OM bagatelliseerde brand bij Vodafone

Het Openbaar Ministerie heeft in 2012 de gevolgen van een brand in een aftapcentrum van Vodafone bewust kleiner voorgesteld. Het OM had daarvoor „tactische redenen”, zegt een woordvoerder nu.

In april 2012 brandde een Vodafonegebouw in Rotterdam af, waarin naast afluisterfaciliteiten ook een database met belgegevens van ruim vijf miljoen klanten was opgeslagen. De backup daarvan stond in hetzelfde gebouw en raakte door waterschade eveneens onbruikbaar.

In een rapport van toezichthouder Agentschap Telecom werd opgenomen dat de verwoestende brand „geen grote problemen bij politie en Openbaar Ministerie heeft opgeleverd”. Het OM laat nu weten dat de opsporing wel degelijk werd belemmerd. „Dat rapport is ons bekend en om ‘tactische redenen’ is dat toen zo naar buiten gebracht. Maar er is wel degelijk hinder geweest, ook al konden de gevolgen daarvan beperkt worden.” Mogelijk was het OM bang dat dit soort databanken het doelwit zouden worden van criminelen. Of was het de bedoeling misdadigers in de waan te laten dat de politie bij de opsporing nauwelijks gebruik maakt van historische belgegevens.

Een woordvoerder van Bits of Freedom, dat zich inzet voor de bescherming van privacy op internet en het onderzoeksrapport opvroeg, noemt het „onacceptabel” dat het OM „een toezichthouder voorliegt”.