Europese Joden worden bedreigd maar emigreren nog niet massaal

Terreuraanslagen in Parijs, Brussel en Kopenhagen vestigen de aandacht op een breder probleem: het groeiende antisemitisme in Europa. Ook onder autochtonen.

Agenten inspecteren een Joodse begraafplaats in Sarre-Union in het oosten van Frankrijk waar een groot aantal graven is beschadigd. Vijf tieners worden verdacht van de beschadiging. Zij zijn aangehouden. AP/Christian Lutz

Eerst Brussel, toen Parijs en nu ook Kopenhagen. Binnen acht maanden waren in Europa drie dodelijke terreuracties tegen Joodse doelen, die in totaal negen doden eisten. De aanval op een joodse school in Toulouse, in 2012, waarbij drie kinderen en een rabbijn omkwamen, blijkt terugblikkend geen op zichzelf staand geval te zijn geweest.

Die moordpartij in Toulouse en de aanslagen in Brussel en Parijs konden misschien nog als Franse kwestie worden beschouwd – ze werden door Franse moslims gepleegd. Maar de schutter bij de synagoge in Kopenhagen afgelopen weekeinde was een in die stad opgegroeide Deen.

Dit is een Europees probleem, zeggen Europees-Joodse organisaties. Helaas heeft de Deense regering, „net als andere regeringen op het continent”, nog niet de noodzaak gezien „alle Joodse instellingen 24 uur per dag te bewaken”, zegt rabbijn Menachem Margolin, voorzitter van de Europees-Joodse Associatie in een verklaring. De Joodse antidiscriminatieorganisatie CEJI in Brussel laat weten: „Hoe verschrikkelijk het ook is voor kinderen om naar school te gaan onder bescherming van gewapende agenten, het is minder traumatisch dan de dreiging waarmee Joodse gemeenschappen in Europa nu te maken hebben.”

„Eindelijk” is er door de aanslagen aandacht voor een al veel langer groeiend probleem van antisemitisme in Europa, zegt Esther Voet, directeur van het Centrum voor Informatie en Documentatie Israël, aan de telefoon. „Nu opeens is het journaille wakker.” Voor de stijging met een kwart van het aantal antisemitische incidenten in Nederland, door het CIDI gerapporteerd in maart 2014, kreeg Voet maar weinig aandacht, klaagt ze. „Het klimaat verslechtert. Het gaat om allochtoon én autochtoon antisemitisme – vlak het autochtone antisemitisme zeker niet uit.”

De aanslagen komen boven op niet-dodelijke, maar wel ingrijpende en vaker voorkomende incidenten waarmee de naar schatting 1,4 miljoen Joden in Europa te maken hebben. Afgelopen weekeinde nog werden in Oost-Frankrijk honderden Joodse graven geschonden.

Het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten in Wenen brengt het antisemitisme in Europa in kaart. Omdat de definities en de meetmethoden per lidstaat verschillen, valt uit de gegevens van de organisatie niet op te maken of het aantal antisemitische incidenten in Europa toeneemt. Wel wordt duidelijk dat Joden in Europa regelmatig met discriminatie, belediging, bedreiging en ook geweld te maken hebben.

Enkele incidenten die het EU-agentschap recentelijk optekende: op een zomerkamp in België krijgt een 10-jarig Joods meisje „vuile Jood” te horen van een klasgenoot. „Sieg Heil”, wordt gezegd tegen een Hongaarse Jood na een voetbalwedstrijd, voordat hij een klap krijgt. Op een Joods gebouw in het Italiaanse Padua verschijnen hakenkruisen.

Het EU-agentschap voerde in 2012 een groot opinieonderzoek uit onder Joden in acht landen (Duitsland, Frankrijk, Groot-Brittannië, Italië, België, Zweden, Hongarije en Letland) – waar naar schatting 90 procent van de Europese Joden woont. Meer dan eenvijfde van de ondervraagden kreeg in de 12 maanden voorafgaand aan het onderzoek te maken met belediging, intimidatie of geweld. Vooral Hongarije, Frankrijk en België scoren hoog.

