitenland. „En dus ging ik zoeken op internet”, vertelt ze. „Daar kwam ik een aantal Nederlandse hogescholen tegen, waaronder Saxion in Enschede. Mijn vader verdiende goed en zei: ga maar studeren, ik zal je altijd ondersteunen. Zo kwam ik in september 2009 in Nederland aan.”

Ze begon aan een hbo-studie elektrotechniek. „Ik wilde na het hbo doorstromen naar de universiteit. Maar in 2011 ontmoette ik tijdens mijn stage een leuke man. Hij had een vrouw en een kind, maar we kregen een relatie. Hij vertelde me bij zijn vrouw weg te willen en met mij verder te gaan. Achteraf gezien stom natuurlijk, maar ik geloofde hem.”

Gertrude raakte zwanger en er leek in eerste instantie niets aan de hand. „Hij bleef beloven dat we samen verder zouden gaan.” Later veranderde die houding. „Opeens wilde hij toch zijn eerste vrouw en kind niet kwijt en liet onder druk van haar weten het kind nooit te zullen accepteren. Toen Gabrielle in september 2012 ter wereld kwam, wilde hij opeens toch weer langskomen. Ik vroeg hem een keuze te maken.”

Na een paar maanden was het geduld van Gertrude op. „Ik heb hem voor de rechter gesleept, waarna hij wel moest erkennen dat het kind van hem was. Hij betaalt nu tandenknarsend alimentatie, verder is er geen enkel contact. Hij staat op het geboortecertificaat, maar in Gabrielles paspoort staat alleen mijn achternaam.”

De vader weet dat dit artikel in de krant verschijnt en heeft laten weten geen commentaar te willen geven.

Zij wil graag werken

Ondanks de zorg voor de baby studeerde Gertrude vorige zomer af. Ze kreeg een visum van een jaar, dat mensen die in Nederland hebben gestudeerd in staat stelt om aan de eisen voor kennismigranten te voldoen. In de praktijk betekent dat een baan vinden met een minimum maandsalaris van ruim 4.000 euro bruto. Wie dat lukt, mag als kennismigrant in Nederland blijven. Gertrude slaagde hier echter niet in en afgelopen juli was het ‘zoekjaar’ voorbij. Ze vroeg bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) gezinsvorming met haar dochter aan. In afwachting van het IND-besluit mag ze werken noch studeren.

„Ik zit iedere dag thuis, terwijl ik eigenlijk geld moet verdienen om rond te komen”, zegt Gertrude. „Ik was er na lang lessen eindelijk aan toe om mijn rijbewijs te halen, maar zelfs dat examen heb ik moeten afzeggen omdat ik met dit document niks anders mag dan wachten.”

De termijn van zes maanden waarbinnen de IND moet besluiten of Gertrude mag blijven loopt af op 2 april.

„Mijn stelling is heel duidelijk”, zegt haar advocaat Pieter Krop, „de IND moet zo goed mogelijk het Europese hof respecteren, en Gertrude verblijf bij haar dochter aanbieden. Als ze daar niet in meegaan, hoop ik dat de rechtbank dit tot de bodem uitzoekt. Het grote nadeel daarvan is dat het alles bij elkaar anderhalf jaar kan duren, en ik geen idee heb hoe Gertrude al die tijd moet overleven zonder dat ze mag gaan werken.”