'We kunnen de Verlichting in gang zetten'

De Rotterdamse burgemeester Ahmed Aboutaleb werd in Los Angeles ontvangen door zijn ambtgenoot Eric Garcetti. Foto: Patrick T. Fallon/NRC

Buitenlandse burgemeesters bezoeken het Witte Huis doorgaans als toerist, maar de Rotterdamse burgemeester Ahmed Aboutaleb is er officieel uitgenodigd om er mee te praten over extremisme. Onder voorzitterschap van vice-president Joe Biden zal hij deelnemen aan de brainstorm over de situatie in westerse, multicultureel bevolkte steden. Alles kan ter sprake komen, van spanningen tussen bevolkingsgroepen tot jihadisten die de kalasjnikov oppakken.

Hij heeft wel een idee waarom hij is uitgenodigd voor de topontmoeting, zegt Aboutaleb (53) in Los Angeles, waar hij een handelsmissie aanvoert. „Ik weet dat de Amerikanen mijn verrichtingen altijd al volgen. Er is belangstelling voor wat ik zeg en doe.”

Het contact met de Amerikanen is sinds zijn aantreden in 2009 goed. Nieuwe ambassadeurs komen snel in Rotterdam langs. „Ik heb waarschijnlijk een net wat andere stijl van besturen dan gebruikelijk. Dan val je op.”

Dat is een understatement. Opmerkingen zoals die van Aboutaleb na de terreur in Parijs zijn ondenkbaar uit de mond van een Amerikaanse bestuurder. Zijn woede en advies aan extremisten die de vrijheid niet aankunnen – „ga maar”; „rot op” – zijn in de Amerikaanse de media instemmend geciteerd. In de hoogste kringen van Washington wordt hij met open armen ontvangen.

Maar de uitnodiging voor deze top kreeg hij al eerder. Rotterdam staat met 174 nationaliteiten bekend als een stad waar de spanningen al jaren oplopen. Hoe Rotterdam omgaat met de multi-etnische realiteit is een voorbeeld voor andere steden. En dus polste de Amerikaanse ambassade Aboutaleb vorig najaar over een bezoek.

Dat is opmerkelijk omdat een burgemeestersbezoek zeldzaam is, maar ook gezien de verschillen van inzicht tussen Aboutaleb en Obama. Ze zitten in dezelfde progressieve hoek, maar ze kijken anders naar de dreiging van de radicale islam.

Volgens het Amerikaanse anti-terreur-centrum NCTC zijn twintigduizend buitenlandse jihadi’s uit negentig landen actief in Syrië, onder wie 150 Amerikanen en honderden Europeanen. Obama vraagt om aandacht voor dat probleem, maar hij heeft het daarbij niet over religie. De top gaat over extremisme, zonder dat de islam wordt benoemd. Hetzelfde kan gezegd worden over de Amerikaanse strategie voor „lokale gemeenschappen tegen gewelddadig extremisme”, uit 2011. Religieuze minderheden worden in de VS traditioneel met respect behandeld. Mogelijk speelt ook mee dat Amerikaanse militairen in moslimlanden er door gevaar kunnen lopen. Niettemin komt het de president op kritiek te staan: hoe valt een fundamenteel probleem aan te pakken als het niet wordt benoemd?

Maar ook van de andere kant komt kritiek. Obama’s regering richt zich volgens islamitische belangengroepen te veel op moslims, niet op andere vormen van extremisme. De schietpartij in North Carolina, waarbij vorige week drie moslims werden vermoord, voedde die kritiek.

Aboutaleb voelt zich juist als moslim geroepen om extra duidelijk te zijn, zeker sinds de recente moordpartijen in Parijs, Sydney en het Canadese Ottawa. „Er zal een poging tot actie moeten worden gedaan binnen de islamitische gemeenschap”, zegt hij. „Het is voor sommigen confronterend dat ik dat zeg als moslim. Ik vind het vervelend dat mensen zeggen: je zet de islam in een kwaad daglicht. Dat is geenszins mijn bedoeling. Maar het benoemen van een probleem is het begin van een oplossing.”

Als enige islamitische burgemeester in Nederland speelt hij een bijzondere rol, beseft Aboutaleb. „Niet omdat ik verantwoordelijk ben voor de nationale veiligheid, dat is een taak van de regering. Maar ik voel me medeverantwoordelijk voor de stabiliteit in mijn stad en in Nederland.” Hij omarmt die rol en de internationale aandacht erbij. „Ik pak de verantwoordelijkheid zonder dat ik verantwoordelijk ben. Eigenlijk ben ik in een gat gesprongen zonder dat ik de diepte ervan kon inschatten.”

Tijdens de top zal hij aandacht vragen voor „ons collectieve falen”. Hij zegt: „We hebben deze jongeren niet goed weten uit te leggen dat ze misbruikt worden. Waarom slagen we er niet in om duidelijk te maken dat het helemaal geen religieuze strijd is? Het is de politieke strijd van meneer Bakr al-Baghdadi, die daar de macht wil hebben. Zoals helaas vaak gebeurt: hij gebruikt sloebers en zegt: ‘Jullie religie wordt bedreigd, kom helpen.’ Sloebers lenen zich daarvoor. Maar hun eigen geloof roept op tot matiging, niet tot radicalisering. Ik ken de koran, ik kan erover meepraten. Wees nou iemand van het midden.”

Waar hij met partijgenoten van mening verschilt – en ook met de regering-Obama – is de vraag of sociaal-economische investeringen helpen. Aboutaleb benadrukt het belang van werk en opleiding, maar hij betwijfelt of „het fenomeen van de uitreizende terrorist” ermee in de hand te houden is. „Dit zijn mensen die zó ver buiten de samenleving staan dat ze bereid zijn te sterven. Ik denk niet dat zij met een baan te behoeden zijn voor het besluit om naar zulke gebieden te vertrekken.”

„Het is een kwestie van vorming”, zegt Aboutaleb. „Veel van deze kinderen zijn geboren uit ouders met hun geringe scholing. Maar de vraag is: wie kan de boodschap van matiging het beste uitdragen? Dat is niet de minister-president en niet de burgemeester. Dat zijn de gemeenschappen.”

Van de 1,7 miljard moslims ter wereld wonen er relatief kleine aantallen in Europa (16 miljoen) en de VS (3 miljoen). Toch vindt de Rotterdamse burgemeester dat westerse moslims een voortrekkersrol moeten spelen – vanwege hun opleidingsniveau. Ze dienen gebruik te maken van de vrijheid van meningsuiting en hem te respecteren, óók als een belangrijk mechanisme om minderheden te beschermen, betoogt hij. Dat zal Aboutaleb in Washington duidelijk trachten te maken. „We kunnen de revolutie niet onderuit halen maar wel de Verlichting in gang zetten. Dat vereist de bereidheid om op te staan en de lead te pakken.”