De Togacolumn: Matchfixing, waar maken we ons druk om?

‘Het WK-voetbal wordt toch anders beleefd als de uitkomst al vaststaat. ‘
De Togacolumn, deze week, door advocaat-generaal Miranda de Meijer.

Georganiseerde misdaad en sport, gaat dat samen? Onlangs verscheen in het nieuws dat de wedstrijden van Willem II tegen Ajax en Feyenoord zouden zijn gemanipuleerd. Een speler van Willem II zou in het seizoen 2009-2010 zaken hebben gedaan met een goksyndicaat. Hier is mogelijk sprake van matchfixing. Bij match-fixing wordt een sportwedstrijd gemanipuleerd om daarmee een oneigenlijk voordeel te behalen. In ruil voor geld zorgt een voetbalspeler er bijvoorbeeld voor dat hij een rode kaart krijgt of wordt de uitkomst van een wedstrijd van te voren afgesproken.

 

Matchfixing is een vorm van ondermijnende criminaliteit: criminele netwerken die in georganiseerd verband maatschappelijke structuren aantasten, die infiltreren in de sportwereld. Er worden miljarden mee verdiend die via allerlei constructies worden witgewassen. De onderwereld krijgt hierdoor macht in de bovenwereld. De aard en reikwijdte van het probleem van matchfixing in Nederland, de risico’s en de aanpak is wetenschappelijk in kaart gebracht (Spapens en Olfers, 2013). De aanpak van dit fenomeen vraagt om een structurele samenwerking tussen de verschillende organisaties en diensten. Er is inmiddels een nationaal platform matchfixing gestart, waarbij het Functioneel Parket van het Openbaar Ministerie, de Belastingdienst/FIOD, de Kansspelautoriteit, de Nationale Politie, de KNVB, de NOC*NSF, de KNLTB en de Lotto met elkaar om de tafel zitten. Strafrechtelijk onderzoek en andere aangekondigde maatregelen zoals een integriteitsonderzoek door de KNVB zijn inmiddels in gang gezet. Spelers, trainers, clubofficials en de arbitrage worden gehoord, tv-beelden en wedstrijdformulieren worden geanalyseerd. De UEFA en de FIFA worden benaderd voor het analyseren van gokbewegingen en informatie waaruit manipulatie zou kunnen blijken. De KNVB heeft daarnaast een dringende oproep gedaan aan clubs om bij de organisatie van oefenwedstrijden stil te staan bij risico’s op manipulatie, na analyse van dossiers van de oefenwedstrijden ADO Den Haag-Skenderbeu Korce en sc Heerenveen- Standaard Luik. Risico’s die volgens de KNVB door een betere wedstrijdorganisatie vermeden kunnen worden.

 

Waarom al deze denk- en daadkracht. Waar maken we ons eigenlijk zo druk om? We maken ons druk om de integriteit van de sport, om waarden en normen, zoals fair play. Om het risico dat de wedstrijd een show-evenement wordt waarbij de uitkomst al vast staat, in plaats van een evenement waarbij de beste moge winnen. Om de bescherming van een brede maatschappelijke activiteit waarbij kinderen kunnen worden gevormd, zowel fysiek als mentaal, en kunnen dromen van het maken van een beslissende doelpunt in de kruising, of misschien wel van een Olympische medaille. ‘Om te voorkomen dat de ware voetballiefhebber wordt belazerd’, wordt wel gezegd. Maar ook de niet-ware voetballiefhebber zal zich kunnen indenken hoe het WK anders zal worden beleefd als de uitkomst al vast staat. Als we niet meer allemáál even houden van voetbal, van oranje, van een weergaloze Robben én van elkaar. Als we niet meer collectief getooid met leeuwenpruiken, oranje mega-brillen en dito vuvuzela’s in gejuich of gehuil zullen uitbarsten door de zinderende spanning van de ongewisse uitkomst. Als criminele netwerken voortaan het wedstrijdverloop bepalen… Nee, georganiseerde misdaad en sport gaan niet samen.

Miranda de Meijer is advocaat-generaal bij het ressortsparket in Den Haag. De Togacolumn wordt afwisselend geschreven door een advocaat, een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie en een rechter. Volgende week Joyce Lie, bestuursrechter bij de Rechtbank Oost-Brabant in Den Bosch.