Strijd tussen aanhangers Lully en Pergolesi al zingend uitgevochten

De Händel Revue is een operavoorstelling in de traditie van de pastiche: met allerlei fragmenten uit bestaand werk wordt een nieuw verhaal verteld.

Barokopera Amsterdam past dat toe op de staatkundige en muzikale geschiedenis van de vroege 18de eeuw. Er waren allerlei successieoorlogen (de Spaanse werd in 1713 beëindigd met de Vrede van Utrecht) en in 1714 werd de Duitser Georg van Hannover koning George I van Engeland, waarna zijn hofcomponist Georg Friedrich Händel de Londense operascene kon veroveren.

In Parijs woedde de Guerre des Bouffons: de strijd tussen de aanhangers van de oude Franse stijl van Lully en de nieuwe losse stijl van Pergolesi. We zien de Italiaans georiënteerde Händel en de verfranste Italiaan Lully wedijveren met hun versies van Armide. De strijd wordt besloten met een korte versie van Pergolesi’s komedie La serva padrona. De regiestijl van Sybrand van der Werf is luchtig, de operashow tussen de schuifdeuren heeft humor van het grappige soort. Händel zingt een aria en laat daarbij papieren met delen uit de tekst op de grond vallen zoals Bob Dylan in de film Dont Look Back (1967). Het geestige is dat de teksten op de vallende papieren soms niet kloppen met wat wordt gezongen.

De in Frankrijk en Nederland opgeleide artistiek leidster Frédérique Chauvet dirigeert een authentiek orkestje van negen musici en bespeelt zelf de fluit. Een vijfkoppige nieuwe generatie Nederlandse zangers doet zijn best.