Verbijsterende, verbeten kruistocht tegen Poetin

Een van de eerste westerse investeerders in Rusland doet uit de doeken hoe politie, justitie en staatsambtenaren zijn bedrijf leegroofden. Zijn relaas leest als een thriller van John le Carré.

Rouwbeklag in Moskou bij Sergej Magnitski, advocaat van de Amerikaanse investeerder Bill Browder, op 20 november 2009 Foto Camera Press/Andrey Stenin/Ria Novos

Een van de beroemdste gedichten van de Russische dichteres Anna Achmatova is Requiem, haar ode aan de duizenden vrouwen die in de Stalintijd bij de gevangenispoorten stonden te smachten naar nieuws over hun geliefden. Ze stond zelf in die rijen: haar zoon werd gearresteerd in 1938. ‘Ik zag hoe gezichten invallen/ hoe angst van onder oogleden loert,/ Hoe smart harde bladzijden spijkerschrift op wangen kerft,/ Hoe askleurige en zwarte lokken/ Op slag in zilver veranderen,/ Een glimlach verwelkt op onderdanige lippen,/ en schrik in een giechel trilt.’

Zo stond Natalja Magnitskaja op 17 november 2009 om half zes ’s ochtends in de rij voor de poort van de Boetyrkagevangenis in Moskou. Ze kwam voedsel en medicijnen afgeven voor haar zoon Sergej, advocaat van de Amerikaanse belegger Bill Browder. Vier uur later kreeg ze te horen dat haar zoon was overgeplaatst naar een andere gevangenis. Daar zei een loketmens: ‘Hij is gisteravond om 9 uur gestorven aan afsterving van de alvleesklier, een scheur in het buikvlies en toxische shock. Gecondoleerd met uw verlies.’

Sergej Magnitski, 37 jaar, stierf na marteling en bewuste onthouding van medische zorg omdat hij weigerde te getuigen tegen Browder, CEO van beleggingsfonds Hermitage Capital Management (HCM), die als een van de eerste westerse investeerders in Rusland gedetailleerd uit de doeken deed hoe Russische raiders zijn bedrijf leegroofden. Dat ging zo: bij een inval bij HCM nam de politie alle eigendomsaktes en stempels van drie dochterondernemingen in beslag, waarna die werden overgeschreven op naam van criminelen. Met vervalste papieren werden die bedrijven voor de rechter gesleept wegens belastingontduiking, waarna de rechter beslag liet leggen op de banktegoeden. Maar Browder had zijn geld met vooruitziende blik toen al uit Rusland weggehaald. Vervolgens eisten de criminelen op basis van dat vonnis 230 miljoen dollar belasting over de bedrijfswinst terug van de belastingdienst, die doodleuk uitkeerde. Zo werken politie, justitie, staatsambtenaren en criminelen in Rusland samen tot eigen gewin. Het is een zeer inzichtelijk verhaal.

Trawlervloot

Bill Browder is kleinzoon van de Amerikaanse communistische vakbondsman Earl Browder, die van 1926 tot 1932 in Moskou woonde. Na een economische opleiding aan Stanford University besloot Bill begin jaren negentig belegger te worden in Rusland, waar een enorme privatiseringscampagne de failliete communistische staat het kapitalisme in moest slingeren. Zijn eerste klus was de Moermansk Trawlervloot adviseren over die privatisering, die werd doorgevoerd met behulp van een door Jeltsin ingevoerd vouchersysteem, dat mensen het recht gaf aandelen in staatsbedrijven te kopen. Het lag voor de hand dat in een land waar niemand wist hoe de markt werkte een groep slimmeriken er met de buit vandoor zou gaan.

Browder ontdekte dat de scheepsvloot in Moermansk een miljard dollar waard was, terwijl het management de helft van de aandelen kon opkopen voor 2,5 miljoen dollar. In een flits doorzag hij dat je in het postcommunistische Rusland slapend rijk kon worden. Hij richtte HCM op en zocht investeerders die in Rusland geld wilden verdienen. Dat ging in die tijd van het wilde kapitalisme met ups-and-downs en bracht een zakenman automatisch in contact met grootschalige diefstal, geweldpleging en oplichting.

