De Grieken willen koppen zien rollen

Bij Alexandros Politis (32) knapte er in december iets, toen hij de herberekende aanslag zag van het pensioen- en ziektefonds voor ingenieurs en architecten. Eerst was al per wet met terugwerkende kracht tot 2011 de verplichte afdracht met 30 procent verhoogd. Daardoor moest hij opeens ruim 2.000 euro extra ophoesten. „En daar werd dan ook nog eens rente over geheven”, zegt hij knarsetandend.

Dat was de limiet. „Ik heb een paar weken geleden mijn ingenieursvergunning ingeleverd”, vertelt hij als we bijpraten tijdens een etentje. Zonder vergunning mag hij geen bouwtekeningen meer goedkeuren. Maar dat maakt in de praktijk niet zoveel uit. „Er is toch geen werk. De bouw ligt al jaren stil. En intussen moesten we als zelfstandigen wel belastingen blijven betalen.”

Alexandros is de gematigdheid zelve. Een vrolijke bouwkundig ingenieur die zich specialiseert in energiezuinig bouwen. Hij stemt ‘groen’ en bij de laatste verkiezingen op Syriza, omdat de groenen in die coalitiepartij zijn opgegaan. Hij is iemand die best begrijpt dat de belastingen omhoog moeten als er een gat in de staatsbegroting zit en die de noodzaak om de Griekse overheid te hervormen onderschrijft.

Het heeft daardoor tot aan het einde van de crisis geduurd voor hij echt boos werd. Maar nu is het zover. „Mijn moeder is razend, mijn vrienden zijn razend, ik ook.” De manier waarop regeringen de afgelopen vijf jaar hebben gepoogd de staatsfinanciën rond te krijgen, heeft vijanden onder de bevolking gekweekt.

Een belangrijke reden massaal op Syriza te stemmen was dan ook wraak. Meer nog dan een herzien akkoord met de rest van de eurozone willen Grieken koppen zien rollen. Ze willen de grote namen van de afgelopen jaren, zoals Samaras en Venizelos, in een rechtbank in het beklaagdenbankje zien staan. Of liever: achter de tralies. Samen met hun vrienden in het bedrijfsleven. De komende tijd probeert de nieuwe regering die kiezers op hun wenken te bedienen en staan Griekse media vol met berichten over onderzoeken die worden geopend en aanklachten die worden ingediend.

Dat lest wellicht de dorst naar wraak. Maar voor werkgelegenheid zorgt het niet. Alexandros zoekt zijn heil in bij- en omscholing, naast een baan onder zijn niveau. Hij heeft net een tweede master afgerond in ‘milieubewust ontwerpen van gebouwen en steden’. Veel studiegenoten wonen en werken in het Verenigd Koninkrijk, Duitsland en Nederland. Zoiets overweegt hij ook. Hij spreekt intussen vloeiend Portugees.

Griekse ingenieurs in het noorden van het land, dicht bij de grens met Bulgarije, hebben een andere oplossing gevonden, vertelt hij. Ze openen een postbusfirma over de grens. Bulgarije is ook EU, dus dat kan. De belastingen en sociale premies zijn er stukken lager. In andere beroepsgroepen gebeurt hetzelfde. Veel Griekse vrachtwagens rijden nu op Bulgaars kenteken.

Alexandros heeft het ook overwogen. Maar: „Vooralsnog weiger ik mijn energie in dat soort dingen te stoppen”, zegt hij. „Ik wil als architect dingen creëren die duurzaam zijn. Het zou heel fijn zijn als politici zich daar ook op zouden richten.”