Één domme tweet gooide Justine Sacco’s leven overhoop. En zo ging dat ook voor anderen

“Going to Africa. Hope I don’t get AIDS. Just kidding. I’m white!” Justine Sacco tweette dit in 2013 en kreeg het internet over zich heen. Jon Ronson zocht haar en anderen die online aan de schandpaal werden genageld op. Een kijkje in de gevolgen van ‘public shaming’.

“Going to Africa. Hope I don’t get AIDS. Just kidding. I’m white!” Justine Sacco, pr-vrouw bij het grote Amerikaanse mediabedrijf IAC, 170 volgers, stuurt nog even een laatste tweet voordat ze vanuit New York naar Kaapstad vliegt. Als ze na de landing haar telefoon weer aanzet, is het internet over haar heen gevallen. Hoe hád ze dit kunnen sturen? Ze werd ontslagen en haar leven lag overhoop. Jon Ronson zocht haar en anderen op die vanwege een soortgelijke domme fout de wraak van het internet moest voelen. In het magazine van de New York Times staat een voorproefje van het boek wat Ronson erover schreef.

Één lange vliegreis en Sacco’s Twitterfeed was een aaneenschakeling van onvrede, scheldpartijen en hoongelach geworden. IAC, haar werkgever, ontdekte de tweet ook al sneller dan Sacco de reacties erop. “Dit is een belachelijke, beledigende tweet. Werknemer in kwestie momenteel onbereikbaar op een internationale vlucht.” Uiterst serieus dus, maar anderen zagen er weer een vorm van vermaak in:

The furor over Sacco’s tweet had become not just an ideological crusade against her perceived bigotry but also a form of idle entertainment. Her complete ignorance of her predicament for those 11 hours lent the episode both dramatic irony and a pleasing narrative arc. As Sacco’s flight traversed the length of Africa, a hashtag began to trend worldwide: #HasJustineLandedYet. “Seriously. I just want to go home to go to bed, but everyone at the bar is SO into #HasJustineLandedYet. Can’t look away. Can’t leave” and “Right, is there no one in Cape Town going to the airport to tweet her arrival? Come on, Twitter! I’d like pictures #HasJustineLandedYet.”

Het verhaal van Ronson is een klassiek journalistiek ik-verhaal. Hij was zelf ook een ‘shamer’ op Twitter, zo schrijft hij. Hij deed mee aan het schandpaalnagelen van anderen, soms begon hij er zelf mee. Ronson was er snel bij toen een journalist die zijn documentaires altijd slechte recensies gaf een opmerkelijke column over het doodschieten van een baviaan schreef. Hij tweette erover, en tweets van vele anderen volgden. Maar toen kreeg hij een ander inzicht, schrijft hij:

Eventually I started to wonder about the recipients of our shamings, the real humans who were the virtual targets of these campaigns. So for the past two years, I’ve been interviewing individuals like Justine Sacco: everyday people pilloried brutally, most often for posting some poorly considered joke on social media. Whenever possible, I have met them in person, to truly grasp the emotional toll at the other end of our screens. The people I met were mostly unemployed, fired for their transgressions, and they seemed broken somehow — deeply confused and traumatized.

Want dat zijn de mensen die Ronson sprak voor dit artikel. Verward. Getraumatiseerd. Mensen zoals Alicia Ann Lynch, het meisje dat met Halloween verkleed ging als slachtoffer van de aanslagen tijdens de marathon van Boston. Of Lindsey Stone. Zij liet zich op een begraafplaats naast een tombe fotograferen terwijl ze leek te schreeuwen en haar middelvinger opstak. Naast haar stond een bordje waarmee mensen verzocht werd stil te zijn en respect te tonen.

Insomnia, post-traumatische stressstoornis, depressie. De mensen die Ronson sprak, waren en zijn er slecht aan toe. En dat allemaal dankzij een misplaatste tweet of een foute foto. Sacco, die een hoofdrol heeft in het verhaal van Ronson, noemt de ervaring “ongelofelijk traumatisch”.

“All of a sudden you don’t know what you’re supposed to do,” she said. “If I don’t start making steps to reclaim my identity and remind myself of who I am on a daily basis, then I might lose myself.”

Ronson neemt de lezer mee terug in de tijd, naar de oorsprong van ‘public shaming’ en probeert erachter te komen waarom zo veel mensen er gretig aan meedoen. Sacco vertelt ook nog over de keer dat ze de journalist van Valleywag, een onderdeel van de populaire (roddel)website Gawker, ontmoette die mogelijk een belangrijk aandeel had in de verspreiding van haar tweet.

De moraal van het verhaal: uiteindelijk willen de personen die iets doms (maar iets wat grappig bedoeld is) online zetten dezelfde aandacht als de mensen die en masse meedoen aan het aan de schandpaal nagelen.

Lees het hele verhaal van Jon Ronson, How One Stupid Tweet Blew Up Justine Sacco’s Life, bij de New York Times (4.250 woorden, leestijd 19 minuten).