Als ik imam was / De zachte kant van God

In de serie Als ik imam was predikt Hanina Ajarai het geloof dat zij belijdt. Deze week: liefde. ‘Waarom leren we onze kinderen alleen de angst voor God aan?’

In de naam van God, de Barmhartige, de Erbarmer,

Ik wil in de preek van vandaag toch even een lans breken voor God, ook wel bekend als Allah. Is dat nou echt nodig, hoor ik mijn denkbeeldige, maar vrome publiek zuchten. „We zijn toch moslims onder elkaar en we erkennen allemaal Zijn bestaan en Zijn eenheid. Waarom denk je dat je Hem moet verdedigen bij ons?” Ja dat klopt wel, maar ik heb de sterke indruk dat wij, de islamitische gemeenschap in Nederland, vooral een strenge, regeltjesminnende God voor ons zien als we aan Hem denken. We negeren Zijn liefdevolle, zachte, vergevingsgezinde kant volledig. Onze verwanten in het geloof, de christenen, zeggen dat God de mens schiep naar Zijn evenbeeld. Wie met die blik naar ons moslims kijkt, kan er slechts een enge en bekrompen God bij denken. We lijken alleen maar bezig te zijn met oppervlakkige zaken. Hoe strikt moet de scheiding tussen mannen en vrouwen zijn? Mag je nu wel of niet muziek opzetten bij een feestelijke aangelegenheid? En over feestjes gesproken: is het toegestaan om je verjaardag te vieren? Het antwoord is bijna altijd een streng nee.

Toen ik opgroeide, kreeg ik vaak te horen: dat mag niet van God. Uitleg werd er zelden bij gegeven. En ik hoor het nu nog bij kinderen onder elkaar: ‘Oooo dat is haram!’ Haram is het woord om iets wat niet toegestaan is in de islam aan te duiden. Varkensvlees, alcohol en schijnbaar dus heel veel andere dingen. De lijst wordt steeds langer. Overigens, niet alleen kinderen strooien met dat woord. Ik heb zelden een discussie onder volwassenen meegemaakt over wat de liefde van God voor de mens inhoudt. Wel heel veel over of het schudden van mannenhanden haram is.

Laten we het toch vaker over de liefde hebben. De liefde van de mens voor God en voor anderen. En de liefdevolle kant van God. Een van zijn namen is nota bene de Liefhebbende. „Hij is de Vergevingsgezinde, de Liefdevolle”, zo staat in de Koran (85:14). Wat je moet doen om zijn liefde te mogen ontvangen? „Voorwaar, degenen die geloven en goede werken verrichten, de Barmhartige zal hen liefde schenken” (19:96). That’s it: geloven en goed doen!

Een belangrijk aspect van Zijn liefde is Zijn vergevingsgezindheid. Die is schier eindeloos. Volgens een overlevering zei God tegen profeet Mohammed, vzmh*, het volgende: „O zoon van Adam (hij heeft het dus tegen alle mensen en niet alleen de profeet), zo lang je je tot Mij wendt en Mij vraagt, zal Ik je vergeven voor je zonden. En Ik zal het niet erg vinden. Al reiken je zonden tot de hemel en zijn ze zo groot als de aarde zelf, als je Mij om vergeving vraagt, schenk Ik het je.” Wat een heerlijk geruststellende gedachte is dat!

Waarom leren we onze kinderen alleen de angst voor God aan? En niet deze prachtige kant van het geloof? En meer nog, zouden wij ons als ouders ook niet wat liefdevoller en begripvoller moeten opstellen? Stel je voor dat je bovenstaande ook van je ouders te horen zou krijgen? Zo’n houding zou kunnen leiden tot veel meer openheid en minder frictie tussen de generaties.

Heeft je kind van zestien geëxperimenteerd met alcohol en heeft hij dat eerlijk opgebiecht? Niet meteen ‘dat is haram, jij ongelovige!’ roepen, maar uitleggen waarom dat verboden is voor moslims. En afspreken dat als je kind er voortaan vanaf probeert te blijven, er verder niets aan de hand is.