Verboden film wint in Berlijn

De belangrijkste prijs van het filmfestival van Berlijn ging naar ‘Taxi’ van de Iraanse regisseur Panahi.

Hana Saeidi, het nichtje van regisseur Jafar Panahi, kwam zijn Gouden Beer ophalen in Berlijn. Foto Epa/ Tim Brakemeier

De Iraanse regisseur Jafar Panahi heeft zaterdag de Gouden Beer van het filmfestival van Berlijn gewonnen voor zijn film Taxi. De regisseur, die een beroepsverbod van twintig jaar kreeg opgelegd van de autoriteiten in zijn land, kon de prijs niet zelf in ontvangst nemen. Juryvoorzitter Darren Aronofsky overhandigde de prijs aan het nichtje van de regisseur, Hana Saeidi, die een rol heeft in de film. Ze was in tranen: „Ik ben zo ontroerd, ik kan niks zeggen.”

Taxi is al de derde speelfilm die Panahi tegen zijn officiële beroepsverbod in toch wist te voltooien, en de beste. Hij speelt zelf de hoofdrol als een taxichauffeur in Teheran. Via een reeks geestige ontmoetingen met passagiers schetst Panahi een beeld van de Iraanse samenleving, en stelt ook de absurditeiten van de censuur in zijn land aan de orde.

De Grote Jury Prijs (de tweede prijs) ging naar de Chileense cineast Pablo Larraín voor zijn bikkelharde, confronterende film El Club. De film gaat over een huis waar wegens pedofilie in opspraak geraakte priesters zich schuilhouden. De rust wordt verstoord als een van hun voormalige slachtoffers opduikt en luidkeels verhaal begint te halen. Larraín gaat geen smerig detail van het misbruik uit de weg in een woedende, cynische film.

Beste acteur en beste actrice gingen – zeer ongebruikelijk – naar twee acteurs in dezelfde film. Tom Courtenay en Charlotte Rampling spelen een stel dat aan de vooravond staat van hun 45-jarig huwelijksfeest in het Britse 45 Years van Andrew Haigh. Hun levens wankelen als het lichaam wordt gevonden van zijn eerste vriendin, die een halve eeuw eerder is verongelukt in de Zwitserse Alpen. Rampling en Courtenay geven een masterclass ingehouden en impliciet acteren.

De Zilveren Beer voor vernieuwende cinema ging naar een debuutfilm uit Guatemala: Ixancul van Jayro Bustamante. Hij maakte een knappe en overtuigende film over het precaire bestaan van de inheemse bevolking in zijn land. Koffiebonenplukster Maria dreigt te worden uitgehuwelijkt aan de voorman van de plantage waar ze werkt, en wil op de vlucht slaan naar de Verenigde Staten.

Daarna kwam de kennelijk verdeelde jury er niet meer zo goed uit, en koos ervoor om een aantal prijzen ex aequo uit te delen. Dat doet onvermijdelijk afbreuk aan de betekenis en het prestige van prijzen. Beste regie ging naar de Poolse Malgorzata Szumowska voor de absurdistische komedie Body, en naar de Roemeen Radu Jude voor zijn Oost-Europese western Aferim!

De prijs voor beste camerawerk was er voor zowel het Russische Under Electric Clouds (Evgeniy Privin en Sergey Mikhalchuk) als de Duitse misdaadfilm Victoria (Sturla Brandth Grovelen) die in één take is gedraaid.