Anti-oliebeweging is gevaar veiligheid

Nieuwe antiterreurwetgeving in Canada stelt autoriteiten in staat harder op te treden tegen groepen en individuen die de nationale veiligheid in gevaar brengen, zoals „militante” activisten tegen oliewinning en „criminele” tegenstanders van de aanleg van pijpleidingen.

Dat beeld ontstond door de onthulling deze week dat de politie de ‘anti-oliebeweging’ in het geheim heeft aangewezen als potentiële bedreiging van de nationale veiligheid. In een vertrouwelijk document zijn tegenstanders van de winning van schalie- en teerzandolie aangemerkt als „reële criminele bedreiging”.

De bewering roept de vrees op dat milieuactivisten en andere critici van de conservatieve regering scherper in de gaten kunnen worden gehouden onder de nieuwe antiterreurwet, ingediend door de regering van de Canadese premier Harper naar aanleiding van de aanslag in hoofdstad Ottawa vorig najaar, waarbij een militair omkwam.

In het wetsontwerp worden onder „activiteiten die de veiligheid van Canada ondermijnen” verstoring van de economische of financiële stabiliteit van het land gerekend. De binnenlandse veiligheids- en inlichtingendienst krijgt grotere bevoegdheden om tegen ‘bedreigingen’ op te treden.