DNB: we sparen veel te veel

De Nederlandsche Bank oppert om vermogensverschillen tussen de generaties te verkleinen.

Woningvermogen is scheef verdeeld

Nederlanders moeten minder sparen én minder lenen. Dit oppert De Nederlandsche Bank vandaag als uitkomst van een onderzoek naar de vermogensopbouw in Nederland. Daarom zou de eis om de hypotheek volledig af te lossen weer moeten worden versoepeld, terwijl de renteaftrek van de hypotheek wordt afgebouwd. Inkomens boven 60.000 euro moeten meer zelf kunnen beslissen over hun eigen pensioenopbouw. „Het paternalisme kan voor deze groep wel wat minder”, stelt directielid Job Swank van DNB.

Volgens DNB zijn huishoudens door hun relatief grote bezit van pensioenen en woningen, welke laatste fors zijn gefinancierd met hypotheken, te conjunctuurgevoelig. Schommelingen op de financiële markten en op de woningmarkt vertalen zich te sterk in de uitgaven van huishoudens. Als het goed gaat, verminderen de pensioenpremies en stijgt de waarde van de woning. Dan geven mensen méér uit. Als de prijzen op de beurzen en de woningmarkt dalen, dan bezuinigen de mensen meer. Dit gedrag versterkt de conjunctuur en maakt de economie te kwetsbaar voor een crisis.

Drukke dertigers zitten klem

Bovendien is de verdeling van vermogens over de generaties te scheef. De dertigers kampen in de drukste tijd van hun leven met te weinig buffers. Zij hebben net een woning gekocht en betalen een relatief hoge pensioenpremie. Tegenslag gaat vaak direct ten koste van hun uitgaven. Oudere generaties hebben gemiddeld juist een hoog netto-vermogen. DNB suggereert de zogenoemde doorsnee-premie te veranderen. Nu betalen jongere generaties relatief veel voor lage pensioenrechten, terwijl oudere generaties hetzelfde betalen voor hoge pensioenrechten. DNB zou dat graag veranderd zien in een systeem dat ‘fair’ is.

Swank vat het probleem samen. „We hebben relatief de hoogste hypotheekschulden van alle westerse landen, maar ook de grootste pensioenbesparingen”, zegt hij. „We hebben de grootste collectieve zorgconsumptie, namelijk 80 procent van de totale zorgconsumptie. We hebben een sterk vergrijzende bevolking, maar ook de laagste armoede onder ouderen. Die is lager dan de armoede onder jongeren. En we hebben relatief de grootste sociale huurmarkt én dus ook de kleinste vrije huurmarkt.”

Huren zou een veel logischer alternatief moeten worden voor kopen, stelt hij. Dat betekent dat de vrije huursector fors zou moeten worden uitgebreid ten koste van de sociale huursector. Ook het ‘scheefwonen’, waarbij mensen met hoge inkomens blijven zitten in goedkope huurwoningen, zou zo tegen worden gegaan.

De voorstellen, die volgens DNB in samenhang moeten worden gezien, zijn baanbrekend en passen in een trend, om de verschillen tussen generaties te verkleinen. In december vorig jaar stelde het Internationaal Monetair Fonds in zijn beoordeling van de Nederlandse economie dat jongere generaties moeten worden ontlast, desnoods ten koste van de oudere.