‘Achter elke Alpenidylle gaapt de afgrond‘

‘Ich Seh, Ich Seh’ zit ergens tussen horror en arthouse in. „Oostenrijkers zeggen nooit wat ze bedoelen.”

In het begin van Ich Seh, Ich Seh zien we een kinderrijk Oostenrijks gezin, dirndljurkje en Lederhosen. „Achter elke Alpenidylle gaapt in Oostenrijk een peilloze afgrond”, grinnikt Veronika Franz. „Geen land kent zo’n verschil tussen buiten- en binnenkant, begane grond en kelder”, vult Severin Fiala aan.

Het is een duo dat elkaars zinnen afmaakt. Op het Rotterdamse filmfestival was hun regiedebuut te zien: een puntgave film over rol, identiteit en macht binnen het gezin, ergens in het midden tussen horror en arthouse.

Veronika Franz is de partner, regieassistent en co-scenarist van Ulrich Seidl (van de Paradies-trilogie). Een half jaar eerder had ze in Venetië twee rode lopers op rij: eerst voor Seidls documentaire Im Keller, daarna met haar eigen regiedebuut Ich Seh, Ich Seh, dat Seidl produceerde. De film gaat over een tweeling die twijfelt of de kille, depressieve vrouw met haar hoofd in verband die in hun huis rondzwerft hun moeder is. Franz schreef en regisseerde hem samen met Seidls neef Severin Fiala. Hij was vijftien jaar geleden de oppas van haar kinderen, toen zij filmcriticus was bij de krant Die Kurier.

Fiala: „Ik was toen dertien jaar oud en kwam uit het dorp. De video’s die ik bij haar zag, waren mijn filmopvoeding, daarom besloot ik naar de filmschool te gaan.”

Franz: „En we ontdekten dat we exact dezelfde smaak hadden.”

The New York Times stelt dat Oostenrijk de hoofdstad van de feel bad-cinema is. Is dat de schuld van Haneke en Seidl?

Franz: „Die komen ook niet uit het niets. Wij brachten Hitler voort en maakten daarna de wereld heel succesvol wijs dat we zijn eerste slachtoffer waren. Oostenrijkers zeggen nooit wat ze bedoelen. Er zit iets heel naars, indirects en sarcastisch in onze humor, alsof we iets te verbergen hebben. Onze films gaan over die communicatiekloof. Duitsers zijn veel directer.”

Fiala: „Maar daarom kan je daar niet zo’n ambivalente film maken als Ich Seh, Ich Seh. Dat krijg je niet gefinancierd, het moet een Duitser wel helder zijn wat voor soort film hij voor zich heeft.”

Net als een Nederlander.

Franz: „Nu u het daarover heeft: uw grootste filmmaker is Paul Verhoeven. Ik zag laatst zijn film Spetters. Een meesterwerk! Je denkt dan dat Verhoeven op handen werd gedragen, maar ik las dat Nederlandse critici die film indertijd zo ongenadig afbrandden dat hij naar Amerika vluchtte. Ongelofelijk! Maar dat leidde tot enkele van de beste genrefilms aller tijden.”

U noemt Paul Verhoeven. Zoekt u ook diepte binnen genre?

Franz: „We willen een breed horrorpubliek trekken én existentiële topics aanroeren. Dat is gelukt: Ich Seh, Ich Seh draaide op horror- en arthousefestivals. Bij die eerste waarschuwden we: het begint rustig, maar wacht maar af. En bij de tweede: dat bloed is metaforisch.”

Hoe heeft u de tweeling gevonden?

Fiala: „We hebben 125 tweelingen van 9 tot 11 jaar oud op auditie gehad. Er bleven er drie over, toen was de vraag of ze lef genoeg hadden om fysiek te worden met hun nepmoeder. Ze moesten haar hard ondervragen. En deze twee ...”

... grepen direct naar de soldeerbout?

Franz: „Dat nu ook weer niet. Maar de anderen durfden alleen aan haar arm te trekken, zij begonnen met een potlood in haar zij te poken. Toen dachten we: zij zijn het.”

Fiala: „Voor hen draaiden we de film in één huis dat we verbouwd en ingericht hebben. Het huis is een soort personage dat de moeder weerspiegelt. Een koel, modernistisch interieur, maar open, met veel glas. En dan doet die vrouw de gordijnen dicht en maakt er een gevangenis van.”

Franz: „Het moest echt als hun huis voelen, ze sliepen er ook. Zo konden we de film chronologisch opnemen, wat belangrijk is. Kinderen moeten onbevangen blijven en niet weten waar het eindigt. We vertelden dus alleen dat een vreemde vrouw hun echte moeder had ontvoerd. En wat er die opnamedag dan verder gebeurde. Het moest voor hen een mysterie blijven. Ze waren heel erg nieuwsgierig en probeerden steeds de crew uit te horen.”

De tweeling mag de film niet zien.

Franz: „We hebben ze de eerste helft laten zien en beloofd dat ze op hun vijftiende verjaardag de dvd krijgen, over twee jaar. Dan zijn ze er wel aan toe, denk ik. Want het is toch meer een broeierig psychologisch Kammerspiel dan een bloedbad met afgehakte hoofden en ledematen.”

Fiala: „Die sparen we voor onze volgende film, een historisch drama waar hoofden heel organisch over de keien rollen. Die gaat over katholieke vrouwen die in de achttiende eeuw kinderen vermoordden. Ze waren suïcidaal, maar bang om naar de hel te gaan. Dus pleegden ze een gruweldaad om op het schavot te komen, maar met biecht en absolutie.”

Franz: „Zie dit als een warming up.”