Levert de overname van staatsverzekeraar SNS ook nog wat op?

De officiële aanmeldtermijn was eigenlijk al verstreken – toch heeft de Chinese verzekeraar Anbang Insurance Group zich ertussen weten te wurmen. Gisteren werd bekend dat het bedrijf de verzekeringsdochter van SNS Reaal, dat in 2013 in staatshanden kwam bij de nationalisatie van SNS Reaal, overneemt. Wat levert de overname minister Dijsselbloem (Financiën, PvdA) op?

Chinezen investeren meer dan 1,2 miljard

Anbang is bereid tussen de 1,2 en 1,5 miljard euro in Reaal te investeren. Het Chinese bedrijf dat vorig jaar volgens eigen opgaaf ruim 5 miljard netto winst behaalde, betaalt 150 miljoen euro voor Reaal. Daarnaast betaalt Anbang de leningen terug die Reaal van SNS Bank en de holding leende, een bedrag van 300 miljoen euro. En dan steekt Anbang ook nog tussen de 770 miljoen euro en 1 miljard euro nieuw geld in Reaal. Dat is nodig om de financiële positie van Reaal te versterken.

Voor Anbang, op de Chinese verzekeringsmarkt een middenmoter met 30.000 werknemers, is Reaal een mogelijkheid om zijn aanwezigheid in Europa te vergroten. Het bedrijf kocht onlangs ook al twee Belgische verzekeraars: Fidea en Delta Lloyd Bank België.

Veel verdient Dijsselbloem er niet aan

Het is nog onduidelijk wat Dijsselbloem uiteindelijk aan de verkoop van Reaal overhoudt. Veel zal het niet zijn. De 150 miljoen die Anbang voor de aandelen Reaal betaalt, komt niet rechtstreeks in handen van de staat, maar gaat naar de formele verkoper: SNS Reaal Holding.

Na toepassing van wat ingewikkelde technische constructies – waarmee  het bankonderdeel van SNS Reaal holding wordt losgekoppeld – kan de bank worden verkocht en die houdstermaatschappij worden opgeheven. Voor beide entiteiten rekent de staat op een opbrengst van 4,8 miljard euro. De nu al apart gezette vastgoedportefeuille Propertize staat voor een half miljard in de boeken. Verkoop van het gehele concern levert naar verwachting een boekwinst op van 52 miljoen euro – al geldt er voor die uitkomst een “hoge onzekerheid”, waarschuwt Dijsselbloem in zijn brief aan de Tweede  Kamer. En levert bovendien geen noemenswaardige daling van de staatsschuld op.

Wat staat er nu nog te koop?

Met de verkoop van Reaal NV, het moederbedrijf van verzekeringsmerken als Reaal en Zwitserleven, brengt minister Dijsselbloem de eerste financiële instelling uit zijn verzameling weer terug naar de markt.

Die verzameling heeft een hoop geld gekost. Sinds de redding van Fortis Bank Nederland in oktober 2008 stak de staat bijna 82 miljard euro in de Nederlandse financiële sector om die overeind te houden. Na de nationalisatie van Fortis (en daarmee automatisch die van de Nederlandse tak van ABN Amro) schoot de staat onder meer ING, Aegon en Leaseplan te hulp. In februari 2013 volgde nog de redding van SNS Reaal, het bank- en verzekeringsconcern uit Utrecht dat in de problemen was geraakt door een immense vastgoedportefeuille.

Volgens een recent verslag van de Algemene Rekenkamer heeft de Nederlandse Staat veel uitstaande steunmaatregelen inmiddels met winst weten af te ronden. Zo zijn alle garanties die de staat afgaf teruggebracht tot ruim 4 miljard. De garantstellingen zijn nooit ingeroepen, maar leverden de schatkist wel al 1,3 miljard aan vergoedingen op. Op de verkoop van de Amerikaanse hypotheekportefeuille van ING heeft de staat een boekwinst van 1,4 miljard geboekt.

In de overgebleven financiële instellingen heeft de staat nu nog ruim 35 miljard euro zitten. Het is minder waarschijnlijk dat ook dat allemaal terugkomt, laat staan winst op wordt gemaakt. De staatsbanken ABN Amro en SNS Bank moeten namelijk nog verkocht worden – daar zit meer risico.