Knutselen is geen hogere wiskunde

Na kleurplaten voor volwassenen blijken ook knutselworkshops voor 18-plussers populair.

Deelnemer aan een Cardboardworkshop in Rotterdam met ‘draagbare stad’. Foto Mathijs Stegink

Dat Lowlandbezoekers enthousiast reageren op hun vraag om een bootje te vouwen en een gracht over te steken, klinkt nog logisch. Maar ook zakenmensen ‘communiceren’ zonder aarzeling met zelfgeknutselde poppen tijdens de workshops van kunstenaarscollectief Cardboarders. Hun knutseluurtjes zijn populair bij een zeer uitlopend (volwassen) publiek. Komende zaterdag gaan ze bijvoorbeeld fröbelen met bezoekers van het Pop Arts Festival, een festival voor poppen- en objecttheater in Amsterdam.

De Cardboarders zijn Mathijs Stegink, Michaël Veerman en Astrid van der Velde, drie beeldend kunstenaars met een lerarenopleiding. Ze gaven al langer workshops met verschillende materialen, maar verlegden drie jaar geleden hun focus naar karton. „Het is fantastisch materiaal. Je kunt er heel snel heel grote dingen mee maken en het is laagdrempelig”, zegt Stegink (38) in hun Amsterdamse kantoor. „In tegenstelling tot een wit vel papier of mooie stofjes zijn mensen er niet bang voor.”

De knutselkunstenaars zijn inmiddels veelgevraagde gasten op festivals en (bedrijfs)feestjes. Op hun website beloven de Cardboarders teamwork en collectieve creativiteit te stimuleren. Als mogelijke verklaring voor hun succes noemt Stegink zelf het „kneuterige” en dat de workshops „een groene do it yourself-mentaliteit” aanspreken. Maar wie thuis knutselt of fröbelt, houdt het vaak klein. Stegink: „Bij ons moet het groot, snel en kort. Wij zijn stoer kneuterig.” Met de razend populaire kleurplaten voor volwassenen heeft cardboarden volgens Stegink weinig te maken. „Dat zijn voorgeprepareerde knutseldingen. Wij stimuleren om zelf dingen te bedenken en te maken.”

In de diverse workshops gelden dezelfde basisregels. Het knutselwerk moet groter dan de maker worden en binnen de workshopduur af. Stegink. „En er moeten risico’s genomen worden.” Het karton mag alleen bewerkt worden met lijmpistolen en stanleymessen. Zichtbaar dronken deelnemers worden dus weggestuurd.

Aan het begin van de workshop geven de Cardboarders een vrij algemene opdracht, die blijkt vaak voldoende voor een hele avond knutselvertier. „Onlangs kreeg ik nog een heel verzekeringskantoor op een bedrijfsuitje aan het knutselen met: ‘Bedenk ‘iets’ van karton, waarmee je een pingpongbal kunt gooien en opvangen en een bijpassend kostuum dat je armen en benen bedekt’”, legt Stegink uit. „Het is vaak heel simpel en best raar dat mensen ons inhuren en betalen. Knutselen is geen hogere wiskunde.”

Ook over de toewijding van de deelnemers zijn de Cardboarders soms zelf verbaasd. „Vooral mannen gaan er vaak zo in op dat ze verder helemaal stoppen met contact maken. Soms zit een jongen een festival lang alleen in onze tent te knutselen, terwijl hij veel geld betaald heeft voor de muziekoptredens.”

De resultaten van de workshops zijn vaak indrukwekkend. In recordtempo verreizen kartonnen maskers en echt varende boten. Toch gaat het volgens Stegink nooit om het eindresultaat. „We maken geen beeldende kunst, maar plezier. Karton blijft sowieso nooit lang mooi. Het zakt zo weer in elkaar.”