Ik, Griek, bluf niet maar doe wat volgens Kant goed is

Geen afspraken meer die verkeerd zijn voor Griekenland en voor Europa. Geef ons respijt voor hervormingen, vraagt Yanis Varoufakis.

Ik schrijf dit tijdens cruciale onderhandelingen met de schuldeisers van mijn land – waarvan de uitkomst misschien een hele generatie voor het leven zal tekenen en die zelfs een keerpunt kunnen blijken voor het Europese experiment met een muntunie.

Speltheoretici analyseren onderhandelingen als een spel waarin zelfzuchtige spelers een taart verdelen. Omdat ik in mijn vorige leven als wetenschapper jarenlang de speltheorie heb onderzocht, veronderstelden sommige commentatoren overhaast dat de nieuwe Griekse minister van Financiën zijn slechte kaarten probeerde te verbeteren door middel van bluf, list en slinkse uitwegen.

Niets is minder waar.

Als mijn achtergrond in de speltheorie mij ergens van heeft overtuigd, is het wel dat het pure waanzin zou zijn om het lopende overleg tussen Griekenland en onze partners te zien als een onderhandelingsspel dat met bluf en tactische manoeuvres gewonnen of verloren zou kunnen worden.

Zoals ik ook mijn studenten altijd voorhield, is het probleem met bluf dat de motieven van de spelers als vanzelfsprekend worden beschouwd. Bij poker of blackjack levert die veronderstelling geen probleem op. Maar in het huidige overleg tussen onze Europese partners en de nieuwe Griekse regering gaat het er nu juist om tot nieuwe motieven te komen.

Om tot een frisse instelling te komen die nationale scheidslijnen overstijgt, die het onderscheid schuldeiser-schuldenaar wegneemt ten gunste van een pan-Europees perspectief en die het gemeenschappelijke Europese belang stelt boven bekrompen politiek en dogma dat giftig blijkt als het allesbepalend wordt, en boven een instelling van wij-tegen-zij.

Als minister van Financiën van een klein land met een krappe begroting en zonder eigen centrale bank, dat door veel van onze partners als een problematische schuldenaar wordt gezien, vind ik dat we maar één keuze hebben: we moeten de verleiding weerstaan om dit beslissende moment als strategisch experiment te benaderen. We moeten daarentegen eerlijk de feiten geven over de Griekse sociale economie. We moeten onze voorstellen tot Grieks herstel presenteren en uitleggen waarom die in het Europese belang zijn. En we moeten de rode lijnen aangeven waar wij uit plichtsbesef niet overheen kunnen.

Het grote verschil tussen deze regering en eerdere Griekse regeringen is tweeledig: wij zijn vastbesloten de gevestigde machten aan te pakken om Griekenland een nieuwe start te geven en het vertrouwen van onze partners te winnen. We zijn ook vastbesloten om ons niet te laten behandelen als een schuldenkolonie die nu eenmaal haar lot moet ondergaan. Het principe van de grootste bezuinigingen voor de zwakste economie zou ook al vreemd zijn als het niet zoveel onnodig leed teweegbracht.

Mij wordt vaak gevraagd: stel nu dat de enige manier om financiering te vinden is dat jullie je rode lijnen overschrijden en maatregelen aanvaarden die volgens jullie deel van het probleem zijn in plaats van de oplossing? Omdat ik geen recht heb om te bluffen, is mijn antwoord: de lijnen die wij als rood hebben gepresenteerd, gaan wij niet over. Anders zouden ze niet echt rood zijn, maar louter bluf.

Maar stel dat dit jullie bevolking veel pijn doet, wordt me dan gevraagd. Natuurlijk bluffen jullie.

Het probleem met deze redenering is dat ze net als de speltheorie veronderstelt dat we in een tirannie van gevolgen leven. Dat er geen omstandigheden zijn waarin we moeten doen wat goed is, niet als strategie maar gewoon omdat het... goed ís.

In dit cynisme gaat de nieuwe Griekse regering verandering brengen. Wij zullen ongeacht de gevolgen stoppen met afspraken die verkeerd zijn voor Griekenland en verkeerd voor Europa. Er zal een einde komen aan het spel van ‘extend and pretend’ – van nieuwe leningen waarmee sinds 2010 de schijn wordt opgehouden dat de Griekse staatsschuld toch nog houdbaar is. Geen leningen meer – zonder een geloofwaardig groeiplan voor de economie om die terug te betalen, de middenklasse weer op de been te helpen en de afschuwelijke humanitaire crisis aan te pakken. Geen ‘hervormings’-programma’s meer die arme gepensioneerden en familiedrogisterijen treffen en grootschalige corruptie ongemoeid laten.

Onze regering vraagt onze partners niet om schulden kwijt te schelden. Wij vragen een paar maanden financiële stabiliteit die ons in staat stelt tot hervormingen die door alle Grieken kunnen worden gedragen, zodat wij weer groei krijgen en er een eind komt aan ons onvermogen om onze verplichtingen na te komen.

Dat wij van de speltheorie afstappen, lijkt ingegeven door een radicaal-linkse agenda. Integendeel. De grootste invloed is van Immanuel Kant, de Duitse filosoof die ons leerde dat verstandige en vrije geesten zich onttrekken aan het rijk van het opportunisme door te doen wat goed is.

Hoe weten we dat onze bescheiden beleidsagenda, die onze rode lijn vormt, Kantiaans gezien goed is? Dat weten we door de hongerigen in de straten van onze steden in de ogen te kijken of stil te staan bij onze geplaagde middenklasse, of na te denken over de belangen van hardwerkende mensen in elk dorp en elke stad binnen onze Europees muntunie.

Europa zal immers alleen haar ziel herwinnen als het de belangen van de bevolking centraal stelt en daarmee haar vertrouwen herwint.