Van de Meeberg overtuigt met tomeloze energie

Met groot vertoon van macht won de jonge Thijs van de Meeberg zaterdag zowel de jury- als de publieksprijs in Leiden. Een „rascabaretier”.

Foto Martin Oudshoorn

Een nieuwe cabaretier is geboren. Overtuigend won Thijs van de Meeberg zaterdagavond zowel de jury- als de publieksprijs van het VARA Leids Cabaret Festival 2015. Met zijn tomeloze energie en gedrevenheid toonde Eindhovenaar Van de Meeberg (1988) zich thuis te voelen op het podium en al over veel finesse en tegenwoordigheid van geest te beschikken.

De jury, onder leiding van literatuurwetenschapper Laurens Ham, was na de finale zeer onder de indruk van „rascabaretier” Van de Meeberg: „Zijn spel, mimiek en timing zijn telkens raak. Er zitten goede, onverwachte plotwendingen in het programma en hij boort steeds nieuwe lagen in zijn thematiek aan.”

In vijfentwintig minuten wist Van de Meeberg al op een intelligente manier tot een goed doordachte thematische aanpak te komen, die zijn buitengewoon geestige verhalen een fundament gaf. Eerst wees hij erop dat je als kind veel moet leren voor later. Waarna hij als centrale vraag poneerde: Maar wat als het later is? Hoe hou je dan de regie over je eigen leven? Zijn goed doortimmerde optreden over die existentiële kwestie rondde hij af met een fraaie frappe.

Volgens de jury wist de winnaar „een moraal naar voren te brengen zonder moralistisch te worden, in de traditie van de beste cabaretiers. Het is bijzonder dat hij zo authentiek is, en zich tegelijkertijd tot die grote voorbeelden kan verhouden.”

De winst van Van de Meeberg betekent dat het Leids Cabaretfestival na De Partizanen in 2013 en Tim Fransen in 2014 opnieuw een winnaar met groot perspectief voortbrengt. Van de Meeberg is student aan de Koningstheater Academie in Den Bosch, een hbo-opleiding voor cabaret. Daar gingen eerder cabaretiers als Katinka Polderman, Nathalie Baartman, de Dames voor na Vieren, Pieter Derks en Louise Korthals school.

Tim Hartog en Nabil (volledige naam Nabil Aoulad Ayad) waren de andere finalisten in de Leidse Schouwburg. Hartog (1988) speelde met stiltes, vertragingen en ongemakkelijkheid. De jury waardeerde dat zijn optreden bekeken kon worden „als een reflectie op het genre cabaret”. Hartog onderzocht „wat er gebeurt wanneer de cabaretier niet een ontmaskeraar en afzeiker van het publiek is, maar een verlegen goedzak die expliciet aanmoediging en steun van zijn publiek vraagt”.

Nabil (1986) was volgens de jury zowel „een talentvolle, veelzijdige theatermaker”, „een geoefende stand-upper”, „een bekwaam pianist” als „een knap imitator”. Hij deed „verbluffend realistisch Wes en Youssou N’Dour na”. Dat Nabil zich in de week naar de finale toe sterk verbeterde toonde volgens de jury aan dat hij „een toekomst in het theater” heeft.