Deze Roof van de Eeuw had voor gewone Russen desastreuze gevolgen, maar daarover lees je bij Browder niet veel. Hij beschrijft zichzelf als een Don Quichot die met zijn investeringsmaatschappij de strijd met de corruptie aanging met als doel het hoogst mogelijke rendement te halen voor zijn beleggers. In een interview met deze krant erkende hij dat dit geen liefdadigheid was: ‘Ons fonds profiteerde. Als een bedrijf minder corrupt werd, ging de prijs van de aandelen omhoog.’

Aanvankelijk spoorde zijn strategie met Poetins plan om de oligarchen te onderwerpen, maar daarna liepen hun belangen snel uiteen. Toen hij via de media staatsreuzen als Gazprom en Sberbank begon aan te klagen, werd hij in 2005 het land uitgezet om redenen van ‘nationale veiligheid’. Browder legde zich er niet bij neer en begon een zaak tegen de bende die zijn bedrijf had leeggeroofd. Hij zocht daarvoor actief de publiciteit en wekte daarmee de toorn van het Kremlin.

Toen het systeem gruwelijk wraak nam op zijn advocaat, begon Browder een persoonlijke kruistocht tegen Poetin, waarvan hij verslag doet in zijn boek. Die kruistocht had succes: na jaren hardnekkig lobbyen slaagde hij erin tegen de zin van de Amerikaanse regering een wet te laten aannemen, die zestig Russische betrokkenen bij de diefstal en de moord een levenslang inreisverbod in de VS oplegde. Browder reist de hele wereld af om de wet ook in andere landen aangenomen te krijgen.

Moed kun je Browder niet ontzeggen. Zijn boek verschijnt terwijl in Londen het proces loopt tegen twee Russische Doemaleden, die verantwoordelijk worden geacht voor de moord op ex-KGB’er Aleksandr Litvinenko, die in 2006 een gruwelijke dood stierf door het radioactieve polonium-210. De advocaat van zijn weduwe wil bewijzen dat de opdracht rechtstreeks uit het Kremlin kwam.

Cynisme

Ook Browder kreeg doodsbedreigingen en een belangrijke Russische informant van hem kwam om in Engeland. De Russische overheid spande in 2013 een rechtszaak wegens belastingverduistering tegen hem en zijn advocaat aan en vroeg om zijn uitlevering. Het is het toppunt van cynisme: Sergej Magnitski, vermoord door Russische overheidsdienaren, werd postuum door diezelfde overheid voor het gerecht gedaagd. Na een ‘Potjomkin-proces’ werd Browder bij verstek tot negen jaar gevangenisstraf veroordeeld. ‘Ik houd er ernstig rekening mee dat Poetin of leden van zijn regime me op een dag zullen laten vermoorden’, schrijft Browder. Interpol weigert hem intussen op de internationale opsporingslijst te zetten.

Vijand van de Russische staat is John le Carré in real life. Het verschijnt op een moment dat de verhoudingen tussen Rusland en het Westen tot een dieptepunt zijn gedaald. De zwarte lijst van de Magnitski-wet werd het voorbeeld voor de economische sancties die Rusland na de militaire inmenging in Oekraïne werden opgelegd. Het aanvankelijke ongemak bij het lezen van Browders boek – per slot van rekening maakte hij gebruik van de ongekende mogelijkheden om geld te verdienen in een land dat niet wist hoe daarmee om te gaan – maakt bij het lezen al snel plaats voor verbijstering over het cynisme van Poetins kleptocratie.

Browder heeft goed geld verdiend in Rusland, maar ook zijn verantwoordelijkheid genomen. Zijn wanhoop over het feit dat hij de dood van zijn advocaat niet heeft kunnen voorkomen zette hij om in een taai en gevaarlijk gevecht tegen de Russische president, die hij als een persoonlijke vijand beschouwt. Ruslands reactie op het aannemen van de Magnitski-wet: het Russische parlement verbood Amerikaanse ouders om Russische kinderen te adopteren.