De Taxiwet? Die is verouderd

Een verbod, boetes, protesten? Benelux-directeur Niek van Leeuwen van Uber presenteert als antwoord eigen plannen voor een nieuwe taxiwet.

Boze taxichaffeurs op het Haagse Malieveld afgelopen woensdag. De chauffeurs vinden dat de dienst UberPOP op een oneerlijke manier met reguliere taxi's concurreert. Foto Bart Maat/ANP

Dat Uber allang geen schattige startup meer is, is meteen duidelijk. Niek van Leeuwen, de directeur Benelux, wordt in het glimmend zwarte Amsterdamse hoofdkantoor geflankeerd door twee pr-adviseurs. Hij begint direct met een strakke presentatie over het bedrijf achter de taxi-app, inmiddels gewaardeerd op zo’n 36 miljard euro. Uber ligt de laatste tijd flink onder vuur in Nederland: vooral vanwege de dienst UberPOP, waarbij particulieren als taxichauffeurs aan de slag kunnen gaan. Daarover zei een rechter in december dat de Inspectie Leefomgeving en Transport daarvoor boetes mag uitdelen. Uber gaat sindsdien toch door met de dienst, en kreeg daardoor afgelopen week voor 50.000 euro aan boetes. Ook taxichauffeurs zijn boos: zij protesteerden woensdag in Den Haag tegen de app.

Onterecht, vindt Van Leeuwen. „Uber zorgt voor meer veiligheid. Onze bestuurders zijn gecheckt, chauffeurs en gebruikers beoordelen elkaar in de app. Bestuurders hoeven geen cash meer in de auto te hebben omdat betaling via de app gaat. Bovendien: door goedkope diensten als UberPOP willen we op termijn dat autogebruik via meerijden goedkoper wordt dan eigen autobezit. Dan zouden er veel minder auto’s nodig zijn, dat heeft veel voordelen.

„Uber kan zelfs een alternatief zijn voor openbaar vervoer in gebieden waar dat nu erg duur is. Dan moet je denken aan diensten als UberPOP, maar ook aan UberPOOL, waarbij mensen hun auto delen. Dat zou op termijn goedkoper kunnen zijn dan alle subsidies die nu naar onrendabele buslijnen gaan. Dat is uitgezocht door onderzoekinstituut CE Delft.

„Waarschijnlijk presenteert het kabinet in maart plannen voor een nieuwe taxiwet. Vanwege al deze voordelen hebben wij een brief gestuurd naar het ministerie en Kamerleden met beleidsvoorstellen. In ons advies staat bijvoorbeeld dat we graag willen dat er vergunningen komen voor platforms voor meerijden, zoals Uber. Het belangrijkste is dat we geen onderscheid willen tussen taxi’s en personenauto’s, zoals dat er nu is. Dat is een belemmering om auto’s efficiënter in te zetten.”

Klinkt mooi die voordelen, maar in december heeft de rechter gezegd dat UberPOP niet mag. Jullie krijgen boetes. Toch gaat UberPOP door, sterker: jullie breidden vorige week uit naar Utrecht. En nu komen jullie zelfs met een beleidsadvies. Vindt u dat een normale houding?

„Ik kan me voorstellen dat dingen verkeerd geïnterpreteerd worden. Maar wij zijn niet willens en wetens tegen wetgeving. Wij willen een finaal oordeel van de rechter afwachten. In december was het een voorlopige uitspraak. Er is in Nederland veel discussie over hoe de wet geïnterpreteerd moet worden. Daarover verschillen we van mening. Daarom zijn we ook een bodemprocedure gestart. Die wachten we af.”

En als overeind blijft dat het écht niet mag?

