Bovenop een gebouw dat er nog niet is

Het leven aan de top van verticale stad Rotterdam.

Foto Tessa Smit

We zijn waar de vogels vliegen: dertig meter boven het Museumpark, omringd door het niets. In een veel te klein bakje aan het einde van een veel te dunne hydraulische arm van een hoogwerker. Sjarel Ex (57), de directeur van Museum Boijmans van Beuningen, kijkt opvallend rustig om zich heen: je ziet de haven, de Montevideo, en heel toepasselijk: een ‘gezicht op Delft’, net als de titel van een van de bekendste schilderijen van Vermeer. Hij zegt: „Rotterdam is een stad die niet alleen bestaat uit grond, maar ook uit water en uit lucht, lucht waar je wat mee moet.”

Deze week een gebouw dat er nog niet is maar dat er, als alles loopt zoals Sjarel hoopt, wel zal komen. Het Collectiegebouw van Museum Boijmans van Beuningen; een ruim dertig meter hoge spiegelende bloempot ontworpen door de architect van de Markthal, Winy Maas. Bovenop de parkeergarage die ook wel ‘de blunderput’ wordt genoemd, in plaats van het landschapontwerp van Petra Blaisse. Moet dat nou? Zou je dan kunnen vragen. Weer zo’n ‘icoon’? En dat vragen veel mensen dan ook. Waarom?

Omdat Boijmans een van de grootste en mooiste kunstcollecties ter wereld bezit, zegt Sjarel. Bijna 90 procent van die collectie behoort toe aan de stad en dus aan de Rotterdammers. De depots waarin de collectie nu staat opgeslagen worden te klein en onveilig: ze lopen regelmatig onder water. Dit gebouw zou de hele collectie op een veilige plek verzamelen én voor alle Rotterdammers zichtbaar maken.

Bovenop het gebouw zou een dakpark komen. Gratis toegankelijk en altijd open, ook als het collectiegebouw gesloten is. Sjarel: „Rotterdam is driedimensionaal, daar wordt al generaties lang aan gewerkt. Maar de plekken van waaruit je dat het mooist kunt zien, zijn maar voor weinig mensen toegankelijk. En dat is zonde. Een van de dingen die we met het gebouw willen doen is dit uitzicht openbaar maken. De stad van boven is een aanvulling die de stad verdient.”