Politie onderzoekt mogelijk afdwingen valse bekentenis

Foto ANP / Evert Elzinga

De korpsleiding van de politie Amsterdam begint een onderzoek naar het handelen van drie rechercheurs die mogelijk een vrouw willens en wetens hebben gedwongen tot het afleggen van een bekentenis inzake mishandeling.
Dat heeft de leiding van de politie vanmiddag bekend gemaakt.

De verklaring volgt nadat advocaat Bart Swier een klacht heeft ingediend tegen de drie agenten. Zij verhoorden in de zomer van 2013 een 23-jarige vrouw die een andere vrouw met een glas zou hebben mishandeld. De verdachte ontkende. Maar de rechercheurs drongen aan en zeiden in strijd met de waarheid dat er beeldopnames waren van de mishandeling. Daarop legde de vrouw toch een bekentenis af. Een van de verhorende rechercheurs is Hero Brinkman, oud-Kamerlid voor de PVV, lid van de provinciale staten in Noord-Holland en nu weer werkzaam in het korps Amsterdam.

Vernietigend rapport

Toen zich later alsnog een vrouw uit gewetenswroeging meldde met een bekentenis werd ze weggestuurd door de politie. De ‘dader’ was immers al gepakt.

Op verzoek van advocaat Swier is een onderzoek gedaan door deskundigen van de Universiteit Maastricht, naar de betrouwbaarheid van de zogenaamd bekennende verklaring van zijn cliënte en de betrouwbaarheid van de verklaringen van twee getuigen die cliënte als dader zouden hebben herkend. Zij brachten een vernietigend rapport uit over het handelen van de betrokken rechercheurs in dit onderzoek.

Het OM heeft besloten de vrouwelijke verdachte niet te vervolgen. Het OM heeft ook het rapport van de universiteit beoordeeld op eventueel strafbaar handelen van de verbalisanten.

Volgens het OM zijn er geen strafbare feiten gepleegd door de verbalisanten. Het OM is wel van mening dat de kritiek van de rapporteur het professioneel handelen van de verbalisanten raakt en heeft daarom het rapport deze week in handen van de eenheidsleiding van de politie-eenheid Amsterdam gesteld. De politie gaat de rechercheurs nu onderzoeken.

“De betrokken rechercheurs blijven gedurende het onderzoek hun normale werkzaamheden verrichten.”

    • Marcel Haenen