De ananasaardbei

Over elk onderwerp – hoe klein ook – is oneindig veel te vertellen. Lex Boon koos ooit voor de ananas en neemt ons mee. Deze week: vergeten fruit.

Het was maart 2010 en dagenlang stond de telefoon bij de Brabantse aardbeienhandelaar Wil Beekers roodgloeiend. Het begon met vragen van de Britse pers. Wat was dat voor vreemde, witte aardbei die opeens in de Britse supermarkten lag? Een paar dagen later belden ook de Nederlandse media, die eerst nog dachten dat het een 1-aprilgrap was. Maar kwam de ananasaardbei ook in de Nederlandse supermarkt te liggen? Voorlopig niet, moest Beekers antwoorden. Want zo veel aandacht voor de witte ananasaardbei hadden ze niet verwacht. „Het liep helemaal uit de klauwen. Vanaf dag één was er een enorm tekort.”

Het was aardbeienkweker Hans de Jongh die een paar jaar eerder de ananasaardbei had ontdekt. In een zoektocht naar de vergeten aardbeiensoort ‘het Bredaasch Kleintje’ kocht De Jongh een stapel negentiende-eeuwse boeken. De aardbei die hij zocht vond hij niet, maar hij raakte gefascineerd door de ananasaardbei die werd beschreven. Een kleine ronde aardbei, licht roze van kleur en met rode zaadjes, aldus de beschrijvingen. Rond 1700 was de vrucht vanuit Chili, waar toentertijd alle aardbeien wit waren, door zeevaarders naar Europa gebracht. Toen de plantjes naast de uit Noord-Amerika meegebrachte rode aardbeien werden gezet vond er kruisbestuiving plaats, waarbij de basis voor de huidige standaard aardbei werd gelegd. In de eeuwen die volgden kwam de focus steeds meer op de rode vruchten te liggen en werd de witte variant vergeten.

Tot Hans de Jongh besloot om een poging te wagen de oorspronkelijke aardbei terug te halen. „Ik ben samen met enkele echte fanatiekelingen uit de hoek van de vergeten groentes, op zoek gegaan naar aardbeienplanten in de verschillende botanische tuinen in Europa. Net zo lang tot we een paar oude en verzwakte plantjes van de oorspronkelijke witte aardbei vonden.”

In 2006 kruiste De Jongh voor het eerst de oude rassen met elkaar, en ging hij samen met Wil Beekers net zolang door tot er een stevigere en productievere aardbei ontstond. „En zoals vaak in zo’n geval kwam er een beetje toeval bij kijken”, aldus Beekers. „De mensen van de Britse supermarkt Waitrose waren hier op bezoek om te kijken naar onze rode aardbeien, toen ze toevallig een van de eerste selecties van de witte aardbeien in een koelcel zagen staan. Dus die kerel zei: wat is dat? Dat wil ik!”

Twee jaar later hadden De Jongh en Beekers genoeg goede ananasaardbeien om te kunnen leveren. Daarna ging het hard. Inmiddels vind je de ananasaardbei ook in de Nederlandse schappen, in het aardbeienseizoen. En die vreemde naam, is dat niet gewoon een goedkope marketingtruc? Nee, aldus de Jongh. De oorspronkelijke kruising tussen de witte en de rode aardbei kreeg eeuwen geleden al de Latijnse naam fragaria × ananassa mee. „Ik heb in een boek uit 1870 gevonden dat ze de lichtzure smaak van de aardbei op die van de ananas vonden lijken. En het hoedje op de aardbei was vergelijkbaar met de kroon van de ananas. Vandaar de naam.”