Wanneer wordt prostitutie nou eens ‘normaal’ werk?

Het lukt maar niet een belangenclub voor sekswerkers op te richten. Nu is er Proud. „Ik hoop dat wij wél zullen worden gehoord.”

Foto Olivier Middendorp

De verdedigers van betaalde seks hebben het zwaar. Van christelijke zijde hebben ze net een serie tv-reportages om de oren gekregen (Jojanneke in de prostitutie van de EO). In de politiek zijn het christenen die prostitutie ter discussie stellen, maar ook sociaal-democraten. In Amsterdam werken gemeente en justitie nauw samen om misstanden als mensenhandel en uitbuiting te bestrijden en daarbij zijn stelselmatig bordeelramen gesloten. En er blijven maar boeken en artikelen verschijnen waarin prostituees worden voorgesteld als slachtoffers.

Gisteren presenteerde zich in Amsterdam een nieuwe voorvechter voor de branche: Proud, een vereniging voor en van sekswerkers. In Yab Yum, ooit ’s lands bekendste seksclub, sinds 2013 een museum. In de van leer, glas en klatergoud doortrokken ruimtes hieven bestuursleden en belangstellenden het glas op de toekomst van de prostitutie als normaal beroep.

Het doel van Proud is: emancipatie van de sekswerker. De methode: tegenover elk gruwelverhaal over uitgebuite vrouwen een positiever verhaal zetten. Toen de jongerenorganisatie van de ChristenUnie vorige maand op de Wallen hoerenlopers en toeristen opriepen om signalen van mishandeling of misbruik door te geven, organiseerde Proud een tegendemonstratie. „Dit is een nieuw hoogtepunt in de kruistocht tegen prostitutie. De christenfundamentalisten maken klanten bang terwijl het merendeel van de vrouwen op de Wallen gewoon rustig wil kunnen werken”, liet de vereniging in een persbericht weten.

Zelforganisatie in de prostitutie is tot nog toe een moeizame geschiedenis gebleken. Amsterdam heeft een aaneenschakeling van mislukkingen gekend. ‘Vakbond’ de Rode Draad ging in 2012 failliet. De stichting Geisha, aanvankelijk gekoesterd door de gemeente, is vorig jaar geïmplodeerd, de voormalige directeur houdt zich onbereikbaar. En toen de gemeente eindelijk een prostituee meende te hebben gevonden die het échte verhaal van de Wallen wist te vertellen, Patricia Perquin, onthulde de Volkskrant dat zij een journaliste was die mogelijk een groot deel van haar belevenissen had verzonnen.

In dat perspectief begint Proud haar werkzaamheden. Mariska Majoor is het vertrouwde gezicht van de vereniging. Zij trok zich in 1994 terug uit het sekswerk om het Prostitutie Informatie Centrum te openen. Lyle Muns is het nieuwe gezicht. Hij is 21 jaar, geboren in Maastricht, opgegroeid in België en studeert politicologie aan de Universiteit van Amsterdam. En daarnaast is hij sekswerker. Niet achter de ramen op de Wallen, maar op een netwerksite waar hij zijn eigen profiel heeft staan zodat klanten hem kunnen vinden.

„Ik hoop dat wij wél door de overheid zullen worden gehoord”, zegt Muns.

Waarom zou Proud het beter vergaan dan die andere initiatieven? Muns: „De Rode Draad was een stichting, Geisha was een stichting. Wij zijn een vereniging. Wij vertegenwoordigen de sekswerkers zelf.”

De gemeente Amsterdam is gereserveerd over de nieuwe belangenbehartiger. „We merken dat er een gebrek aan organisatiekracht is onder de sekswerkers”, zei een woordvoerder van burgemeester Van der Laan anderhalve week geleden, toen het college van B en W bekendmaakte prostituees te willen helpen hun eigen exploitatie op te zetten. De gemeente zou panden ter beschikking stellen aan een rechtspersoon van prostituees, geholpen door hulporganisatie HVO Querido.

Volgens Proud is de gemeente „tot op de dag van vandaag bezig bordeelramen te sluiten”, zegt Lyle Muns. „Het gaat ze om minder ramen en minder sekswerkers.” Hij wijst op het onbedoelde effect van dat beleid. „De gemeente wilde de machtspositie van exploitanten ten opzichte van de sekswerkers verkleinen. Maar doordat er nu veel ramen zijn gesloten en er dus minder exploitanten zijn, hebben degenen die zijn overgebleven juist meer macht.”

Hij zegt dat het belangrijkste gevolg van het nieuwe gemeentelijke beleid een enorme administratieve rompslomp is, voor vrouwen en exploitanten. Proud is vooralsnog niet van plan een rol te spelen in het zelfbeheer van de prostituees, zegt Muns. „Voor ons staat de positieverbetering van álle sekswerkers voorop.”

Exploitanten zullen geen lid worden van de nieuwe vereniging. Muns: „Dat zou raar zijn. Onze belangen lopen soms parallel, maar soms staan we tegenover elkaar. Er is een soort functionele spanning.”