Zijn laatste kans op een beetje geschiedenis

Thomas Dekker gaat woensdag een poging doen het werelduurrecord te verbeteren. Voor de wielrenner, ooit wondertalent en vervolgens dopingzondaar, is het de laatste kans om zijn naam nog ergens in de boeken te rijden.

Wielrenner Thomas Dekker traint voor zijn poging om het werelduurrecord te verbeteren. Foto Pim Ras/Hollandse Hoogte

Overmorgen moet het gebeuren voor Thomas Dekker. Op de op 1.890 meter hoogte gelegen piste van het Mexicaanse Aguascalientes doet de dertigjarige wielrenner een poging het werelduurrecord te verbeteren, dat de Australiër Rohan Dennis onlangs in het Zwitserse Grenchen bracht op 52 kilometer en 491 meter.

„Een laatste strohalm”, noemt hij het zelf. Wondertalent bij Rabobank, geschorst wegens doping, comeback bij Garmin, waar hij na afgelopen seizoen geen contractverlenging kreeg. Een nieuwe ploeg diende zich nog niet aan. In Mexico kan Dekker alsnog wielergeschiedenis schrijven.

Het meest tot de verbeelding sprekende werelduurrecord op een fiets is nog altijd van Eddy Merckx. Na het eerste record van de Fransman Henri Desgrange, die op 11 mei 1893 in Parijs kwam tot een afstand van 35.325 meter, haalden grote renners de erelijst. De Italiaan Fausto Coppi reed in 1942 in Milaan 45.871 meter in een uur, de Fransman Jacques Anquetil 25 jaar later op dezelfde baan 47.493 meter. Maar op Merckx stond geen maat. In de ijle lucht van Mexico-Stad, op 2.278 meter de hoogst gelegen baan ter wereld, maalde hij 49.431 meter weg. „Het is het vreselijkste wat ik ooit heb meegemaakt”, sprak de Kannibaal achteraf. Zelfs voor hem.

De volgende mijlpaal in de recordhistorie kwam op naam van Francesco Moser. Ondersteund door de trainingswetenschap van professor Francesco Conconi en een bijzonder aerodynamische fiets met klein voorwiel kwam de Italiaan in januari 1984 tot 50.808 meter. Futuristisch materiaal stuwde het uurrecord naar ongekende hoogte in de jaren negentig, waarin bovendien het gebruik van het verboden wondermiddel epo welig tierde. De Schot Greame Obree reed op een experimentele bolide met lagers van een wasmachine en kwam in twee keer tot 52.713 meter. Tony Rominger en Miguel Indurain verbeterden die afstand. Christopher Boardman trapte in 1996 in Birmingham maar liefst 56.375 meter in een uur.

Niemand durfde meer

‘Werelduurrecord’ heet die prestatie van toptijdrijder Boardman inmiddels niet meer. In 2000 besloot de internationale wielerunie UCI het materiaal streng te reglementeren. ‘Best human effort’ was vanaf nu de naam voor de records op futuristische fietsen tussen 1984 en 1996.

Het officiële werelduurrecord was weer van de ‘conventionele’ Merckx uit 1972. En werd pas 28 jaar na dato met slechts tien meter verbeterd door Boardman. Ook een bijzondere prestatie: in 2003 reed Leontien Zijlaard-Van Moorsel in Mexico-Stad 46.065 meter, nog altijd het uurrecord bij de vrouwen. Bij de mannen leek de rek eruit. De Tsjechische tijdrijder Ondrej Sosenka waagde als een van de weinigen een poging en kwam in 2005 tot een nieuw record van 49.700 meter. Zijn prestatie werd niet verbeterd tot 2014. Niemand durfde meer.

Pas vorig jaar haalde de nieuwe UCI-voorzitter Brian Cookson het uurrecord uit de impasse door de regels te verruimen. Alle baanfietsen zijn sindsdien toegestaan, ook de achtervolgingsfietsen met dichte wielen. De Duitse routinier Jens Voigt profiteerde als eerste van de nieuwe regels en kwam op 18 september 2014, een dag na zijn 43ste verjaardag, tot een afstand van 51.115 meter. Zijn ploeggenoot en eminent tijdrijder Fabian Cancellara hoopt later dit seizoen te profiteren van de kennis die Voigt opdeed. Ook regerend wereldkampioen tijdrijden Bradley Wiggins heeft een poging aangekondigd.

Thomas Dekker moet dus opschieten. „52,5 kilometer is zeker mogelijk voor mij in Mexico”, kondigde hij vooraf bij de NOS al aan. Dan komt de gevallen kroonprins van het Nederlandse wielrennen alsnog in een rijtje met illustere renners als Coppi, Anquetil en Merckx.