‘Ze wisten dat dit onacceptabel was’

SP-raadslid Maureen van der Pligt herkent zich niet meer in de koers van de fractie en stapt op. „Ik kon echt niet verder.”

Ex-raadslid Maureen van der Pligt. „Ik ben een hardliner.” Foto Boaz Timmermans

Slechte week voor de SP in Amsterdam, voor fractievoorzitter Daniël Peters en wethouder Arjan Vliegenthart (werk en inkomen) in het bijzonder, en voor de coalitie van D66, VVD en SP in het algemeen.

Raadslid Maureen van der Pligt nam woensdag afscheid van de gemeenteraad. Meer dan acht jaar heeft ze er gecontroleerd en geopponeerd dat het een aard had, „met kennis en compassie” zoals burgemeester Van der Laan het in zijn toespraak bij haar afscheid zei. Het is die combinatie die haar begin deze week bracht tot de aankondiging van haar vertrek. Van der Pligt gooide daarbij een steen door de ruiten van de liberaal-socialistische coalitie die de stad sinds de zomer bestuurt.

Ze heeft moeite met de koers van de SP sinds die linkse partij aanschoof bij de rechts-liberale meerderheid van D66 en VVD. Steen des aanstoots is voor haar het banenplan dat SP-wethouder Arjan Vliegenthart aan het maken is. Dat een leerstage, ook bij commerciële bedrijven, deel uitmaakt van dat plan, was voor haar onbestaanbaar. „Doe het dan alleen bij culturele instellingen, of in de zorg”, zegt Van der Pligt.

De SP ligt in Amsterdam onder een vergrootglas. Voor het eerst in het bestuur van de hoofdstad, in een coalitie met D66. Het wordt beschouwd als een vuurproef voor de bestuurlijke capaciteiten en voor de compromisbereidheid van de socialisten. En als proeftuin voor een landelijke coalitie.

In een coalitie moet je compromissen kunnen sluiten, heet het dan.

„Over die perspectiefbanen is in de collegeonderhandelingen van vorig jaar, onder meer door mij, heel hard onderhandeld. VVD en D66 waren tegen, maar we hebben het gekregen zoals we het wilden: stoppen met werken zonder loon. De afspraak was: een perspectiefbaan zou vanaf dag 1 worden betaald. Arjan weet precies hoe het zat, hij was informateur.

„In de eerste maanden heeft hij vooral de troep van zijn voorganger Andrée van Es opgeruimd. Daar heb ik wel eens water bij de wijn moeten doen, als het me niet snel genoeg ging.

„Maar in november kwam hij dan met zijn eigen plan. Hij had met mij niets overlegd. Staat erin dat je een half jaar zonder loon werkt! En daarna nog eens een half jaar met minimumloon. Ongelooflijk. Ik was verschrikkelijk boos. En de fractie dekte hem.

„In januari kreeg het plan veel kritiek in de raadscommissie en toen trok Arjan het in. Hij komt binnenkort met een nieuwe versie.”

Weet u dan wel zeker dat u niet te vroeg weg gaat? Vliegenthart zei: ‘De fractie en ik hebben haar niet kunnen geruststellen’. Dat klinkt of hij u nog tegemoet wilde komen.

„Ik heb hem in de fractie op de man af gevraagd: ben je bereid uit het plan te schrappen dat mensen ook bij commerciële bedrijven een half jaar stage kunnen lopen? Nee, dat was hij niet.

„Ik heb bij de SP op drie principes leren toetsen. Gelijkwaardigheid, menswaardigheid en solidariteit. Nou, bij dit voorstel kon ‘gelijkwaardigheid’ al meteen in de prullenbak. Maar toen we er in de fractie over stemden was het 5-1. Duidelijker kan het niet zijn. Misschien dat hij er nog wel iets aan verandert nu ik weg ben. Als het eruit is, heb ik toch mijn zin gekregen, al is het dan zonder mij.”

Toen AT5 fractievoorzitter Peters vroeg of hij nog wel echte SP-principes had, volgde een half minuutje met „euhs” en „tja’s” en „da’s een goeie vraag”. Is er iets veranderd aan de principes bij de SP?

„Er is iets veranderd in de samenstelling van de partij. Bij de verkiezingen van 2006 en 2010 zijn er veel nieuwe leden bijgekomen die niet dezelfde activistische achtergrond hadden als de leden van het eerste uur. Ik ben ideologisch geschoold in de jaren tachtig. Ik ben een hardliner.”

U maakte zich druk over de nieuwjaarsreceptie van de gemeente.

„Die werd gesponsord door de Rabobank. Voor mij principieel onbegrijpelijk dat daar partijgenoten naartoe gaan. Dat de SP-wethouders gaan, snap ik. De fractievoorzitter, ook nog. Maar raadsleden? Ik ben sowieso tegen die nieuwjaarsreceptie. Je staat op kosten van de burgers te drinken.”

Waarom zeggen verschillende mensen in het stadhuis dat deze breuk gelijmd had kunnen worden?

„Geen idee. Ze wisten dat dit voor mij onacceptabel was. In de fractie hebben we een felle discussie gehad in december. Ik kan snoeihard zijn. Daar heb ik heel duidelijk gemaakt waar ik stond. Na die vergadering ben ik een maand niet in de raad geweest. Niemand heeft dat opgemerkt.

„Ze hebben mij nu gevraagd of ik geen interviews wilde geven over mijn afscheid, behalve aan Het Parool. Maar kom op, ik laat me niet zwart maken.”

De partijtop zal het u niet in dank afnemen.

„Het is natuurlijk klote-timing net voor de Provinciale Statenverkiezingen. Maar ik kon echt niet verder. Er is me wel gezegd: blijf toch zitten en stem dan elke keer tegen de voorstellen. Tsja, wat heb je daar nou aan?”