Grieken zijn collectief betoverd

Critici van Syriza zijn in Griekenland in de minderheid. Het volk is de Europese ‘trojka’ beu.

Syriza-aanhangers en een orthodoxe geestelijke betuigden gisteren voor het parlement in Athene hun steun aan het Griekse onderhandelingsteam in Brussel. Foto Yorgos Karahalis/AP

Aan het einde van iedere werkdag komen er vrienden naar het kantoor van Sotiris Padadopoulos (69), architect in Athene. Ze roddelen wat. Nemen het nieuws door en blikken erop vooruit. „Alsof het hier een kapperszaak is.” Hij zet koffie, want dat kan hij goed. Zij nemen iets zoets mee.

Sinds de linkse partij Syriza aan de macht is gaat het nieuws zo snel dat ze het amper kunnen bijbenen met hun analyses. De discussies zijn fel als altijd. Maar voor de verandering is de hele vriendengroep van twintig man het nu over een ding eens: we moeten als Grieken eenheid tonen. Dit is niet het moment voor verdeeldheid en partijpolitiek, maar voor strijdlust.

De Grieken verkeren in een collectieve betovering. De politici van Syriza hebben – zolang ze zich aan hun verkiezingsbeloften houden – een heldenstatus. Uit een peiling die afgelopen zondag werd gepubliceerd door opinieonderzoeker ALCO blijkt dat 75 procent van de Grieken de harde opstelling van de regering in de onderhandelingen met Europa over de Griekse staatschuld steunt. En 67 procent gelooft in het beleid zoals tot nu toe is gepresenteerd, twee keer zoveel als het percentage dat op Syriza stemde. Minister Yanis Varoufakis heeft al een fanclub.

Grieken die het trojka-programma (EU, Europese Centrale Bank en IMF) nog openlijk steunen, zijn in de minderheid en krijgen het zwaar te verduren op sociale media. Nikolas Economides (36) is daar een van. Hij werkt voor de Alpha Bank en spuwt zijn meningen fanatiek op Facebook. „Mijn probleem is dat ik niet geloof dat Syriza uiteindelijk echt in de eurozone wil blijven”, zegt hij. In de loop van de crisis heeft hij alle Syriza-aanhangers die hem volgden geblokkeerd, omdat de discussies onplezierig werden.

Met opgeheven hoofd

Grieken, politieke dieren, smullen ervan dat hun leiders zich niet laten intimideren. ‘Misschien lukt het niet en krijgen we de drachma terug. Dan hebben we wel gevochten en gaan met opgeheven hoofd ten onder,’ is de teneur. Veel mensen herkennen zich in de opmerking van Varoufakis eerder deze week: je kunt niet onderhandelen als je niet bereid bent te verliezen.

„Laten we onze verschillen aan de kant zetten en een positief aura uitstralen richting de regering”, zegt architect Papadopoulos gewichtig, terwijl hij achterover leunt in zijn bureaustoel. Hij heeft de partij waarop hij stemde, To Potami, een brief geschreven om ze te manen in de oppositie geen ‘oude politiek’ te bedrijven. Dus niet automatisch tegen alles stemmen wat de regering doet. Zoals Syriza bij de regering-Samaras deed en Samaras bij de regering-Papandreou. En Papandreou bij Karamanlis enzovoorts. „Want ik ben er ontzettend moe van. Ontzettend moe van de negatieve manier waarop Griekenland de voorpagina’s beheerst.”

Woensdagavond werd in grote Griekse steden opnieuw gedemonstreerd om het onderhandelingsteam een hart onder de riem te steken tijdens de eurogroepbijeenkomst in Brussel. In Athene stonden ongeveer 15.000 mensen voor het parlement. Studente Maria Manda – met een bord tegen Merkel en voor democratie en vrijheid – zegt: „Het is voor het eerst dat Grieken demonstreren omdat ze een regering steunen, die echt namens het land onderhandelt.”

De sfeer tijdens het protest is heel anders dan tijdens de massademonstraties aan het begin van de crisis. Toen werd routineus de confrontatie met de politie opgezocht, die hard terugsloeg. Woensdagavond is er weinig politie op straat. Kort na de verkiezingen zijn bovendien de dranghekken voor het parlement verwijderd, hoewel het nieuwe kabinet beweert daar geen opdracht toe te hebben gegeven. Mensen raken niet uitgepraat over de symboliek. Er is wat hen betreft een nieuw politiek tijdperk aangebroken, met een regering van het volk. Zondag gaan ze opnieuw de straat op voor steunbetuiging.

Dimos Sgoumpopoulos (49) handelt in onderdelen voor dieselmotoren en heeft een garage in Athene. Ook hij merkt dat de lust om over politiek te discussiëren terug is. „Wij Grieken houden daar sowieso van, maar de afgelopen jaren was het een beetje tam. Iedereen voelde zich lamgeslagen door de economische neergang. Eindelijk zijn we weer geïnteresseerd.”

Als ondernemer is hij een beetje bang dat de economische opleving die vorig jaar begon weer ten einde komt. Maar als mens is hij blij. „Het is belangrijk dat dit nieuwe politici zijn. Zonder de last van het verleden. Dat geeft ons hoop.”