Loterij ziet cultuur niet langer als goed doel

De BankGiro Loterij gaat haar naam wijzigen en een nieuw beleid ontwikkelen. De culturele instellingen die begunstigd worden, zullen niet meer als ‘goede doelen’ worden betiteld, maar als ‘partner’. Met de culturele instellingen wil de loterij de komende tijd brainstormen hoe loterijdeelnemers meer bij de activiteiten van de musea en theaters betrokken kunnen worden.

Dat maakte voorzitter Boudewijn Poelmann gisteren bekend tijdens het Goed Geld Gala. De opbrengst van de loterij was vorig jaar licht gestegen naar 125,1 miljoen euro, daarvan gaat 62,5 miljoen naar de culturele instellingen. De voormalige Amsterdamse wethouder Pieter Hilhorst is adviseur bij het veranderingsproces.

Twee jaar geleden schakelde de loterij de culturele instellingen al in om geoormerkte loten te verkopen. De opbrengst daarvan (3 miljoen euro) krijgen ze zelf. Het Rijksmuseum krijgt ruim 1 miljoen euro extra. Ook instellingen als de Kunsthal, Paleis het Loo en het Nederlands Openluchtmuseum weten er goed van te profiteren.

De BankGiro Loterij geeft dit jaar onder meer extra bijdragen aan de nieuwe Museumweek (1,3 miljoen euro) en het nieuwe Theaterweekend (821.000 euro) die cultuurbezoek moeten stimuleren. De loterij wil graag via bijzondere activiteiten haar deelnemers meer naar de begunstigde instellingen krijgen. „We willen graag dat onze deelnemers zich geprivilegieerd voelen”, zei Poelmann. „Dus dat zij wel naar Rothko kunnen als de kaarten uitverkocht zijn”, gaf hij als voorbeeld.