Akkoord tussen strijdende partijen in Libië nu heel urgent

Ook al voor de terreurbeweging Islamitische Staat opdook in Libië, vormde de gewelddadige chaos in dat land een bedreiging voor de regio. En dus ook voor Europa, aan de overkant van de Middellandse Zee. Sinds de val van Moammar Gaddafi in 2011 is Libië niet alleen een slagveld geworden voor verschillende milities, waarvan sommige banden hebben met Al-Qaeda. Terwijl het land steeds verder uiteenviel, konden wapens en strijders gemakkelijk de grenzen passeren. Daardoor konden conflicten elders, zoals in Mali, gevaarlijk hoog oplopen.

Libië groeide als het centrum van een uitgebreide criminele economie, waarin de smokkel van wapens, drugs en mensen een belangrijke inkomensbron werd voor de strijdende partijen. De stroom migranten naar Europa nam fors toe. Jihadistische bewegingen konden een sterke positie bevechten. En twee rivaliserende regeringen, de ene in het oosten de andere in het westen, betwisten elkaar het gezag over het land.

Bij elkaar was dit al genoeg reden tot grote zorg. Maar hoe urgent de situatie is, drong pas goed tot de buitenwereld door toen dit weekeinde een filmpje naar buiten kwam van de executie van 21 Egyptische kopten aan een Libisch strand, uitgevoerd door moslimextremisten die zeggen zich bij IS te hebben aangesloten. Eerder al hadden met IS verbonden strijders een aanslag gepleegd op een luxehotel in Tripoli, waarbij tien mensen omkwamen.

Maar pas het gruwelijke spektakel aan de vloedlijn van de Middellandse Zee had het internationale schokeffect dat IS ook in Syrië en Irak keer op keer weet te bereiken met steeds barbaarsere daden. Met veel gevoel voor propaganda richtte een stem in het filmpje zich dreigend tot Europa en de ‘eeuwige stad’, symbool van westerse beschaving en christendom: „Nu zijn we ten zuiden van Rome, in Libië.” En: „We zullen Rome veroveren, als Allah het wil.”

Vooralsnog is niet duidelijk of Islamitische Staat in Libië meer is dan een of meer lokale milities die zich nu met de vlag tooien van de beweging die in Syrië en Irak grote gebieden onder controle heeft. Maar gevaarlijk is de situatie in Libië hoe dan ook. Buurland Egypte heeft met luchtaanvallen gereageerd op de executie van de kopten en wil nu dat de internationale gemeenschap in actie komt. Ook in Italië wordt gezinspeeld op een militaire interventie. Maar onduidelijk is niet alleen of landen daar werkelijk voor te porren zijn, maar ook of dat de situatie zou kunnen stabiliseren. Allereerst zou de internationale gemeenschap nu al haar politiek gewicht moeten zetten achter de pogingen van de VN-gezant voor Libië om een vergelijk tussen de strijdende partijen te bereiken.