Akkoord over Oekraïne is een begin; houd druk op Rusland

Het akkoord dat gisteren in Minsk is gesloten, biedt geen fundamentele oplossing voor de oorlog in het oosten van Oekraïne. Maar het is beter dan niets. Als kanselier Merkel en president Hollande vorige week niet een diplomatiek offensief hadden ingezet, of als de urenlange onderhandelingen in Minsk niets hadden opgeleverd, had de situatie in Oekraïne er nu een stuk slechter uitgezien.

„Het is een sprankje hoop, niet meer en niet minder”, zei Merkel nuchter, zij het wel erg bescheiden. Als een van beide partijen zich niet aan de nu gemaakte afspraken houdt, dan kan het al snel gedaan zijn met het akkoord. Eerdere ervaringen maken sceptisch: het in september overeengekomen bestand, ‘Minsk 1’, bleek al vrijwel meteen na ondertekening geen enkele waarde te hebben. De oorlog ging gewoon door.

Voor de burgerbevolking in het oorlogsgebied is de situatie uiterst penibel. Voor hen is het belangrijk dat er nu een kans is dat de wapens zullen zwijgen als in de nacht van zaterdag op zondag het bestand ingaat. Dat er vandaag nog wordt doorgevochten, is niet in strijd met de afspraken, maar een goed begin is het evenmin.

Voor de Oekraïense regering is van groot belang dat de opmars van de separatisten tot staan komt, als de overeenkomst althans overleeft. De sleutelvraag is nu of de Russische president Poetin de pro-Russische separatisten onder druk zal zetten om de afspraken na te leven. Dankzij steun uit Rusland, van zowel mankracht als moderne wapens, hebben zij de afgelopen weken veel terrein veroverd. Ze hebben de overhand op het Oekraïense leger, dat slecht bewapend is en gedemotiveerd.

Het akkoord weerspiegelt de machtsverhoudingen op de grond. De Oekraïense president Porosjenko heeft weliswaar de toezegging binnengehaald dat er een staakt-het-vuren komt, dat zware wapens worden teruggetrokken en dat buitenlandse strijders het gebied zullen verlaten. Maar hij heeft ook bijzonder pijnlijke concessies moeten doen: pas eind 2015 krijgt zijn land, als aan bepaalde voorwaarden is voldaan, weer de volledige controle over de grens met Rusland. Tot die tijd kan de aanvoer van strijders en materieel voor de separatisten dus ongehinderd doorgaan. En over het Oekraïense schiereiland de Krim, door Rusland vorig jaar geannexeerd, wordt in het akkoord met geen woord gerept.

De Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) gaat toezien op naleving van het akkoord – maar heeft niet de middelen om dat af te dwingen. Dat maakt het extra belangrijk dat het Westen Rusland onder druk blijft zetten om te zorgen dat het akkoord in daden wordt omgezet.