Teloorgang van de ‘tien’ gaat snel

Goud voor Jorrit Bergsma, Erik-Jan Kooiman verrast met zilver. Maar toekomst voor de tien kilometer?

Zonder concurrentie van Sven Kramer glijdt Jorrit Bergsma in Thialf naar de wereldtitel op de tien kilometer. „Rondjes rijden is mijn passie.” ANP/Vincent Jannink

Daar glijdt de nieuwe wereldkampioen Jorrit Bergsma over de finish, idool van schaatsend Friesland en in eigen Thialf weer een klasse apart. Op de tribune applaudisseert zijn ploeggenoot Erik-Jan Kooiman, die bij zijn WK-debuut verrassend als tweede is geëindigd. De 28-jarige zoon van voormalig Elfstedencracks Jan en Ineke Kooiman uit Ammerstol gaf zijn baan als aardrijkskundeleraar op om dit te kunnen meemaken. „Rondjes rijden is mijn passie”, legt hij uit. „We zingen hoempa-hoempa-hoempa, tè-tè-dè”, galmt intussen uit de speakers door de hal. Niets mooiers dan een tien kilometer. Maar hoelang nog?

„Ze willen er blijkbaar vanaf”, concludeert voormalig olympisch kampioen en wereldrecordhouder Gianni Romme in de tunnel onder het ijs over ‘zijn’ tien kilometer. Ze zijn de bestuurders van de internationale schaatsunie ISU, die in hun onmetelijke wijsheid uitgerekend de langste en zwaarste afstand hebben geprogrammeerd op de eerste dag van de WK afstanden. „Heel slecht dat ze het als eerste hebben neergezet”, zei olympisch kampioen Bergsma al in de aanloop naar het toernooi. „Het lijkt er op dat ze er vanaf willen.” En wat zegt Kooiman over zijn olympische ambities in 2018? „Ik hoop maar dat de internationale bond de tien kilometer er nog een beetje inhoudt.”

Zelden waren de tribunes leger dan gisteren bij een grote wedstrijd in de Heerenveense schaatstempel, die na dit WK sluit en wordt ‘vernieuwbouwd’. Sinds het EK van 1896 is de tien kilometer een vast onderdeel van het programma en apotheose van menig titeltoernooi. Om anno 2015 te verworden tot bijnummer op de donderdagavond. „De tien wordt weggebonjourd tot een B-nummer”, stelt ook Romme vast. „Het moet juist het sluitstuk zijn, zoals de marathon bij de Olympische Spelen. Dit kun je niet verkopen aan het publiek. Moet je kijken wat er zit, op de eerste dag van het laatste WK in het oude Thialf. Dit is niet goed voor onze sport.”

Sven Kramer zag het op voorhand niet zitten om op de openingsdag de strijd aan te gaan met Bergsma, die hem de afgelopen twee jaar versloeg op WK en Spelen. Hij onthield het Friese publiek een titanenduel zoals een jaar geleden, toen hij bij het olympisch kwalificatietoernooi in één van de mooiste tien kilometers ooit in Thialf uit verloren positie alsnog van Bergsma won. Zo’n ‘ultimate fight’ zou in zijn huidige vorm teveel kapot maken, oordeelde Kramer, die betere kansen ziet op ploegachtervolging (vandaag) en vijf kilometer (morgen). „Fysiologisch een begrijpelijk keuze”, vindt Romme, die ook van buitenlandse coaches hoorde dat ze de ploegachtervolging belangrijker achten dan de ‘tien’.

Nog een veeg teken voor de toekomst van de tien kilometer: alleen in Seoul stond dit jaar nog een wereldbekerwedstrijd op het programma. Bergsma en Kramer lieten verstek gaan, routinier Bob de Jong won met enorme voorsprong. De ISU ziet meer toekomst in de massastart - voor het eerst op het WK-programma, direct gepromoveerd tot sluitstuk en beoogd olympisch onderdeel in Peyongchang 2018. Ten koste van de tien kilometer?

„De 10.000 meter mannen en 5.000 meter vrouwen zijn geen aantrekkelijke afstanden voor schaatsers, tv-kijkers etcera”, schreef ISU-voorzitter Ottavio Cinquanta vorig jaar al in een uitgelekte brief. De Italiaan stoorde zich ook aan de Nederlandse dominantie op de langste afstand. „Sport leeft bij de gratie van spannende competitie”, sprak hij kritisch tijdens een dweilpauze bij de olympische tien kilometer in Sotsji, met alweer een Nederlandse ‘clean-sweep’. Zijn oplossing om een-twee-drietjes te voorkomen? Vanaf dit jaar mogen nog slechts twee Nederlanders meedoen op de langste afstand.

Toch waren de Nederlandse schaatsers ook gisteren weer veel te sterk voor de rest. Nog nooit won bij de WK afstanden een buitenlander. Na vijf keer Bob de Jong, vier keer Romme, drie keer Kramer en twee keer Carl Verheijen behaalde nu Bergsma zijn tweede wereldtitel. In 12.54,82 was hij veel sneller dan ploeggenoot Kooiman (13.02,57), die op zijn beurt weer een kloof sloeg met nummer drie, de Duitser Patrick Beckert (13.10,95).

Volgens Kooiman zetten de marathonrijders uit de Clafis-ploeg van coach Jillert Anema in hun gezamenlijke trainingen een niveau neer waar de rest van de wereld niet aan kan tippen. „Dat is voor eenlingen uit Rusland of België niet te doen.” Eerder noemde Bob de Jong de buitenlanders „watjes”, en sprak Anema van „lui en decadent gedrag.” Kijk naar Beckert, die vorig jaar niet inging op een aanbod van Clafis. „Hij wilde niet volledig meetrainen”, aldus Bergsma gisteren.

Bij de Spelen van Sotsji veroorzaakten de Noren een rel in eigen huis door zich massaal terug te trekken voor de tien kilometer. Hun sponsor haakte af. Romme – die met zijn wereldrecord van 13.03,40 van november 2000 in Thialf nog moeiteloos brons zou halen – vindt het gebrek aan internationaal niveau geen argument om de ‘tien’ te schrappen. „Wat is oorzaak en wat is gevolg? Wordt er in het buitenland niet meer op getraind? Dan moet je het juist belangrijk maken.”

Bart Veldkamp, olympisch kampioen van 1992, kreeg gisteren weer een sprankje hoop. „Het niveau van de buitenlanders wordt iets beter.” Zijn eigen pupil, de Belg Bart Swings, liet de teugels pas in de slotronden vieren toen hij zag dat brons er niet meer inzat. Sverre Lunde Pedersen (nog altijd pas 22) reed sterk, tot hij 600 meter voor de eindstreep ‘stierf’. En de Duitsers, ruim vertegenwoordigd bij de media, bejubelden hun held Beckert.

Maar Romme ziet het somber in. „Volgend jaar heb je hetzelfde format bij de WK afstanden, over twee jaar is er geen grote vierkamp meer op het EK. Dan gaat er weer wat vanaf. En er komt heus geen extra wereldbeker bij.” De teloorgang van de tien kilometer? „Het gaat snel.”