Eindelijk is Bas Dost uitblinker

Na alle tegenslag is spits Bas Dost op dreef bij VfL Wolfsburg. Thuis tegen Hertha scoorde hij weer twee keer. „Ik was een hype op internet.”

Fans in de Volkswagen-Arena houden hun adem in na het afstandschot van de Braziliaan Luiz Gustavo. Het is een kanonskogel. Zoevend richting de kruising van het doel van Hertha. Pats. Op de paal. Maar wacht. Via het aluminium belandt de bal pal voor de voeten van een man die heel de tweede helft heeft geloerd op deze kans. Nu is het zover. Naderend geluk voor een leeg doel. Zou hij scoren?

Ja, natuurlijk. Bas Dost is op dreef. De Nederlandse spits reageert deze zondagavond uiterst alert en schiet VfL Wolfsburg met zijn tweede doelpunt naar een 2-1 overwinning op de bezoekers uit Berlijn. Hij houdt er een applauswissel aan over, in de slotminuut wordt hij vervangen door Nicklas Bendtner, die door Dost uit de basis is gespeeld.

Grote kans dat de hiërarchie niet verandert. Dost zal de onomstreden nummer één blijven nu hij wederom middelpunt van overwinningsvreugde is. Vorige week scoorde hij liefst vier keer tegen Bayer Leverkusen (4-5 winst) en donderdag weer twee keer tegen Sporting Lissabon in de Europa League (2-0). „Afgelopen week was een gekkenhuis”, zegt Dost. „Het was ongelooflijk. Ik was een hype op internet.”

Krimi

In de Duitse pers werd de wedstrijd tegen Leverkusen bestempeld als een krimi, met Dost in de rol van eiskalte executeur. Lovend waren de kritieken. Ploeggenoot André Schürrle meende zelfs dat het winnende doelpunt van Dost tegen Leverkusen van uitzonderlijke klasse getuigde. „Die laatste goal zouden niet veel spelers hebben gemaakt”, zei de van Chelsea gekochte aanvaller. „Misschien Zlatan.”

Dost bracht zijn totale productie vorige week op negen doelpunten in tien wedstrijden. Gemiddeld scoort hij eens per zeventig minuten en heeft hij aan tweeënhalve kans genoeg om te scoren. Een fraai gemiddelde, dat er door zijn twee treffers tegen Hertha alleen maar op vooruit gaat.

In zijn ogen zit hij in een fase waarin alles goed gaat. „Dan vallen de ballen precies voor je voeten. Het is simpel: toen Luiz Gustavo schoot ging ik al lopen voor de tweede bal, ongeacht of het schot op doel ging. Anders zou ik te laat zijn. Maar zit je in een fase waarin het niet goed gaat, dan belandt de bal niet voor je voeten.”

De voormalige spits van Heracles Almelo en sc Heerenveen, die halverwege 2012 voor zeven miljoen euro naar Wolfsburg ging, was toe aan dit succes. Hij heeft er lang op moeten wachten. Zijn eerste jaar was prima, met acht doelpunten, maar nog in datzelfde seizoen kreeg hij te kampen met een enkelblessure waar hij maar niet vanaf kwam. Nooit was hij fit.

Des te minder hij speelde, des te meer twijfels er oprezen. „We hebben allemaal afgevraagd of hij goed genoeg was voor de Bundesliga”, zegt supporter Michael Bear, die bij het maken van deze opmerking blijkbaar niet wordt gehinderd door het feit dat hij slechtziend is. Hij loopt niet met een stok, maar draagt wel een sticker die wijst op zijn handicap.

Bear verkondigt een standpunt dat vaker is ingenomen. Onder anderen door analisten in Nederland, die in talkshows riepen dat hij maar weer in de eredivisie moest gaan voetballen. Dost had daar soms moeite mee, vond de kritiek ongegrond. „Ik snap ze wel. Als je als topscorer van de eredivisie naar de Bundesliga gaat, zijn de verwachtingen erg hoog. Mensen zien dat ik niet bij de selectie zit en denken: die vent zal wel niet goed genoeg zijn. Dat is logisch. Maar het vrat wel aan me.”

Dost kon in de zomer naar Feyenoord, maar besloot in Wolfsburg te blijven. Hij wilde zijn Duitse avontuur niet zomaar opgeven. Wolfsburg is een topclub, ook al hebben die Wölfe niet de beste reputatie. VfL wordt dikwijls een Plastik-Club genoemd zonder tradition, doordat het relatief laat werd opgericht (1945). Wolfsburg-fans die uitkomen voor hun liefde, worden net zo vreemd aangekeken als een veganist in een steakhouse, staat in het boek 111 redenen om van VfL Wolfsburg te houden.

De club staat nu tweede en speelt in het stadion dat aan de buitenkant net zo futuristisch oogt als de nieuwste modellen van Volkswagen die een paar honderd meter verder van de band rollen. Gelet op de ambiance is het bepaald niet vreemd dat Dost zijn verblijf in de Autostadt wilde verlengen. Dit is voetbal op topniveau.

Onrealistisch

Gevolg was wel dat hij er in de zomer weer een concurrent bij kreeg, in de persoon van de Deen Bendtner. „Dat was balen, maar dat weet je bij een topclub. Des te mooier is het als je zo’n speler uit de basis speelt. Het voelt soms onrealistisch. Ik had je niet geloofd als je in de winterstop had gezegd dat ik zo vaak zou scoren.”

Hij geniet ervan, maar is ook waakzaam. Waakzaam omdat hij niet mee wil gaan met de spontane reflexen in de voetballerij. „Nu ben ik een hype, maar als ik straks drie weken niet scoor ben ik weer een lul. Dat geeft een dubbel gevoel. Aan de ene kant is het hartstikke mooi als je aandacht krijgt, maar aan de andere kant was ik precies dezelfde speler toen ik niet speelde en moest worden geopereerd. Daarom neem ik het niet te serieus. Ik moet reëel blijven en nu niet rondlopen als dé man.”

Om met beide benen op de grond te blijven trekt Dost geregeld op met clubmedewerker Peter Steinborn, die bij Wolfsburg „allerlei schijtklusjes” doet. Samen eten, voetbal kijken en even het winkelcentrum in. Voor gevoelsmens Dost was dat vooral belangrijk toen hij geblesseerd was en er weinig naar hem werd omgekeken. „Even niet met je kop bij dat gezeik. Ik zat altijd vol negatieve energie, maar heb één ding wel geleerd: daar heb je geen klote aan. Ik nam me voor dat ik de eerstvolgende kans die ik kreeg zou pakken.”

De spits die even was vergeten, heeft zijn kans gegrepen. Dit is waarom hij in 2010 toch niet stopte met voetballen - uit onvrede met de voetbalwereld. Omdat hij wilde schitteren en wist dat hij dat kon. Ook in de Bundesliga.