De groei is niet langer broos, maar robuust

De Nederlandse economie is vorig kwartaal redelijk gegroeid. Een probleem is langdurige werkloosheid.

De economische groei is niet meer broos, maar bestendig. De cijfers zijn nog altijd allesbehalve spectaculair, maar hangen tenminste niet meer rond de nul. Een groei van 0,5 procent, die het Centraal Bureau voor de Statistiek vanmorgen bekendmaakte voor het vierde kwartaal, is tegenwoordig heel redelijk.

Over het hele vorige jaar kwam de groei uit op 0,8 procent, na twee jaar krimp. De vooruitzichten zijn dat die dit jaar verder aantrekt. Peter Hein van Mulligen, hoofdeconoom van het CBS, noemde de resultaten vanmorgen robuust. „De groei wordt nu duidelijk breder gedragen. Die draait niet langer alleen op de export. Ook de industriële investeringen en de binnenlandse consumptie trekken aan.”

Minister Henk Kamp (Economische Zaken, VVD) noemde de groeicijfers „bemoedigend”, al is „de ruimte voor extra uitgaven nog beperkt”. Behalve de groei is ook de werkgelegenheid in het afgelopen kwartaal flink verbeterd. Ten opzichte van het kwartaal ervoor kwamen er 42.000 banen bij.

Dat betekent echter niet dat de werkloosheid veel gedaald is. Het aantal werklozen daalde met slechts 2.000, naar 633.000. Het verschil is ontstaan, doordat veel meer mensen zich hebben gemeld op de arbeidsmarkt. Een aantal van hen staat nu te boek als werkloos, terwijl zij voorheen niet in de werkgelegenheidsstatistieken waren opgenomen.

Het aantal langdurig werklozen stijgt nog steeds. Gemiddeld was ruim 40 procent van de werklozen in 2014 langer dan een jaar werkloos. Dat is drie keer zo hoog als in 2009. Volgens Kamp is dit „een belangrijk aandachtspunt, omdat dit kan leiden tot permanent verlies van kennis en verdienvermogen”.

Een ander risico is volgens Kamp dat de wereldeconomie iets tegenvalt. Dit kan gevolgen hebben voor de Nederlandse export. Toch was Kamp vooral optimistisch: „Er zijn mensen die zeggen dat we nooit meer de groeicijfers van voor de crisis zullen halen. Ik betwist dat. De ambitie van het kabinet ligt dan ook hoger dan de verbeterde verwachtingen voor dit jaar en volgend jaar. Ik zie een land vol mogelijkheden en kansen.”

Nederland groeide in het vierde kwartaal beter dan de eurozone als geheel, die uitkwam op 0,3 procent. De twee grootste economieën van de muntunie lieten grote verschillen zien. Duitsland groeide met een onverwacht sterke 0,7 procent, Frankrijk kwam niet verder dan 0,1 procent.

Italië kende nul procent groei, wat niet tegenviel, Spanje groeide met 0,7 procent. De Griekse resultaten vielen tegen. Daar was een krimp van 0,2 procent, na drie kwartalen van groei.