Iedereen op zijn hoede als Raonic serveert

Canadees servicekanon vermaakt publiek in Ahoy met opslag van 230 kilometer per uur

Hard serveren is de specialiteit van Milos Raonic, nummer zes van de wereld. ANP/Koen Suyk

Bam. Bam. Bam. Bij een service van Milos Raonic schieten de ogen meteen naar de snelheidsmeter in sportpaleis Ahoy. Hoe hard serveert hij nu weer? 220 kilometer per uur is voor hem zo’n beetje standaard. De hardste gistermiddag: 230 km per uur. Bondscoach Guus Hiddink, die dicht langs de baan toekijkt vanuit een viploge, moet zich af en toe rot geschrokken zijn.

Het Canadese servicekanon vuurt de ene na de andere verwoestende opslag af op de Russische qualifier Andrei Koeznetsov. Het servicegeweld heeft effect, Raonic wint bij zijn debuut in Rotterdam: 6-7, 6-1 en 7-5. Gisteravond plaatste ook de Tsjechische titelverdediger Tomas Berdych zich voor de tweede ronde.

Hard serveren is de specialiteit van Raonic, nummer zes van de wereld. Negentien aces en een percentage van 88 procent gewonnen punten op zijn eerste service – dat was de oogst gisteren. Het zijn aantallen vergelijkbaar met de goede dagen van oud-servicespecialist Richard Krajicek, nu toernooidirecteur van het ABN Amro-toernooi. Ze zijn even lang: 1 meter 96. Een wetmatigheid in het tennis: hoe langer, hoe meer mogelijkheden je hebt om hard en gericht te serveren.

Snel, sneller, snelst, daar lijkt het vooral om te draaien bij de 24-jarige Raonic – die op zijn derde met zijn familie vanuit het door oorlog verscheurde Montenegro naar Canada verhuisde. Ballenjongens en lijnrechters zijn op hun hoede als hij de baan betreedt. Zijn hardste opslag tot nu toe op de ATP-tour staat op 249,9 kilometer per uur. De snelste ooit is geslagen door de onbekende Australiër Samuel Groth: 263,4 km per uur

Kickt Raonic ook op hard autorijden? „Niet echt”, zegt hij op de persconferentie. „Ik hou ervan om mijn tijd te nemen. Ik wil niet haasten. Maar ik heb wel snelheidsboetes gehad, een stuk of drie. Gelukkig voor mij en voor de gezondheid van de toernooiauto’s, rijd ik hier niet.”

Het is spektakel met Raonic op de baan, niet alleen vanwege zijn kanonskogels. In een opvallend felgroen shirt staat hij te spelen – de kleur komt overal in zijn kleding terug: op zijn sokken, zijn broekje en zijn schoenen. Als Ahoy wordt verduisterd bij zijn opkomst, geeft Raonic licht.