Akkoord Griekenland is niets meer dan een voornemen

Er is een akkoord tussen Griekenland en de overige landen van de eurozone. Gisteren bleek een lijst met goede voornemens van de regering-Tsipras afdoende om vier maanden rust te kopen in de muntunie. Dat is gunstig: de Europese economie lijkt behoorlijk aan te trekken. De beurzen lopen inmiddels vooruit op een veel beter economisch herstel dan nu nog uit de officiële prognoses blijkt. De beslissing van de Europese Centrale Bank om grootschalig staatsleningen in te kopen, heeft al effect voordat zij wordt uitgevoerd. De rentevoeten zijn uiterst laag, de euro is fors gedaald en versterkt daardoor de exportpositie. En de gedaalde olieprijs verbetert de positie van zowel consument als bedrijfsleven.

De Griekse kwestie mag in dit verband niet worden gedegradeerd tot een bijzaak. Dat is zij niet. Er is in wezen een pauze in het leven geroepen om verder te onderhandelen. Daarbij gaat het om de invulling van voornemens van de Griekse regering. Op de achtergrond speelt hoe premier Tsipras de uitkomst, die geen schim is van de zegetocht die hij zijn achterban had voorgehouden, in Athene weet te verkopen. Hetzelfde geldt voor de overige eurolanden. Die krijgen nu de tijd om daadwerkelijke concessies aan Griekenland thuis alvast te testen op hun ontvangst in de nationale politieke arena. Wat die concessies precies gaan zijn, is in wezen nog niet bekend: het is de reden dat het Internationaal Monetair Fonds en ook de Europese Centrale Bank gisteren uiterst zuinig reageerden op het akkoord.

Zo tekent zich de naaste toekomst al af: een maanden durend en rommelig proces waarin de twee partijen nader tot elkaar proberen te komen. Een proces dat ongetwijfeld nieuwe cliffhangers zal produceren. Ideaal is dat niet, maar meer zat er op dit moment wellicht ook niet in. De tijdsdruk was te groot, de posities te onverzoenlijk. De opdracht om Griekenland zowel aan zijn beloften én binnen de eurozone te houden is uiterst complex. Zeker omdat de kwestie zich niet alleen afspeelt in het domein van de economie, maar misschien nog wel meer in dat van de internationale politiek. Dat laatste is een aspect dat onderbelicht dreigde blijven in een discours dat in economische termen werd gevoerd.

Hoe is in dat opzicht het akkoord van gisteren te betitelen? Goede voornemens, waarvan nog moet worden afgewacht of ze worden uitgevoerd. Niets meer, niets minder. Tot de volgende confrontatie.