„Het is niet aan ons om tot in lengte van dagen een juridische strijd te voeren. Dat willen we ook helemaal niet en daar hebben we geen belang bij. Als blijkt dat UberPOP echt niet mag, dan stoppen we ermee. Maar als je kijkt naar de wet zoals die nu is, die is gewoon verouderd. Een voorbeeld: nu moeten taxi’s nog verplicht bonnen printen en met raamstickers aangeven hoeveel ze kosten. Dat kan veel makkelijker met een app.”

Als die bodemprocedure voor jullie slecht uitpakt, of als een nieuwe wet jullie niet bevalt, waarom zouden jullie dan ineens wél stoppen? Jullie zakken blijken diep genoeg om de boetes te kunnen betalen.

„Daar gaat het helemaal niet om. Als een rechter in een eindoordeel zegt: UberPOP, dat mag niet, dan stoppen we ermee. En we zijn ervan overtuigd dat Nederland een redelijk land is. Op basis van de verouderde wet, verwachten we dat we serieuze kans hebben en dat UberPOP in de bodemprocedure niet wordt gezien als illegale vervoersoplossing. Er wordt veel gediscussieerd over Uber de laatste tijd. Maar gebruikers zijn nog steeds erg tevreden. Er is een duidelijke vraag vanuit de consument.”

Tevreden gebruikers van één app bepalen in een rechtstaat toch niet de wet?

„Nee dat klopt. Daarom willen we ook juist graag dat de rechter zich definitief uitspreekt. We worden overigens ook gesterkt door uitspraken eerder dit jaar van Maarten Camps [de hoogste ambtenaar van het ministerie van Economische Zaken, red.]. Het is ook volgens hem duidelijk dat innovatie heel snel gaat, en dat de stappen om wetten te veranderen langer duren. Te lang. En dat is zonde. Want uiteindelijk ben ik ervan overtuigd dat dat innovatie remt. Het vergt lef en durf van de politiek om de wet te veranderen om de voordelen optimaal te benutten.”

Veel van de maatschappelijke voordelen die u noemt, gelden vooral voor de carpooldienst UberPOOL. Die is er nog niet in Nederland. Zijn daar plannen voor?

„Onze wereldwijde topman heeft gezegd dat we in 2015 in Europa veel meer willen doen met POOL. Dat is voor ons belangrijk omdat Uber daarmee duidelijk goedkoper wordt dan zelf autorijden. Maar je hebt er twee dingen voor nodig: een fijnmazig netwerk zodat er genoeg auto’s meedoen, en de cultuur moet er klaar voor zijn dat mensen auto’s delen. Dat vergt nog wat opvoeden. Ik kan daarom nog niet zeggen wanneer we daarmee komen.

„Wij willen uiteindelijk met meer diensten antwoord geven op de vraag: ik wil iets, breng het me nu. Sinds deze week kunnen gebruikers in Barcelona via UberEATS al lunch bestellen. Eén druk op de knop en er komt een auto voorrijden. We willen op termijn de urban logistics fabric worden, een systeem voor stedelijke logistiek.”

Dat zegt u al langer, maar komt dat soort diensten er in Nederland ook snel aan?

„In Barcelona is een minder fijnmazig netwerk dan hier, dus dat is niet een belemmerende factor. Maar we hebben nog geen concrete plannen voor UberEATS hier. De vervoersmarkt is zo enorm, er is nog zoveel te verbeteren, dat blijft voor ons het belangrijkste. We zijn bijvoorbeeld wel in gesprek met de NS. Die vinden ons interessant om te kunnen voorzien in het laatste stuk vervoer van station naar eindbestemming. Maar ook daar kan ik nog niets concreets over vertellen. Lekker vaag, ja.”

Jullie krijgen de laatste tijd veel nieuwe concurrentie: van startups zoals Taxify, maar ook van grote bedrijven. Worden jullie al bang?

„Nee, van concurrentie worden we beter. En de interesse van al die andere partijen bevestigt hoe inefficiënt het personenvervoer met auto’s is. Ook zij zien allemaal manieren om dat met behulp van technologie beter te maken.”