Alles staat in de steigers, en dan niet meer

Deze van oorsprong Ierse schrijver kreeg in Amerika een miljoen dollar en lovende kritieken voor deze debuutroman. Een familiedrama dat uitloopt op een tragisch, bij vlagen meeslepend vrouwenportret.

Een Iers getinte muurschildering in Yonkers, in de staat New York Foto AFP/Stan Honda

Het debuut van Matthew Thomas, We Are Not Ourselves, begint als een typische immigrantenroman. Eileen Tumulty komt uit een arm Iers gezin in New York met twee alcoholistische ouders. Ze studeert geneeskunde, trouwt op jonge leeftijd met een leraar neuropsychologie, koopt een huis en krijgt een zoon. In een reeks korte hoofdstukken legt Thomas de grondvesten voor wat een epische vertelling belooft te worden over het leven in Amerika van de afgelopen halve eeuw.

Dan gaat het mis. Edmund Leary, de zorgzame maar weinig spontane echtgenoot van Eileen, die zich in twintig jaar niet één keer ziek heeft gemeld op zijn werk, ligt opeens dagenlang op de bank met een koptelefoon op zijn hoofd. Eerst denkt Eileen dat hij een midlifecrisis heeft, maar hij gaat zich steeds vreemder gedragen. Hij weigert op school nog langer vragen te beantwoorden, behalve als ze schriftelijk zijn ingediend; hij wordt vergeetachtig, heeft woedeaanvallen, noemt Eileen een ‘bitch’. Het duurt even voordat Eileen doorheeft wat de lezer al vermoedt: Ed is ernstig ziek.

Met deze openbaring begint het ware verhaal van We Are Not Ourselves. De immigrant die meer wil bereiken dan zijn ouders is een bekend gegeven; pas als die immigrant tegen de grenzen van de American dream aan schuurt, wordt het interessant. Eileens jarenlange ambitie om in een groot huis te wonen, in een blanke buurt, en om haar zoon naar een dure school te sturen, komen in de schaduw te staan van Eds ziekte en de torenhoge kosten die daaraan verbonden zijn.

Opeens vecht ze niet meer om haar leven te verbeteren, maar om te houden wat ze heeft. Hierdoor wordt ze een genuanceerder personage – minder gehaaid, breekbaarder. ‘Je krijgt geen handleiding als je trouwt,’ denkt ze, ‘geen noodpakket met een zaklamp voor als de stroom uitvalt. Je moet op de tast het doosje met lucifers zien te vinden.’

Amerika verschaft natuurlijk de setting bij uitstek voor een immigrantenroman. Eigenlijk is alle Amerikaanse literatuur immigrantenliteratuur, want de indianen lieten geen geschriften na. De Nederlandse, Franse en Spaanse kolonisten uit de zeventiende eeuw deden dat wel, maar aangezien Engels uiteindelijk de gangbare taal werd, begon de Amerikaanse literatuur traditioneel gezien in de Britse koloniën. Daar werd het idee geboren van de American dream: in Amerika kun je gelukkig worden, als je er maar hard genoeg voor wilt werken.

Eileens vader houdt haar voor: ‘Mensen zoals jij, met al hun zaken op een rijtje – jij kan alles hebben wat je wilt in dit land’. Maar hoe hard je ook werkt, sommige dromen blijven ongrijpbaar, succes is niet gegarandeerd. Deze realisatie geeft We Are Not Ourselves de focus en emotionele impact die in de eerste helft ontbreken.

Dit boek is deels gebaseerd op Thomas’ eigen familie. Hij komt uit New York en is van oorsprong Iers. Hij heeft meer dan tien jaar aan dit boek gewerkt, dat uiteindelijk voor meer dan een miljoen dollar is verkocht en lovende kritieken kreeg. Toch is het niet de epische kroniek van Amerika die het op het eerste gezicht lijkt te zijn. Ondanks dat het boek meer dan zeshonderd pagina’s telt, zegt het weinig over de wereld waarin het zich afspeelt. Thomas bekommert zich uitsluitend om het tumult in het leven van Eileen Tumulty (die achternaam is ook geen toeval), zonder iets te zeggen over hoe haar ideeën – bijvoorbeeld haar afkeer jegens de nieuwe lichting immigranten die New York geleidelijk overneemt – in de tijdsperiode passen. Waar hij wel in slaagt, is de intieme wisselwerkingen tussen Eileen en haar gezin bloot te leggen. Wij zijn onszelf niet, luidt de titel. Oftewel: we zijn niet alléén onszelf, we maken deel uit van een groter geheel, anderen zijn van ons afhankelijk en wij van hen. Maar ook: wij zijn onszelf niet, want pas als we onder druk komen te staan, komt onze ware ik naar boven. We Are Not Ourselves is een tragisch, bij vlagen meeslepend portret van een vrouw die het arbeidersmilieu waarin ze is opgegroeid nooit helemaal weet te ontvluchten.