Dat was het dan. Voor nu

Volle tribunes, baanrecords en een topsfeer: de WK afstanden waren een waardig afscheid van het oude, versleten Thialf. Het is hoog tijd voor een verbouwing, waardoor het ijsstadion de komende twee jaar ontbreekt op de wedstrijdkalender.

Sven Kramer viert zijn wereldtitel op de 5.000 meter met een ererondje in Thialf. Foto Vincent Jannink/ANP

Het kan dus nog: een „ramvol Thialf”, zoals Sven Kramer het noemde, spectaculaire baanrecords en een sfeer die deed denken aan de hoogtijdagen van ’s werelds beroemdste schaatstempel. Alsof de rijders, de fans en ijsmeester Beert Boomsma op gepaste wijze afscheid wilden nemen van het oude stadion.

Thialf is 28 jaar na zijn opening afgebladderd en versleten – alleen al het dak lekt energie als water. Maar voor de schaatsers, die een groot deel van hun carrière zijn aangewezen op troosteloze, uitgestorven hallen in Milwaukee, Moskou of Erfurt, blijft Heerenveen de heilige plek waarop alles een keer samen moet vallen. Het bracht Shani Davis zelfs tot tranen, zaterdag, toen hij wereldkampioen werd op ‘zijn’ 1.000 meter. „Ik heb olympisch goud gewonnen, wereldtitels, maar ik heb nog nooit gehuild. Ik wilde altijd al een keer wereldkampioen worden in Thialf. Hier juichen meer dan tienduizend mensen voor mij, alsof ik één van hen ben. De sfeer is ongelooflijk hier.”

Zelfs de Nederlanders die hier opgroeiden en regelmatig klagen over het ijs, de temperatuur en het beperkte licht, voelen dat sentiment. „Een baanrecord op dit ijs voelt als een wereldrecord”, zei Kramer, kind van Thialf, nadat hij zijn zesde wereldtitel op de 5.000 meter had behaald in een nieuwe lokale toptijd (6,09,65).

Hoe goed de omstandigheden waren bij het laatste grote toernooi in het oude Thialf bewezen de toptijden bij de WK afstanden. Behalve Kramer reden ook tweevoudig wereldkampioene Brittany Bowe (1.000 meter) en de Rus Denis Joeskov (1.500 meter) baanrecords. „Je vraagt je bijna af waar die verbouwing nog voor nodig is”, grapte Kramers coach Jac Orie.

Inmiddels is de baan gesloten. Nadat de laatste klanken van het Friese volkslied gistermiddag waren weggestorven gingen direct de eerste stekkers eruit. De Zamboni’s schraapten vandaag al de laatste millimeters ijs van de vloer. De komende twee jaar ondergaat het kloppend hart van de schaatswereld voor zo’n vijftig miljoen euro een ingrijpende operatie, in twee fases.

In oktober van dit jaar gaat de ijsbaan weer open, voorzien van compleet nieuwe vloerinstallaties. Ondertussen wordt de nieuwe behuizing om het oude stadion heen gebouwd. In 2016 is de renovatie klaar. „Dan hebben we weer het modernste ijsstadion ter wereld”, zegt ijsmeester Boomsma.

1,2 miljoen euro aan energiekosten

De verbouwing van Thialf, dat in 1986 de eerste overdekte 400-meterbaan ter wereld was, is hard nodig, zegt Boomsma. „Alleen al vanwege de exploitatie. We betalen nu 1,2 miljoen euro per jaar aan energiekosten. Dat hadden we nooit volgehouden. Na de verbouwing verbruiken we 52 procent minder energie.”

Maar voor de schaatswereld zal het wennen zijn: een half jaar geen ijs in Heerenveen en een Thialfloze wedstrijdkalender. Voor het eerst sinds mensenheugenis wordt in 2015 en 2016 geen EK of WK in Heerenveen gehouden. Maar Arie Koops, directeur sport bij de KNSB, sluit niet uit dat er volgend seizoen, tussen de verbouwingen door, alsnog nog een wereldbekerwedstrijd naar Thialf komt. „Maar het kan geen kwaad om de grote toernooien ook eens op andere plaatsen te houden. We hebben bij het EK allround in Tsjeljabinsk gezien dat je ook buiten Nederland schaatsliefhebbers hebt.”

De verbouwing heeft wel praktische gevolgen voor de Nederlandse schaatsers. De topschaatsers, ook de shorttrackers, wonen allemaal in of rond Heerenveen; zij moeten voor hun dagelijkse trainingen vandaag al uitwijken naar ander ijs. „We hebben al uren gereserveerd in Groningen en Dronten”, zegt Koops. „Volgend jaar is de baan van Leeuwarden klaar, en ook Enschede heeft een goede ijsbaan.”

Volgens Koops biedt de verbouwing juist veel kansen, nu Heerenveen geen zomerijs kan bieden. „De shorttrackers gaan drie weken trainen in Zuid-Korea, sommige langebaanteams gaan naar Calgary. Het is juist goed om het een keer heel anders te doen, om de ingesleten patronen eens te doorbreken. In een olympische cyclus moet je niet elk jaar hetzelfde doen.”

Thialf blijft Thialf

En de schaatsers krijgen er wel wat voor terug, als het nieuwe Thialf straks klaar is, zowel voor de trainingen als de wedstrijden. De capaciteit van zo’n 11.000 plaatsen verandert overigens niet. „We kunnen straks de energiestromen tot achter de komma beheersen”, zegt Boomsma. „De temperatuur en het licht worden beter voor het publiek en de schaatsers, er komt meer ruimte, beter zicht op het ijs vanuit het hele stadion. En we krijgen vooral een heel stabiele ijsbaan voor iedereen. Je kunt straks moeiteloos drie 10.000 meters of zes 5.000 meters achter elkaar rijden zonder dweilpauze.”

Maar Boomsma zal geen reclamepraatjes houden als het gaat om de snelheid van zijn nieuwe ijs. In 2000, rond de laatste grote renovatie van het ijsstadion, beloofde ijsadviseur Bertus Butter dat Thialf minstens zo snel kon worden als de recordbaan van Calgary, die op 1.035 meter hoogte ligt. Thialf ligt 40 centimeter boven zeeniveau. Boomsma: „Ik ga niet van de daken roepen dat ons ijs straks veel sneller zal zijn dan nu. Het is niet een kwestie van even een kunstje uithalen.”

Het klinkt zoals in de officiële slogan bij de verbouwing: Thialf blijft Thialf. Voor de rest wordt alles nieuw.