Lekker eigenzinnig richting het WK-goud

Kampioenen Tina Maze, Anna Fenninger en Marcel Hirscher trekken elk hun eigen plan richting de top.

Marcel Hirscher was gisteren de snelste in de eerste run van de slalom, maar miste een paaltje tijdens de tweede. Foto Nathan Bilow/AFP

De eigenzinnigheid heeft gezegevierd na twee weken skiën om elf wereldtitels in het Amerikaanse Vail-Beaver Creek. Tina Maze, Anna Fenninger en Marcel Hirscher, de drie excellente goudgravers, volgen nadrukkelijk hun eigen spoor. De nationale skibond is voor hun weinig meer dan een facilitair bedrijf.

Zelfstandigheid, daar gaat het om als een talentvolle skiër de top wil bereiken. Omringd worden door eigen trainers, eigen materiaalmensen, eigen (para)medische specialisten en een eigen manager brengt het beste in de besten naar boven, blijkt telkens weer. Maze (2x goud, 1x zilver), Fenninger (2x goud, 1x zilver) en Hirscher (2x goud, 1x zilver) stonden in de bergen van Colorado model voor die aanpak. De prijs die zij daarvoor moeten betalen: bonje met hun nationale bond.

De exponent bij uitstek voor ski-individualisme is Maze, die al in 2008 brak met de Sloveense bond en haar eigen team – Team to aMaze – formeerde. Destijds min of meer gedwongen, omdat de Sloveense bondsbestuurders haar relatie met de zestien jaar oudere fitnesstrainer van de nationale ploeg, de Italiaan Andrea Massi, niet accepteerden.

Geen probleem, counterde Maze, die haar eigen plan trok en Massi ook tot haar manager en technische trainer maakte. Verder bestond ‘Team to aMaze’ uit een masseur en materiaalman. Sinds dit seizoen is daar Valerio Ghirardi aan toegevoegd. De voormalige Italiaanse topskiër is Mazes trainer; met Massi verliep de technische samenwerking niet meer zo soepel.

Op de onafhankelijkheid van de bond volgde Mazes internationale doorbraak. Sinds de breuk bouwde de 31-jarige skiester uit Crna een indrukwekkende erelijst op: 21 wereldbekeroverwinningen, eindzeges in vier wereldbekerklassementen en twee olympische en vier wereldtitels. Alleen Lindsey Vonn presteerde beter.

Winnaarspositie

Fenninger en Hirscher hebben nog wel banden met de machtige Oostenrijkse skibond ÖSV, maar maken handig gebruik van hun winnaarspositie. Tot ongenoegen van bondsvoorzitter Peter Schröcksnadel, die als manager voor de skiester uit de nationale ploeg optreedt. Behalve voor Fenninger, die haar eigen commerciële ruimte claimt. Zij laat zich bijstaan door de Duitse manager Klaus Kärcher, die door zijn harde zakelijke opstelling persona nog grata bij ÖSV is geworden. Het is hem wel gelukt dat Fenninger haar muts en helm voor eigen sponsoruitingen mag gebruiken.

Zo is Fenningers zwarte helm bijvoorbeeld voorzien van het vachtpatroon van de cheetah, het jachtluipaard waarvoor de skiester - een groot liefhebster van poezen - zich hartstochtelijk inzet. Fenninger is de Europese ambassadrice van het Cheetah Conservation Fund (CCF).

Als drukmiddel houdt Kärcher een nationaliteitsruil met Duitsland achter de hand. Een vertrek van de succesvolste skiester naar een concurrerend land is wel het laatste wat de Oostenrijkse bond wil; daar hebben ze slechte ervaringen mee. En dus krijgt Fenninger deels haar zin. Evenals Hirscher, die voor elkaar heeft gekregen dat vader Ferdinand als zijn persoonlijke trainer aan de technische staf van de nationale skiploeg is toegevoegd. Samen met een eigen materiaalman vormt Hirscher een team binnen de nationale selectie.

Een positie die voorheen ondenkbaar was. Neem Marc Girardelli, een talentvolle skiër uit de jaren tachtig en negentig die brak met ÖSV, omdat zijn vader hem niet mocht trainen. Girardelli liet zich naturaliseren tot Luxemburger en zou voor het groothertogdom vier keer wereldkampioen worden, tweemaal olympisch zilver winnen en vijf keer de prestigieuze algemene wereldbeker veroveren.

De Hirschers houden eenzelfde scenario achter de hand indien de bond zijn inschikkelijkheid verliest. Vanwege de Haagse afkomst van Marcels moeder heeft de skiër ook een Nederlands paspoort en is een overstap zo geregeld. In een interview met deze krant zei vader Ferdinand twee jaar terug eerlijk: „Er is nooit serieus sprake van geweest, omdat Marcel alle selecties overleefde. Maar het komt ons van pas, we hebben een alternatief.”