Volgende stap van de borstvoedingsmaffia

Verloskundigen verbreken hun banden met Sanoma wegens advertenties voor flesvoeding. Maar flesvoeding is geen zaak van leven of dood, ongeacht wat verloskundigen ook zeggen, meent Phaedra Werkhoven.

Het lijkt evident dat borstvoeding het beste voor een baby is. Want het is natuurlijk, en natuurlijk is het beste. Toch wordt deze aanname niet overtuigend door de wetenschap onderschreven. Maar de twijfelaar kan niettemin direct op felle reacties van de zogeheten borstvoedingsmaffia rekenen.

De Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen (KNOV) verbreekt nu zelfs haar banden met de titels van Sanoma die voor ouders zijn bestemd. Dit uitgeefconcern maakte jarenlang zwangerspecials en -folders die in verloskundige praktijken waren te lezen. In deze bladen stonden nooit advertenties voor flesvoeding, aldus de huidige hoofdredacteur.

Wel adverteerde de flessenindustrie in een ander blad van Sanoma: Ouders van Nu. Voor de verloskundigen was dat reden genoeg om op zoek te gaan naar een andere, ‘belangeloze’ uitgever.

Het besluit van de verloskundigen wordt ingegeven door de ondertekening van de WHO-borstvoedingscode, in juni 2014. De code verbiedt niet alleen reclame voor kunstmelk, maar ook voor speentjes en flessen. Ook mogen fabrikanten van kunstmelk niet in contact worden gebracht met aanstaande ouders.

Voor alle andere voeding waarmee ouders hun opgroeiende kinderen volstoppen mag volop geadverteerd worden, maar poedermelk zien we als iets van de duivel. Ik zeg niet dat zwangeren moeten worden overladen met reclame over flesvoeding. Ouders moeten voor flesvoeding kunnen kiezen, op basis van eerlijke informatie. Ik vroeg de KNOV of verloskundigen na ondertekening van die code nog wel steeds aanstaande moeders de vrije keuze laten om borstvoeding te geven. Ze twitterden me van wel. Dit zou los staan van de code. Ik geloof het niet.

Aanstaande moeders zullen wel degelijk meer moreel gedwongen worden door hun verloskundige hun kind borstvoeding te geven. Nu moet je als kersverse moeder sterk in je schoenen staan om borstvoeding te geven, als je zwangerschapsverlof is afgelopen. For the record, ik voedde mijn vier kinderen bij elkaar zo’n zeven jaar zelf en ik vond het geweldig, maar niet iedereen vindt dat, of kan dat. In door velen bejubelde landen als Zweden zitten moeders een jaar thuis, dan is het dus logisch dat ze lang doorvoeden. In Nederland gaan moeders na zo’n tien weken weer aan het werk.

De eisen aan moderne moeders zijn hoger dan ooit. Deze kraamvrouwen zijn kwetsbaar en labiel - een totale hormonenchaos. Toch wil hun werkgever ze straks weer terug precies zoals ze waren. En de verloskundige had al op hen ingepraat dat ze natuurlijk moeten bevallen - het liefste thuis - en dat ze borstvoeding moeten geven.

Lukt het om wat voor reden dan ook niet om natuurlijk te bevallen of borstvoeding te geven, dan hebben ze als moeder gefaald. En kiezen ze er voor om hun kind meteen de fles te geven, dan zijn ze rijp voor de brandstapel.

Mis ik iets? Het gaat er toch om dat moeder en kind gelukkig zijn? Waarom legt men zoveel druk op een zo’n kwetsbare groep, die binnenkort weer aan het werk moet. Moeders verdienen eerlijke voorlichting. En willen we dat ze langer zelf voeden, dan moeten we ze ook ruimer verlof geven. Maar een zaak van leven of dood is flesvoeding niet. Ook al willen sommige verloskundigen je anders doen geloven. Een moeder komt voor heel wat grotere uitdagingen te staan voor de gezondheid van haar kind. Daarin standhouden heeft meer effect dan zich schuldig voelen over de vraag of haar kind wel of niet aan de borst heeft gehangen.