Voor de zekerheid halen de Grieken extra geld van de bank

Vandaag is het cruciale EU-overleg over de Griekse schuldenlast. Zullen de banken wel openblijven?

Voor de National Gallery in Londen werd gisteren solidariteit betuigd met Griekenland. De nieuwe regering bepleit versoepeling van het schuldenbeleid. Foto Lefteris Pitarakis / AP

Wie het er hardop over heeft verpest de hoopvolle sfeer. Maar veel Grieken geven toe de afgelopen dagen wat extra contanten te hebben opgenomen. Gewoon voor het geval de banken gesloten blijven en de pinautomaten op zwart gaan, zoals in 2013 in Cyprus gebeurde.

Een bankrun mag het niet heten. Er staan geen rijen bij geldautomaten. Toch verdwenen, sinds in december duidelijk werd dat er vervroegde verkiezingen aankwamen, miljarden euro’s extra van Griekse spaarrekeningen. In december was dat 4 miljard meer dan normaal, in januari tot aan de verkiezingen 11 miljard. Volgens dagblad Kathimerini is in februari al zeker 3 miljard euro opgenomen.

Een ‘bankmarathon’, noemt een Griekse analist van een bank in Londen het. Het grote geld is al veel eerder in de crisis naar het buitenland gesluisd. Wat nu wegsijpelt is spaargeld van particulieren die niet opeens zonder cash willen zitten als kapitaalbeperkingen worden ingesteld, zei hij tegen persbureau Bloomberg.

Gelijk aan een doodvonnis

Vandaag zijn in Brussel de ook voor de banken cruciale onderhandelingen van de Griekse regering met de andere eurolanden over de aanpak van het Griekse schuldenprobleem. De linkse Syriza-regering heeft de verkiezingen gewonnen met de belofte dat een einde komt aan de zware bezuinigingen die het land moet doorvoeren in ruil voor de miljardensteun tijdens de eurocrisis.

De Europese Centrale Bank kan het Griekenland heel moeilijk maken door de geldtoevoer naar de banken te stoppen, wat vrijwel gelijk zou staan aan een doodvonnis. Een voorproefje kwam op 4 februari, toen de ECB besloot vanaf 11 februari geen Griekse staatsobligaties meer als onderpand te accepteren.

Griekse banken die aan de vraag naar contant geld willen voldoen, kunnen daardoor niet meer rechtstreeks bij de ECB terecht. Ze moeten naar het noodloket van hun eigen centrale bank. Die mag van de ECB zogeheten Emergency Liquidity Assistance verlenen. De centrale bank leent de banken dan geld op basis van onderpand dat normaal niet zou voldoen, tegen een hoger tarief.

Hoger plafond

Een indicatie voor hoe moeilijk de banken het hebben is dat de baas van de Griekse centrale bank, Yannis Stournaras, de ECB afgelopen week gelijk al toestemming vroeg om meer noodhulp te mogen verlenen. Na een inderhaast belegd telefonisch overleg donderdagavond verhoogde de ECB dat noodhulpplafond met 5 miljard euro naar 65 miljard. Dat zal de ECB niet oneindig blijven doen, want het duurdere krediet tegen minder sterk onderpand verzwakt de banken waar de ECB toezicht op houdt.

Ook zonder dat de Grieken miljarden weghalen worstelen de vier grote banken om te overleven. Tussen de 30 en 40 procent van de leningen aan particulieren en bedrijven wordt niet of niet op tijd afgelost. Maar daar willen ze het niet publiekelijk over hebben. Griekse bankiers zijn moeilijk aan het praten te krijgen. De politieke en financiële onzekerheid maakt dat elk interview een dag later achterhaald kan zijn. „Ik ontwijk de media”, sms’t een ex-bankier in reactie op een interviewverzoek.

Huisuitzettingen

De politieke veranderingen zorgen voor extra onzekerheid. Syriza gelooft in een sterke overheid. Bankiers vrezen meer politieke invloed op hun beleid – kort na de verkiezingen kondigde een aantal topbankiers zijn vertrek aan, onder wie Giorgos Zanias en Alexandros Tourkolias van de National Bank of Greece.

Een thema dat het bankmanagement raakt, is het recht van banken om mensen met die hun hypotheek niet betalen, uit hun huis te zetten en de woning te veilen. Daarop gold tijdens de crisis een moratorium, nu mag het mondjesmaat weer. Syriza wil dat recht weer beperken. Goed nieuws voor mensen met schulden. Maar de schuldeisers, in dit geval de banken, zouden het nakijken hebben.