In het onderzoek werd Europese Joden ook gevraagd naar plannen voor emigratie als gevolg van de onveiligheid. Rond de helft van de Franse en de Hongaarse Joden overweegt te vertrekken.

De aanslagen in Europa geven extra voeding aan deze discussie over de ‘aliyah’ – het verhuizen naar Israël. Het aantal Franse Joden dat deze stap zet is het afgelopen jaar verdubbeld naar 7.000. Elders in de EU is zo’n stijging niet waarneembaar.

Zowel na de gijzeling in Parijs als na de schietpartij in Kopenhagen riep de Israëlische premier Netanyahu Europese Joden op naar Israël te komen. Maar daarmee heeft hij zich de irritatie op de hals gehaald van enkele Europees-Joodse leiders. De Deense opperrabijn Jaïr Melchior zei „teleurgesteld” te zijn in de oproep van Netanyahu. „Terreur is geen reden naar Israël te verhuizen.” En Ronny Naftaniël, de oud-directeur van het CIDI, zegt telefonisch: „Wij moeten strijdbaar zijn en niet met de staart tussen de benen vertrekken. Ik vind het prachtig als mensen naar Israël vertrekken, uit vrije keus. Maar het moet niet zijn uit lafheid. Israëlische politici zeggen vaker dat ze willen dat het Europese Jodendom daar naartoe komt, maar zouden zij het waarderen als wij zo zouden reageren op een aanslag daar?”

CIDI-directeur Voet is het oneens met haar voorganger Naftaniël. „Ik begrijp de kritiek op Israël niet zo goed. Het valt van Netanyahu te verwachten dat hij zoiets zegt. Israël is opgebouwd als migratieland. Iedere Jood weet dat hij of zij welkom is.” Voet is zelf niet bang, zegt ze. „Mij krijgen ze niet weg. Maar bij vrienden en collega’s hoor ik: hoe erg zal het zijn over tien jaar zijn? Waar stopt het?”

Franse Joden waren vorig jaar verreweg de grootste groep West-Europese immigranten in Israël. Het aantal Joden uit de rest van West-Europa dat in 2014 naar Israël emigreerde, is betrekkelijk laag: nog geen 1.700.

Netanyahu heeft diverse motieven voor zijn oproep. In de Israëlische politiek bestaat al langer de vrees dat de Joden niet meer de meerderheid van de bevolking tussen Jordaan en Middellandse Zee zullen vormen. Ook vrezen Israëliërs dat Joden buiten Israël zullen assimileren, en dus niet meer herkenbaar zijn als Joods. Plus, niet onbelangrijk: een dergelijke oproep doet het goed bij de rechtse kiezer die Netanyahu volgende maand, bij de parlementsverkiezingen, hoopt te overtuigen van een stem op zijn Likud-partij.

In Israël krijgt de oproep van Netanyahu zowel kritiek als bijval. Zijn aanhangers zien het als de logische plicht van de premier van een zionistisch land om deze oproep te doen. Het is immers het doel van het zionisme om alle Joden naar Israël te halen. En is dat niet wat Israël altijd al heeft gedaan: bedreigde Joden opnemen?

Maar de kritiek liegt er niet om. Waarom roert Netanyahu zich in de zaak van Joden in andere landen, die hun eigen gekozen leiders hebben? President Reuven Rivlin en zijn voorganger Shimon Peres benadrukken dat de keuze voor de aliyah moet voortkomen uit liefde voor Israël – niet uit angst voor antisemitisme. Commentatoren plaatsen ook vraagtekens bij Netanyahu’s idee dat Israël veiliger zou zijn voor Joden dan Europa. Alleen in het afgelopen half jaar kwamen er al zeker tien Israëliërs om bij terreuraanslagen.